Koffie is goedkoop, maar dat is geen goed nieuws

door: Casper Burgering

De prijs van koffie is relatief laag en dit is zowel een vloek als een zegen. Veel koffieaanbidders vinden de betaalbaarheid waarschijnlijk prima, maar staan vaak niet stil bij het effect van deze lage prijs. Het is namelijk tegelijkertijd een voedingsbodem voor een diepere crisis voor de koffieboeren in Latijns Amerika. De boeren hebben grote moeite om in hun levensonderhoud te voorzien en dit is een bedreiging voor de hele koffiesector. De sterke prijsschommelingen van koffie houden bovendien de onzekerheid voor de koffieboeren hoog.

Sterke prijsfluctuaties in koffie

Gemiddeld fluctueerde de koffieprijs sinds 2014 zo’n 11% in per maand. Dit betekent dat er een gemiddeld verschil van 11% zit tussen de hoogste en de laagste prijs van koffie in een maand. Het lange termijn gemiddelde (sinds 1980) ligt nog hoger, namelijk op 17%. Ten opzichte van andere grondstoffen, zoals suiker en cacao, is dit relatief hoog.

Dit jaar is de beweeglijkheid van de koffieprijs hoger dan gemiddeld. Dit had verschillende oorzaken. Zo stond in januari de prijs onder druk door een hogere productie uit Colombia. Ook een zwakkere Braziliaanse real droeg bij aan een lagere koffieprijs, want dit moedigde producenten en handelaren aan om meer koffie aan te bieden. In januari daalde daardoor de koffieprijs met zo’n 25%.

In februari en maart trad enig herstel op in de prijs. Directe aanleiding waren de dalende koffievoorraden en een staking in een grote koffiehaven in Brazilië. De prijs steeg met zo’n 20%. Deze sterke beweeglijkheid van de koffieprijs houdt de komende maanden aan. Want de verdere verspreiding van het coronavirus in Latijns Amerika gaat voor meer stress zorgen in de waardeketen. Dit gaat meer druk opleveren in het koffieaanbod.

Stille ramp

Tientallen jaren geleden konden veel boeren in Latijns-Amerika nog verschillende gewassen op hun land verbouwen. Met de groei van de vraag naar koffiebonen van de beste kwaliteit (de zogenoemde ‘specialty coffee’) kwam hier een einde aan. De specialty coffees gingen tegen veel hogere prijzen over de toonbank. Het leidde ertoe dat veel boeren hun land uitsluitend aan koffieproductie gingen besteden. Deze eenzijdige productie zorgde voor een overaanbod en structureel lagere prijzen. Het heeft bijgedragen aan de crisis van nu. Het levensonderhoud van veel koffieboeren is tegenwoordig teveel afhankelijk van de inkomsten uit koffie.

Veel kleine boeren staan er financieel slecht voor en dit zien de nieuwe generaties ook. Die staan niet te popelen om in de koffiesector hun toekomst op te bouwen. Dit maakt de roep voor een economisch duurzame sector op de lange termijn zo belangrijk. Het grote probleem is echter dat de koffiemarkt in Latijns-Amerika sterk versnipperd is, met veel kleinschalige boeren. Dit maakt het allemaal niet erg transparant en houdt de complexiteit hoog. Een goede koffieprijs blijft in ieder geval van levensbelang. Want goedkoop is uiteindelijk duurkoop.

ABN AMRO ondersteunt de kleine koffieboer

ABN AMRO, Rabobank en BNP Paribas ondersteunen samen met Neumann Kaffee Gruppe (NKG), IDH en USAID kleine koffieboeren in Kenia, Honduras en Mexico. De drie banken verzorgen de financiering en delen het kredietrisico samen met NKG, USAID en IDH. ABN AMRO heeft deze unieke kredietfaciliteit ter waarde van 25 miljoen voor NKG geregeld (als Lead Arranger en Coordinator). Voor meer informatie over dit initiatief, klik hier.

Deze column heeft op 13 april ook op de site van de Telegraaf gestaan onder de titel: ‘goedkope koffie is uiteindelijk duurkoop’