Metaalgekte

door: Casper Burgering

Veel metaalprijzen zijn de afgelopen dagen ongekend hard gestegen. Zo nam de koperprijs op donderdag 18 en vrijdag 19 februari toe met respectievelijk 2% en 4,4% op dagbasis. En na het weekend steeg de prijs verder. Op maandag 22 februari werd het niveau van USD 9.000 per ton koper geslecht. En de metaalgekte lijkt nog niet over.

Breed gedragen positivisme

Een ton koper is dit jaar al 18% duurder. Dit heeft verschillende oorzaken. Het optimisme onder speculanten over de mondiale economie is groot. Aanvankelijk was China hiervoor de bron met het vlotte herstel van de coronacrisis, maar afgelopen week gaven ook betere economische cijfers uit de VS genoeg reden voor optimisme. Tegelijkertijd verzwakte de dollar en kwam er nogmaals een bevestiging dat veel overheden en centrale banken hun economieën zullen blijven steunen.

Ook de nikkelprijs profiteerde van de goede sfeer en kon er inmiddels al bijna 13% dit jaar bijrekenen. Daarmee bereikte de prijs een niveau dat in ruim zes jaar niet meer voorgekomen is. Maar ook de aluminium- en zinkmarkt profiteerden van het positivisme. De aluminiumprijs staat dit jaar al 9% hoger, terwijl de zinkprijs met een toename van 2% flink achter bleef op de rest.

Metaalgekte: bubbel, cyclische opleving of supercycle?

Een ongekend breed spectrum van grondstoffen is betrokken bij de recente opwaartse cyclus. Naast de basismetaalprijzen, stegen ook de prijzen van olie, gas, tarwe, maïs, sojabonen, suiker, goud, zilver, ijzererts en cokeskolen flink. Bij een prijsstijging van zoveel grondstoffen tegelijkertijd rijst al snel de vraag of we hier te maken hebben met een bubbel of een nieuwe supercycle. Maar het kan natuurlijk ook gewoon onderdeel zijn van een normale cyclische opleving.

Bij een bubbel gaat het om opgeblazen prijzen die weinig verband houden met de actuele waarde. Een bubbel is echter moeilijk te herkennen. Pas als deze is gebarsten weten we dat het een bubbel is. De term supercyclus is gereserveerd voor een situatie waarin de opgaande prijstrend in een langere cyclus plaatsvindt.

Als dit een bubbel is, dan zitten we nu in de zogenoemde ‘boom’ fase, waarin de media-aandacht toeneemt, meer speculanten de markt betreden en de prijzen sterker stijgen. Het risico van winstnemingen neemt echter ook toe en dat vergroot de kans op barstjes.

Ik ben er niet van overtuigd dat dit een nieuwe supercyclus is. Het sterke herstel van China na de coronaschok heeft tot veel optimisme in basismetaalmarkten geleidt. De economische stimuleringspakketten zijn fors en mede gericht op sectoren die veel metaal verwerken (bouw & infrastructuur). Die steun houdt een keer op te bestaan.

Daarnaast blijft China vasthouden aan een economische transitie naar een consumptiemodel. De economie was vooral gebaseerd op het (metaal intensieve) investeringsmodel. Dit betekent dat de groei van de vraag naar metalen vroeg of laat afneemt. En tot slot is optimisme (over de vaccins en economisch herstel) geen solide basis voor een supercyclus. Dat is meer iets voor een bubbel. Maar of dat het geval is, weten we pas achteraf.

Deze column heeft op 1 maart in de Financiele Telegraaf gestaan ‘bubbel of een nieuwe supercycle met metaalgekte?’