Het Jaar van de Waarheid

door: Arnold Mulder

Bij het uitbreken van de financiële crisis in 2008 viel energie- en klimaatbeleid als eerste van de prioriteitenlijst van de regering, om lange tijd niet terug te keren. Op zich is het niet vreemd dat de aandacht zich tijdens een economische crisis richt op andere dossiers dan de energietransitie. En toch zou het een blunder zijn als de geschiedenis zich twaalf jaar na dato herhaalt. Een kapitale blunder bovendien, want er staat veel meer op het spel dan destijds.

Magere jaren

In 2020 zal de uitstoot van broeikasgassen – juist dankzij de crisis – voor het eerst in jaren scherp dalen en toch valt er, met een blik op de recente geschiedenis, weinig te juichen. Net als in 2008 dalen productievolumes hard, waardoor de uitstoot daalt, maar onder de motorkap dreigt de structurele verschuiving van fossiele naar hernieuwbare bronnen juist te stagneren. Bedrijven zien de financiële ruimte om te investeren in schone maar duurdere technieken verdampen, terwijl ook de CO2-prijs daalt. Hoewel we tijdelijk minder produceren en uitstoten, blijven we zo langer afhankelijk van fossiele brandstoffen.

De overheid heeft een voorname rol om de energietransitie op koers te houden, maar tijdens de vorige crisis liet de Nederlandse regering de bal juist hard en langdurig vallen. Vlak na het verschijnen van het alarmerende IPCC Klimaatrapport in 2007 was er even hoop. De Miljoenennota van 2008, de eerste van het kabinet Balkenende IV, stond bol van de verduurzamingsplannen (zie figuur). De financiële crisis maakte aan die aandacht snel een eind. Pas in de Miljoenennota van 2017 stond energie- en klimaatbeleid weer prominent op de agenda. Dit was de eerste Miljoenennota sinds het ondertekenen van het Klimaatakkoord van Parijs, toen bovendien het economische tij weer ten goede was gekeerd. Ondertussen waren negen magere jaren gepasseerd.

Regie

De Nederlandse overheid kan zich niet nog zo’n lange periode van afwezigheid permitteren, daarvoor is de regierol van de overheid te belangrijk. Die regierol gaat veel verder dan het beschikbaar stellen van subsidie voor nieuwe technieken. Om de energietransitie te laten slagen is continue aandacht nodig voor het bij de tijd brengen van bestaande wet- en regelgeving. Nu geldende wet- en regelgeving is vooral gestolde historie; geschreven in tijden waarin geen rekening werd gehouden met grootschalig gebruik van bijvoorbeeld elektrische auto’s, waterstof, batterijopslag en geothermie. Wie nu een geothermieput wil boren, om zo duurzame warmte te winnen, moet zich bijvoorbeeld houden aan de regels en vergunningstrajecten die zijn opgesteld voor de olie- en gasindustrie. Gelukkig is er inmiddels speciale aandacht voor geothermie in wet- en regelgeving en krijgt aardwarmte de kans om zich verder te ontwikkelen. Zonder een stevige regierol van de overheid wordt het halen van de Nederlandse energie- en klimaatdoelen een onmogelijke opgave. Bedrijven kunnen niet zelfstandig die doelen halen binnen de huidige kaders van fossiele wet- en regelgeving.

Niet verslappen

Het is onacceptabel als het kabinet ditmaal opnieuw de aandacht laat verslappen, niet in de laatste plaats omdat het Klimaatakkoord ons net op het juiste spoor heeft gezet. Het volledige maatschappelijke middenveld werd anderhalf jaar lang gemobiliseerd om tot dit akkoord te komen. Aangezien het Klimaatakkoord nog moet worden uitwerkt in nieuwe wet- en regelgeving, vormt de coronacrisis voor beleidsmakers de eerste grote test. De eerste signalen zijn allerminst positief. De regering heeft invoering van enkele voorgenomen maatregelen uit het akkoord, zoals een extra CO₂-heffing voor de industrie, inmiddels uitgesteld. Wanneer dit zo doorgaat, dreigen opnieuw negen magere jaren. Een grotere verkwisting van politiek en maatschappelijk kapitaal is moeilijk denkbaar.

Voor het Nederlandse energie- en klimaatbeleid is dit het jaar van de waarheid. In september 2020 verschijnt de laatste Miljoenennota van het kabinet Rutte III en in maart 2021 staan Tweede Kamerverkiezingen op de agenda. Hopelijk bewijst het Klimaatakkoord zich de komende twaalf maanden toch als een brandmuur tegen politiek opportunisme. Want ik ben ervan overtuigd dat we beide kunnen: adequaat crisismanagement rondom corona en tegelijk oog houden voor de lange termijn.

Deze column verscheen eerder op Energeia.