Laatste update: 13 april 2017

Zuivelindustrie

De belangrijkste producten die onze zuivelindustrie voortbrengt, zijn: kaas, melkpoeder, gecondenseerde melk en boter. Daarnaast worden er dagverse zuivelproducten geproduceerd, zoals (karne)melk, yoghurt en vla. Naast een aantal grote spelers met een uitgebreid assortiment, is er een groep kleinere bedrijven met een smaller productenpakket. Ruim 80 procent van de Nederlandse zuivel gaat de grens over.

Algemene prognose

Doordat de welvaart wereldwijd toeneemt, is de vraag naar zuivel de afgelopen jaren fors gestegen. De zuivelindustrie heeft hierop ingespeeld door meer te produceren. Deels doordat de melkquotering voor melkveehouders is weggevallen, kwam er meer aanvoer en daalde de melkprijs. Naar verwachting zal deze in de tweede helft van 2017 gaan stijgen.

 

  • Azië snelste zuivelgroeier

    In 2016 nam de productie van de zuivelindustrie met 3 procent toe; de exportwaarde van zuivelproducten steeg met hetzelfde percentage, vooral dankzij uitvoer binnen Europa en naar Azië. Europa is de belangrijkste afzetmarkt voor onze zuivelindustrie, maar Azië groeit harder. Vooral kaas doet het daar goed, omdat het er als een luxe wordt gezien. De toenemende welvaart in – met name – China versterkt de vraag naar dit soort exclusieve producten. In tien jaar verdubbelde de exportwaarde naar Azië. Ongeveer één van de vijf Nederlandse zuivelproducten vindt zijn weg naar dit continent.

  • Prijsstijging zuivel zet door

    Na een forse daling in 2015, vonden de zuivelprijzen in 2016 weer hun weg omhoog. Voor 2017 verwachten we dat deze prijsstijging doorzet. Voor Nederland geldt dat het fosfaatplafond een belangrijke rol gaat spelen in het verminderen van de productie. Daar staat een hogere vraag vanuit China tegenover, vooral naar melkpoeder en boter. Hierdoor zal de prijs medio 2017 en 2018 flink stijgen.

  • Consumentenprijs melk en kaas gedaald

    Ook de consumentenprijzen zijn de afgelopen twee jaar flink gedaald. In 2015 kelderde de prijs van kaas met 22 procent, gevolgd door een verdere afname van 3 procent het jaar erop. De prijs van verse melk zakte in die periode 4 procent (2015) en daarna nog eens 1 procent (2016). De boterprijs steeg onverwacht sterk. Veel consumenten vervingen margarine door boters met meer vet, wat de (internationale) vraag naar boter stuwde.

Strategische trends

  • Fosfaatplafond: uitdaging voor hele keten

    Vanwege de Nederlandse overschrijding van het fosfaatplafond en de daardoor ingezette inkrimping van de veestapel ziet het plaatje er voor de hele zuivelketen even wat anders uit . Door de afschaffing van het melkquotum waren veel investeringen de afgelopen jaren gericht op een groeiend aanbod. Nu die melkstroom afneemt, zal de zuivelindustrie scherper moeten kijken naar hoe je melk kunt verwaarden. Waar ligt nu de grootste toegevoegde waarde, en de winst? Kleine zuivelproducenten kiezen voor ambachtelijkheid en grijpen terug op oude recepten. Ook wordt er meer op duurzaamheid gefocust. Dat blijkt bijvoorbeeld uit de aandacht voor weidegang, en het vermarkten van gedifferentieerde producten die hiervan zijn afgeleid.

  • Mondiale vraag naar hoogwaardig eiwit blijft groeimotor

    De wereldbevolking groeit, net als de mondiale welvaart. Dit maakt producten met kwalitatief hoogwaardige eiwitten – waaronder zuivel – ook de komende jaren een belangrijke groeimotor voor de industrie. De Nederlandse zuivelsector is van nature exportgericht, en dus sterk afhankelijk van geopolitieke ontwikkelingen en internationale economische trends. Onmiskenbare voorbeelden: de Russische voedselboycot, vraaguitval in China en het grote mondiale aanbod aan melkproducten. Na deze gebeurtenissen zijn de markten inmiddels iets bijgedraaid, en ook de internationale afzet weer in belang zal toenemen.  Wil de zuivelindustrie zich niet laten overvallen door grillige exportontwikkelingen, dan is scenarioplanning vereist en zal zij actief op zoek moeten blijven naar (niche)markten.

  • Internationale samenwerking en kennisexport

    Om minder afhankelijk van import te zijn, koersen steeds meer landen – zoals China – richting zelfvoorzienendheid. Dit doen ze onder andere door samen te werken met westerse zuivelbedrijven, of deze over te nemen. Zo krijgen ze meer grip op de mondiale zuivelstromen. Daarnaast investeren ze fors in de ontwikkeling van de eigen melkveehouderij en zuivelverwerkende industrie. Nederland is een vooraanstaand zuivelland; de Nederlandse zuivelindustrie kan waarde toevoegen door onze vergevorderde expertise en technologie te exporteren. Dit gebeurt al,  kijkende naar het relatief grote aantal studenten van buiten de EU dat ‘kennis tankt’ aan Wageningen University & Research.

Nadia Menkveld werkt als sector econoom bij het Economisch Bureau van ABN AMRO. Zij is verantwoordelijk voor de economische analyses over de sector agrifood en soft commodities. Rob Morren is Sector Banker Food bij ABN AMRO. Als Sector Banker ligt zijn focus op de strategie en bedrijfsvoering in de sector.