Laatste update: 3 oktober 2017

Installatiebedrijven

In de installatiebranche zijn bedrijven actief die zich bezighouden met het ontwerp, advies en onderhoud van technische installaties. Op hoofdlijnen houden zij zich bezig met elektrotechniek, klimaat, sanitair en isolatie. De installatiebranche is opgedeeld in vier verschillende segmenten: woningbouw, utiliteitsbouw, grond-, weg- en waterbouw en industrie. 65 procent van de installatiewerkzaamheden heeft betrekking op woning- en utiliteitsbouw, 19 procent op industrie en 16 procent op de grond-,water- en wegenbouw.

Algemene prognose

De installateurs profiteren van het groei van de bouw en industrie. Naar verwachting zal hun omzet in zowel 2017 als 2018 met 5 procent groeien. Installateurs kunnen bij trends zoals vergrijzing en verduurzaming het voortouw nemen. Doordat deze trends de komende jaren belangrijker worden, neemt het belang van installateurs toe.

  • Ontwikkelingen industrie van belang

    Na de utiliteitsbouw is de industrie de belangrijkste sector voor installateurs. Naar verwachting groeit de industrie in 2017 met 2 procent en in 2018 met 2,3 procent. De installateurs zijn vooral afhankelijk van de procesindustrie, zoals de chemie, de metaalproductenindustrie en de voedings- en genotmiddelenindustrie. Voor al deze branches wordt groei verwacht in 2016 en 2017.

  • Transformatie is een kans en noodzaak

    Transformatie van gebouwen is een kans voor installateurs. Een belangrijk deel van de transformatie betreft het inpassen van installaties, het gebouw staat namelijk al. Het aantal transformaties neemt gestaag toe, nu steeds duidelijker wordt dat er noodzaak is tot omvormen van leegstaande gebouwen. In de periode januari 2012 tot en met juni 2015 werden 39.656 woningen gecreëerd door middel van transformatie. Bijna 25 procent in kantoren en 12 procent in winkels. Leegstaande kantoren staan vaak in de binnenstad waardoor het kansrijk is om ze te transformeren.

  • Orderportefeuille installateurs stijgt

    De orderportefeuille van installateurs steeg in 2016 van 6,3 naar 6,8 maanden. In 2017 is de orderportefeuille iets weggezakt. In mei 2017 bedroeg de orderportefeuille 6,6 maanden. De orderportefeuille is flink gestegen sinds het dieptepunt in november 2013 toen de orderportefeuille 4,8 maanden bedroeg. Volgens het EIB zijn installateurs positiever over hun resultaat en de prijsontwikkeling.

Strategische trends

  • Personeel, personeel, personeel…

    De installatiebedrijven hebben tegelijkertijd meerdere uitdagingen: consumentwensen veranderen (abonnementen en gebruik in plaats van bezit), de verduurzaming en de energietransitie zetten onverminderd door en de technologische ontwikkelingen gaan sneller dan ooit. Allemaal mooie kansen en groeiende markten om op in te spelen. Een positief perspectief. Maar, waar is na de crisis van de afgelopen jaren de monteur met up-to-date kennis, met de juiste communicatieve en klantgerichte vaardigheden en de tijd om al de uitdagingen aan te pakken? De krapte op de arbeidsmarkt is een rem op de groei en de mogelijkheden in de sector. Lees er meer over in onze publicatie.

  • Servitization

    In de traditionele rol levert de installateur een installatie. Steeds vaker hoort daar (langjarig) onderhoud bij. Dit komt onder andere vanwege de complexiteit van nieuwe installaties en onze afhankelijkheid van die systemen. In de toekomst wordt dat niet minder. Er komt meer focus op ‘service’. Het eigendom van de installaties ligt niet per sé bij de gebruiker; hij wil betalen voor een dienst op het moment dat hij er gebruik van maakt. Voor grootverbruikers zijn ‘service level agreements’ (prestatiecontracten) en circulair inkopen niet meer weg te denken uit de pay per use-economie. Het levert installateurs meer kennis van klanten en klantwensen op. En dat levert meerwaarde. Lees er meer over in onze publicatie.

  • Veranderende rollen, dus…

    Transformatie, renovatie en verduurzaming zijn dé trend. Daarbij horen connectivity, Internet of Things, en data….big predictive data! Middels je gebouwinstallatie altijd en overal overzicht en controle hebben over prestaties, comfort, veiligheid én kosten: dat is de toekomst voor de installatiesector. Het belang en de afhankelijkheid van installaties voor duurzaamheid, comfort en veiligheid neemt in álle projecten toe. Installateurs krijgen niet alleen een belangrijkere positie in de realisatie, maar ook in advies, service en onderhoud. Met zoveel belangen en posities in de bouwketen, kan de installateur de hoofdaannemer van morgen zijn.

Ondernemer aan het woord

Marcel de Groot, algemeen directeur De Groot Installatiegroep

 

’Wij willen de beste zijn in ons vakgebied´

Herman de Groot begon in 1965 voor zichzelf als cv-monteur, met 25-duizend gulden, geleend van ouders en schoonouders en opererend vanuit de huiskamer in Emmen. Als zijn vrouw de oudste kinderen naar school had gebracht, ontving ze de eerste vertegenwoordigers met koffie. Nu, 51 jaar later, runnen twee zonen en drie dochters de elf vestigingen van De Groot Installatiegroep, over heel Nederland verspreid. Hun business is: elektrotechniek, werktuigbouw, brandbeveiliging voor utiliteit en industrie. Marcel, algemeen directeur: ‘Woningbouw, daar gaan we niet aan rekenen, hebben we nooit gedaan, ook niet in de slechtste jaren van de crisis. Dat is een andere tak van sport. Waarmee ik niet uitsluit dat we er ooit een onderneming voor gaan opzetten.’

Is de installateur anno 2016 de hoofdaannemer van de toekomst?

‘Dat zou best eens kunnen, al zal bij grote nieuwbouwprojecten de aannemer altijd de regie blijven voeren. Bij renovatie ligt dat anders. Veel vaker dan vóór de crisis zie je dat panden totaal gerevitaliseerd worden, en daarna moeten voldoen aan de nieuwste duurzaamheidseisen. Dat kan alleen als de bouwkundige staat van het gebouw goed is, anders los je het probleem niet op. Wat wél altijd helemaal opnieuw aangelegd moet worden, zijn de technische installaties, want die hebben de grootste impact op duurzaamheid en comfort. Bij die revitaliseringsprojecten doen wij dus het grootste deel van het werk. En daarom coördineren we soms álle uitvoerende partijen, zoals glaszetters en schilders. Voor ons is dat een nieuwe, soms wat ongemakkelijke rol, want vroeger deed een bouwende aannemer die coördinatie. We pakken die regierol bij kleinere projecten, maar wie weet straks ook bij de grotere. Daar zullen we dan bouwmensen voor in dienst moeten nemen die excellent kunnen coördineren en goede partnerschappen kunnen zoeken.’

Is het interessant voor jullie om dat soort projecten helemaal in eigen beheer te gaan uitvoeren?

‘Nee, die behoefte hebben we niet. We willen de beste zijn in ons vakgebied. En dat lukt aardig, we werkten bijvoorbeeld mee aan het Rijksmuseum, het Paleis op de Dam, het Tropenmuseum, het Nationaal Militair Museum en De Rotterdam. In dat gebouw legden we 65 kilometer pijp aan, met 14.000 duizend sprinklerkoppen. In het vernieuwde station Amsterdam Centraal legden we veel installaties aan. En ook bij het werk aan de oostlijn van de Amsterdamse metro zijn we betrokken. De gemeente wil dat het werk daar strak binnen de gestelde tijdslijnen gerealiseerd wordt. Hoe beter het werk kan worden voorbereid, des te kleiner de faalkans. Want als een monteur ter plekke nog oplossingen moet verzinnen, kom je in de problemen en loop je achter de feiten aan. De tekeningen en voorbereidingen moeten dus goed zijn. Wij produceren daarom ook steeds meer prefab, – vooral sprinklerinstallaties. Een goede voorbereiding vergt een tijdige aanbesteding. Soms beslist men zó laat, dat de opleverdatum enigszins onrealistisch is geworden. Als onderhandelingen over de deadline niets opleveren, laten we het project schieten. Werkhonger of niet. De faalkosten zouden veel te hoog zijn geworden.’

Hoe kan een installateur zijn duurzame producten nóg slimmer afstemmen op de behoeftes van de klant?

‘Behalve de al bekende duurzame technologieën als zonnepanelen, ledverlichting, biogasinstallaties gestookt op houtsnippers, aardwarmte en lucht-warmtepompen, zie ik veel toekomst in technieken die met sensoren werken. Nu al worden sensoren veel gebruikt bij licht dempen in ruimtes waar geen mensen zijn. Maar waarom zou je ook niet de warmtebronnen automatisch zachter zetten, bijvoorbeeld als sensoren middels CO2-detectie of infrarood registreren dat er geen mensen in de ruimte zijn. Dat zijn zéér wel denkbare technieken.’

Petran van Heel is Sector Banker Bouw bij ABN AMRO. Als Sector Banker ligt zijn focus op de strategie en bedrijfsvoering in de sector. Madeline Buijs werkt als sector econoom bij ABN AMRO. Zij is verantwoordelijk voor de economische analyses over de bouw.