Headlines | Pandemie kan verandering in de zorg versnellen

door: Anja van Balen

Foto: Shutterstock

De zorgsector heeft in het tweede kwartaal van dit jaar een flinke knauw gekregen. De reguliere zorg verleend door de sector kromp met 21 procent ten opzichte van dezelfde periode een jaar eerder, zo maakte het Centraal Bureau voor de Statistiek (CBS) eind vorige week bekend. Dat is een veel groter verval dan de ruim 9 procent van de Nederlandse economie als geheel.

Insight:

De sterke krimp van de zorgsector springt in het oog, juist nu de zorg tijdens de coronacrisis en de daaraan gerelateerde hulpverlening in het middelpunt van de maatschappelijke belangstelling heeft gestaan. Veel reguliere zorg is echter weggevallen, (controle-)afspraken en operaties zijn geannuleerd, afspraken bij de huisarts werden deels afgezegd en mondzorg kwam weinig meer voor.

Binnen de zorg bestaan sterke verschillen. Op basis van gesprekken met bestuurders uit de zorg schatten wij in dat de reguliere ziekenhuiszorg, die moest wijken voor spoedgevallen rondom het virus, ongeveer 40 procent lager zal hebben gelegen in het tweede kwartaal ten opzichte van hetzelfde kwartaal een jaar eerder.

Hoewel de reden van de afname van het aantal behandelingen zeer pijnlijk en ongewenst is, is de lagere frequentie van reguliere zorgafspraken dat op zichzelf niet. Sterker: het is iets waar de sector al jarenlang naar streeft. Door de vergrijzing, de langere levensverwachting en de personeelstekorten, dreigde de vraag naar zorg op termijn onhoudbaar te worden. Zou het, na deze shock, mogelijk zijn om de helft van deze krimp structureel vast te houden?

Digitalisering kan een extra helpende hand bieden om het dreigende capaciteitstekort te voorkomen: door ‘zorg op afstand’ – waarbij bijvoorbeeld via uitlegvideo’s en metingen op afstand hulp wordt geboden – zijn minder contacten nodig. Dat betekent tegelijk minder controle-afspraken en het voorkomen van ziekenhuisopnames, omdat met behulp van digitale middelen diagnoses gemakkelijker en dus eerder kunnen worden gesteld. Hetzelfde doen, maar dan digitaal, is nog maar het begin van alle veranderingen die in het verschiet liggen. Het is de start van een hele andere manier van zorgen voor de gezondheid van de Nederlanders. Met digitale middelen komt de verantwoordelijkheid veel meer bij de mensen zelf te liggen in plaats van alleen bij de medici en verpleegkundigen in het ziekenhuis.

Noodgedwongen heeft de digitalisering de afgelopen maanden een stevige zet gekregen. Tijdens de coronacrisis hebben veel patiënten namelijk expliciet gevraagd naar mogelijkheden om zelf metingen te kunnen doen of om via beeldbellen contact te hebben met medisch personeel, met als reden om het risico op besmetting met het coronavirus te voorkomen. Waar eerder een bezoek aan het ziekenhuis of arts als veilig gevoeld werd, zette het virus dit op zijn kop. Bij sommige specialismen nam het aantal digitale consulten met tientallen procenten toe.

Afgaande op eerder onderzoek van ABN AMRO kan de pandemie de beweging van zorg op afstand versnellen. In 2019 bleek namelijk al dat 70 procent van de patiënten ervoor openstaat. De verandering gaat niet vanzelf. Investeringen in ICT zullen moeten toenemen om gegevens te kunnen verzamelen en delen, ten koste van investeringen in vastgoed. De budgetten gaan immers niet omhoog. Interessant hierbij is bovendien dat wanneer de aandacht voor gezondheid en welzijn structureel vaker buiten het ziekenhuis plaatsvindt, er overcapaciteit ontstaat binnen de ziekenhuizen waardoor zij flexibeler worden. De gewenste uitbreiding van de Intensive Care-capaciteit kan dan binnen de huidige huisvesting en met het nu aanwezige personeel opgevangen worden. Zet de nu versnelde digitale revolutie door, dan wordt de zorg veiliger voor virusuitbraken en tegelijkertijd klaar voor de toekomst.

In Headlines & Insights geeft ABN AMRO duiding bij het nieuws.

Meer informatie: