Selina Roskam (RVO): ‘Met bodemenergie je huis koel in de zomer, warm in de winter’

door: Arnold Mulder

Over tien jaar moeten 1,5 miljoen bestaande Nederlandse woningen ‘van het gas af’, zo is afgesproken in het Nationale Klimaatakkoord. In 2050 moet dit aantal zijn opgelopen naar 7 miljoen woningen. Hoe gaan we dit klaarspelen? Isolatiemaatregelen en zonnepanelen schieten ons te hulp, maar voor veel huizen, kantoren, scholen en ziekenhuizen is gebruik van bodemwarmte in de grond ook een interessante optie. Selina Roskam, kennismakelaar bij de Rijksdienst voor Ondernemend Nederland (RVO), weet er beroepsmatig alles van. En zelf gaat ze haar jarendertigwoning ook voorzien van een gesloten bodemenergiesysteem.

Selina Roskam – RVO

Wat is bodemenergie?

Bij een bodemenergiesysteem gebruik je de grond als warmtebuffer. Het is op zo’n 50 meter onder het maaiveld altijd twaalf graden. Je pompt in een gesloten systeem water rond tussen je huis en die aardlaag. Via een warmtewisselaar kun je er in de zomer er je huis mee koelen, en in de winter gebruik je de temperatuur als ‘basis’ voor je warmtepompverwarmingsinstallatie en voor je warmwater. Je warmt -het liefst met groene stroom- bij tot 40-50 graden zodat je je huis kunt verwarmen en kunt douchen. De installatie heeft wel wat meer ruimte nodig dan een standaard cv-ketel.

Een specifieke toepassing van bodemenergie is WKO, ofwel warmtekoudeopslag. Dit werkt ook goed voor grotere panden zoals scholen, ziekenhuizen en kantoren. Dan pomp je grondwater rond via een groter, open systeem dat meestal nog wat dieper de bodem ingaat. In de zomer koel je het gebouw met de koude uit de bodem en bouw je de warmtebuffer op voor in de winter. In de winter gebruik je de warme buffer als voor de warmtepomp en bouw je een koude buffer op voor de zomer. Zo is de cirkel rond.

Dat is een kostbare en ingrijpende operatie, zo’n WKO-installatie bouwen

Dat klopt. Daarom wordt het vooral bij nieuwbouwprojecten toegepast, omdat je het dan kunt meenemen in de totale werkzaamheden, zowel financieel als qua bouwoverlast. In de bestaande bouw neem je het mee als je een grote renovatie gaat doen, bijvoorbeeld als je een kantoor naar energielabel D naar A wil tillen. Bij veel bestaande gebouwen zal ook de afgifte-installatie moeten worden aangepast. Met een WKO en warmtepomp maak je het gebouw wel gereed voor de toekomst.
Bij mijn eigen woning, een rijtjeshuis uit de dertiger jaren, neem ik het mee in een grootschalige verbouwing die over vier weken begint. Ik laat het dak volledig isoleren en voorzien van veertien zonnepanelen, er komt een uitbouw achter, we gaan over op inductiekoken en ook de dakkapel, de erker en de voordeur worden aangepakt. Zonder deze isolerende maatregelen kun je niet overgaan op lagetemperatuurverwarming. En die is weer essentieel omdat de warmtepomp het water maar tot 40-50 graden opwarmt.

 Loont het?

Ik heb niet tot achter de komma uitgerekend wat de kosten en de baten van de bodemenergiesysteem worden. Dat is ook lastig omdat alle onderdelen van de verbouwing op elkaar inwerken en de nieuwe verwarmingsinstallatie nog een tot twee jaar nodig heeft om ‘ingeregeld te raken’. Ik ben beroepsmatig bezig met de energietransitie en ben het dus aan mijn stand verplicht om te doen wat ik uitdraag. Verder ben ik net als Diederik Samsom [initiatiefnemer van de Nederlandse Klimaatwet, red.] van mening dat huiseigenaren best een stapje extra mogen zetten als ze daar financieel toe in staat zijn. Stap eens naar je bank toe! Ik heb mijn huis twintig jaar geleden gekocht en kan alle aanpassingen financieren uit de overwaarde. Dat gaf voor mij de doorslag, naast het feit dat mijn huis nu ook ’s zomers duurzaam gekoeld wordt. Met de warme zomers van de afgelopen jaren en het vele thuiswerken sinds de corona-uitbraak vind ik dat een groot voordeel.

Ik ben geïnteresseerd. Hoe vind ik mijn weg in alle informatie online?

Een goed startpunt voor zowel burgers als bedrijven is de WKO-tool van de RVO. Hier kun je zien of je locatie te gebruiken is voor de toepassing van open- of gesloten bodemenergiesysteem, en of er geen interferentie kan plaatsvinden met andere WKO-systemen in de omgeving. Ook staan er uitgebreide voorbeeldberekeningen op de site, waarmee je een indruk krijgt van de rendabiliteit. Verder zijn er inmiddels zo’n zestigtal lokale energiecoöperaties die ervaring hebben opgedaan met WKO. Nieuwe initiatiefnemers hoeven dus niet meer ‘het wiel uit te vinden’. Ook is er kennisuitwisselingsplatform (Stichting Warmtenetwerk) en een actieve lobbybeweging (de Warmtecoalitie). Daarnaast kunnen WKO-eindgebruikers terecht bij het Gebruikersplatform Bodemenergie voor veel praktische informatie over het gebruik en onderhoud van de WKO.

Zijn er subsidies?

Jazeker, hoewel je je daar niet rijk aan moet rekenen. Bedrijven kunnen bij het investeren in een WKO-installatie gebruikmaken van de Energie-investeringsaftrek (EIA) waarmee ze de onrendabele top van hun investering -dat deel dat niet gedekt wordt door de opbrengsten- kunnen financieren. Gemiddeld kan zo 14% van de WKO-investering worden terugverdiend. Woningeigenaren én bedrijven kunnen gebruik maken van de Investeringssubsidie duurzame energie (ISDE), die een tegemoetkoming is op de aankoop van warmtepompen en zonneboilers. Huiseigenaren, huisbewoners en VVE’s kunnen verder in aanmerking komen voor de Subsidie energiebesparing eigen huis (SEEH), die het nemen van energiebesparende maatregelen in bestaande koopwoningen beloont. Deze regeling is vanwege corona dit kalenderjaar tijdelijk wat aantrekkelijker gemaakt. Sommige gemeenten werken daarnaast met lokale subsidies.

Meer informatie:

  • VIDEO: Kijk voor meer informatie over Warmte- Koudeopslag (WKO) de volledige uitzending van Energy Transition Thurday terug
  • PODCAST: Luister de podcast “De expert en de Leek” over WKO, en wordt in 12 minuten bijgepraat over de ins en outs van WKO

Dit is een interview uit de reeks Energy Transition Thursday bij ABN AMRO. Bij deze sessies ontleden specialisten uit de branche telkens één vorm van duurzame energieopwekking. Daarbij lichten ze de werking van de techniek toe, duiden ze het juridisch kader en verkennen ze hoe financiering kan bijdragen aan versnelling van de techniek. De komende maanden ontleden we het verdienmodel achter Demand Response en CCS. Kijk voor meer informatie over de programmering hier