Short Insight – China: Hoge bomen vangen veel wind

door: Arjen van Dijkhuizen

  • Torenhoge groei in 1e kwartaal door basiseffect, maar kwartaalgroei valt terug
  • We hebben onze groeiraming voor 2021 verhoogd van 8,5% naar 9%
  • Consumptie op koers naar verder herstel
  • Kredietcyclus draait, nu Beijing weer meer prioriteit geeft aan schuldreductie
210420-Short-Insight-China-NL.pdf (225 KB)
Download

1. Onze groeiraming voor 2021 verhoogd van 8,5% naar 9%

Afgelopen vrijdag kwamen de Chinese bbp-cijfers over het 1e kwartaal uit. Op jaarbasis sprong de groei naar een recordhoogte van 18,3% j-o-j (dichtbij onze raming van 18%). Dat komt vooral door een sterk basiseffect: een jaar eerder zat China immers ‘in lockdown’ na de covid-19-uitbraak. Op kwartaalbasis viel de groei fors terug (0,6% k-o-k, seizoensgecorrigeerd). Dat weerspiegelt – na oplevingen van het virus – het aanscherpen van restricties rond de periode van het Chinees nieuwjaar in februari. Het is natuurlijk ook logisch dat de kwartaalgroei dit jaar gemiddeld lager zal zijn dan die in de vorige drie kwartalen, omdat het catch-up effect volgend op de covid-19-schok nu eenmaal afzwakt. In elk geval jaagt het hoge jaargroei-cijfer voor het 1e kwartaal de gemiddelde groei over 2021 omhoog. Mede vanwege de opwaartse herziening van de groei in het laatste kwartaal van 2020 verhogen we nu onze groeiraming voor geheel 2021 van 8,5% naar 9,0%. Dat ligt flink boven de officiële doelstelling van ‘boven 6%’ die in maart werd afgekondigd. Die conservatieve doelstelling geeft Beijing de ruimte om werk te maken van andere belangrijke doelen, zoals schuldreductie en het milieu (zie ook paragraaf 4 en onze vorige China-update).

2. Consumptie op koers naar verder herstel

De industrie en de vastgoedsector hebben het Chinese herstel geleid, maar er is een verschuiving op komst. Vorig jaar bleef het herstel van de consumptie en de dienstensector wat achter, waarbij vooral social distancing gevoelige sectoren (transport, horeca) het zwaar hadden. Hoewel door de aanscherping van restricties begin 2021 de pandemie-gerelateerde tegenwind nog even aanhield, werd dankzij het opnieuw snel beheersen van de situatie de basis gelegd voor een opleving van de consumptie na het Chinees nieuwjaar. Begin april lieten de PMI’s voor maart al een verbeterend momentum zien. Het consumenten-vertrouwen steeg in februari naar nieuwe hoogtes, na een tijdelijke dip volgend op de covid-19-uitbraak. Het werkloosheidspercentage is bijna terug op het pre-corona-niveau (5,3% in maart). Ook de detailhandels-verkopen deden het in maart met 34,2% j-o-j beter dan verwacht (consensus: 28%), al wordt ook hier de jaargroei vertekend door het basiseffect. Aannemende dat China het virus onder controle blijft houden en het vaccinatietempo verder wordt opgevoerd, kan het herstel van de consumptie de komende tijd sterker en breder worden.

3. Handelsdata wijzen op aantrekken binnen- en buitenlandse vraag

Ook de Chinese handelscijfers over maart, die vorige week uitkwamen, lieten vanwege het basiseffect een sterke groei op jaarbasis zien. De uitvoer in dollars steeg met 30,6% j-o-j (consensus: 38%). De invoer in dollars groeide sterker dan verwacht, met 38,1% j-o-j (consensus: 24,4%). Het herstel van de invoer over de afgelopen maanden sluit aan bij de verbetering van de Chinese PMI’s (inclusief de invoer-index), na een periode van zwakte begin dit jaar in verband met het aanscherpen van restricties en het weer instellen van enkele regionale lockdowns. De Chinese invoer wijst er op dat de binnenlandse vraag weer aantrekt na deze periode van zwakte. Ondertussen blijft ook de Chinese uitvoer het goed doen. Dat past bij het terugkeren van de export-PMI’s tot boven het neutrale niveau van 50. Uitgesplitst naar bestemming deed vooral de uitvoer naar de VS en de EU het goed in maart. Uitgesplitst naar productcategorie, lijkt het erop dat de pandemiegerelateerde outperformance van bijvoorbeeld IT-producten en medische producten wat aan het wegebben is nu de pandemie een nieuwe fase ingaat.

4. Beijing draait schroeven aan, meer aandacht voor schuldreductie

Om het effect van de pandemie te mitigeren hebben de autoriteiten in de eerste helft van 2020 het begrotingsbeleid en het budgettaire beleid versoepeld. Toch was de doorgevoerde stimulus vrij gering ten opzichte van wat de welvarende landen hebben gedaan en ook vergeleken met wat Beijing deed tijdens de mondiale kredietcrisis. Het gevolg was dat de kredietverlening wel iets is versneld, maar niet zo sterk en ook niet zo lang. Verder heeft de overheid de quota voor de uitgifte van speciale obligaties door lagere overheden naar voren gehaald en speciale pandemie-obligaties uitgegeven. Maar omdat de economie snel is genormaliseerd en de totale schuld weer is toegenomen, heeft Beijing sinds de tweede helft van vorig jaar zijn doelstellingen bijgesteld. Financial derisking heeft weer meer gewicht gekregen. Beijing streeft er naar om de kredietgroei dit jaar te maximeren op de groei van het nominale bbp en heeft banken gevraagd om het een beetje rustig aan te doen. Concluderend is de kredietcyclus (ook als we de uitgifte van speciale obligaties door lagere overheden meenemen) inmiddels gedraaid. We denken dat deze trend doorzet in 2021. Toch verwachten we geen al te drastische ommezwaai in het monetaire beleid. Ook gaan we uit van een geleidelijke normalisering van de overheidsfinanciën (zie ook onze Visie op China 2021).

De strengere aanpak van de autoriteiten is ook zichtbaar in het aan-   scherpen van regelgeving voor de vastgoedmarkten en het opnieuw aanpakken van schaduwbankieren waaronder fintechs en online platforms. Daarnaast toont het stijgend aantal wanbetalingen op obligatieleningen door staatsbedrijven aan dat Beijing het uitfaseren van het impliciete garantiestelsel steunt. Een en ander werd nog weer eens duidelijk tijdens de recente onrust over het lot van de fondsbeheerder Huarong. Toch denken we dat de overheid voorzichtig zal blijven opereren om besmettingsrisico’s te verminderen en systeemrisico’s te vermijden.