Last update: 2 May 2017

Onderwijs

Strategische trends

  • De richting van het onderwijs

    Geen sector is zo divers, complex en verbonden met de maatschappij als het onderwijs. Waarom en waartoe leiden wij op? Dat is de vraag die we voortdurend moeten stellen om richting te bepalen. Hoe kan het anders en beter? Hoe kunnen we het onderwijs beter afstemmen op de leerbehoefte en talenten van leerlingen/studenten en beroepen in verschillende vakgebieden? Elk jaar publiceert de Onderwijsinspectie de Staat van het Onderwijs. De opvallendste uitkomsten van dit jaar gaan over talent dat verloren gaat door ongelijke kansen en steeds groter wordende verschillen in de kwaliteit van scholen. Wereldwijd is Nederland koploper als het gaat om niveauverschillen tussen scholen in het voortgezet onderwijs. Deze zorgen in het onderwijsgebouw voor instroomproblemen. Ook stelt de Inspectie vast dat leerachterstanden vaak niet meer kunnen worden ingehaald. Kinderen missen hierdoor kansen.

  • Hoog opleidingsniveau lastig vast te houden

    Het opleidingsniveau is in Nederland hoger dan in de meeste andere landen. Maar de laatste tijd lijkt het moeilijker te worden dit hoge niveau vast te houden. Dit komt doordat onze top smaller wordt. Het aantal kinderen dat goed presteert, daalt. De zwaardere studie-eisen in het HBO hebben hier een neerwaarts effect op het studieresultaat en de doorstroom vanuit het MBO.

  • Verschillen in onderwijskansen

    De verschillen in onderwijskansen voor kinderen nemen toe o.a. door vroege selectie ten nadelen voor kinderen uit lage sociale milieus. Wie over kennis, geld en een netwerk beschikt, heeft meer mogelijkheden om goed onderwijs te regelen voor zijn kinderen. Ieder talent is echter nodig en gelijke kansen op talentontwikkeling is een belangrijke opgave voor het onderwijs. De aansluiting van het onderwijs op de arbeidsmarkt verbetert. Voor afgestudeerden met mbo-,hbo- en wo-diplomaongelijkheid nemen de kansen op een baan op niveau weer toe. Tegelijkertijd geldt dit niet in dezelfde mate voor alle afgestudeerden. De ongelijkheid op de arbeidsmarkt voor mbo’ers is het grootst.

Sectorbeeld van de bedrijfsvoering

  • De exploitatie in het onderwijs is budget/lumpsum bepaald. Met name kleinere scholen, waarvan er veel zijn in het funderend onderwijs, hebben door beperkte budgetten weinig mogelijkheden voor financiële sturing op kwaliteit en hebben vaker te maken met op dalende leerlingaantallen.

    .

  • 5 jaar lang zijn de lumpsumvergoedingen (zonder indexering) niet gestegen en de exploitatiekosten wel. Dit jaar stijgt voor het eerst het lumpsumbedrag per leerling met gemiddeld 0,5 procent. Het vult echter niet het gat dat de afgelopen jaren is ontstaan.

    .

  • De gevolgen van deze krappe budgetten zijn al langere tijd zichtbaar. Grotere klassen, een hogere werkdruk en verouderde onderwijshuisvesting en -voorzieningen zijn vaak het gevolg. Ook financieel zijn er grote verschillen in de financiële reserves bij de verschillende soorten besturen. Daarbij valt op dat vooral in het hoger en wetenschappelijk onderwijs er sprake is van een goede solvabiliteit en hogere rendementen dan in andere deelsectoren.

     

    .

Bestuurder aan het woord

Eric Boerhout, voorzitter College van Bestuur van de Stichting Un1ek Onderwijs en Opvang

 

‘We gaan leerlingen opleiden voor banen die we nu nog niet kennen.’

‘Digitalisering in het onderwijs is geen keuze meer maar een must. Onze samenleving is onder invloed van de ontwikkelingen in de informatietechnologie immers ingrijpend aan het veranderen. Het antwoord hierop is onderwijsvernieuwing. In onze IKC’s (Integraal Kind Centrum) streven we ernaar om gepersonaliseerd onderwijs volgens doorlopende leerlijnen aan te bieden. Talenten die kinderen al hebben, zetten we in om ze nieuwe vaardigheden te leren en achterstanden aan te pakken.’ Eric Boerhout ziet onderwijsvernieuwing, digitalisering en duurzaamheid als trends in zijn sector.

Hoe helpt onderwijsvernieuwing onze digitale maatschappij?

‘We leven nu in een tijd waarin cognitieve kennis leidend is. Zelfs kleuters worden al getest op hun theoriekennis. Ambachtslieden zijn in de toekomst bijna niet meer nodig. Straks rijdt de eerste zelfrijdende auto en sneuvelt het beroep van chauffeur. Door intelligente verwarmingssystemen in woningen zal de behoefte aan loodgieters ook sterk teruglopen. Dat betekent dat het onderwijs ook ingrijpend vernieuwd moet worden. Leerlingen die beroepsopleidingen zouden gaan doen, moeten hun weg gaan vinden in de digitale maatschappij. De scholen moeten dus steeds meer gepersonaliseerd onderwijs aanbieden. Nu nog leren kinderen op de basisschool allemaal dezelfde vaardigheden op hetzelfde niveau. Straks ligt de nadruk op wat elke individuele leerling nodig heeft om zich zo goed mogelijk te ontwikkelen. Digitale scholing hoort daarbij, met de nadruk op ondernemendheid en zelfredzaamheid. Alle leerlingen moeten zich staande leren houden in een steeds veranderende maatschappij. We zullen ze toeleiden naar banen die we nu nog niet kennen. Het is belangrijk dat leerkrachten voor deze omslag naar gepersonaliseerd onderwijs meer ruimte krijgen.’

Hoe voeren scholen digitalisering in het onderwijs goed door?

‘Dat vereist visie. Met het aanschaffen van een paar tablets ben je er als school nog niet. Je moet kinderen leren om te gaan met het internet. Ze vertellen dat de eerste hit op Google niet de waarheid weergeeft. Pubers zijn daar nog heel onhandig in. Daarnaast zijn er nog steeds scholen die het digibord niet gebruiken. Alle digitale mogelijkheden zijn binnen handbereik maar we moeten leren er mee om te gaan. Ook is er een cultuuromslag bij de educatieve uitgeverijen nodig. Er is al veel goede onderwijscontent beschikbaar die kinderen op de basisschool kunnen gebruiken. Zoals Rekentuin, een computerprogramma waarmee kinderen op hun eigen niveau, wanneer en waar ze willen rekensommen kunnen maken. Alleen geven de uitgeverijen dit soort content maar mondjesmaat vrij. Dat heeft te maken met verdienmodellen. We zijn nu bezig een doorbraak te forceren.’

Hoe is duurzaamheid een trend in het onderwijs?

‘Iedere leerling die nu van de basisschool komt, moet zich bewust zijn van zijn carbon foot print. Hoeveel vervuiling veroorzaak je met je dagelijkse bezigheden? Daarnaast moet iedere school nu maximaal gaan recyclen. De kinderen worden hierbij betrokken. We willen milieubewustzijn bij ze kweken. In deze tijd kan niemand zich daar nog aan onttrekken. Dat doen we heel concreet met projecten. Met bijvoorbeeld een lespakket over boringen op de Noordpool. Veel schoolbesturen hebben dit al op de agenda en sommigen zijn er al vrij ver mee. Zonnepanelen op het dak van een nieuw gebouwde school zijn al bijna verplicht. De overheid weet ook dat we naar betere schoolgebouwen moeten. Gepersonaliseerd leren doe je niet in een lokaal van 8 bij 8.’

Philip Bokeloh werkt als macro econoom bij het Economisch Bureau van ABN AMRO. Eric Zwaart is Sector Banker Overheid en Onderwijs bij ABN AMRO.  Als Sector Banker ligt zijn focus op de strategie en bedrijfsvoering in de sector.