Focus op werkloosheid

door: Nico Klene

  • Werkloosheid in maart nog gedaald, maar gaat sterk stijgen
  • De officiële werkloosheid is in maart nog niet gestegen, maar zelfs iets gedaald
  • Dat komt onder meer doordat het ‘corona-effect’ nog slechts gedeeltelijk in de cijfers zit
  • Maar achter de lichte daling van de werkloosheid gaan bewegingen op de arbeidsmarkt schuil die wel degelijk wijzen op een omslag: meer werkenden hebben hun baan verloren, terwijl minder werklozen werk hebben gevonden
  • De zware recessie waarin Nederland is terechtgekomen, zal haar tol eisen. De steunregelingen van de overheid kunnen niet voorkomen dat de werkloosheid eind van het jaar zal zijn gestegen tot zo’n 5% van de beroepsbevolking, van 2,9% in maart
Focus-op-werkloosheid-maart-2020.pdf (236 KB)
Download

Werkloosheid in maart nog heel licht afgenomen

Kort nadat delen van de Nederlandse economie medio maart grotendeels op slot gingen, kwamen al de eerste berichten over mensen die hun baan waren kwijtgeraakt. Uit het buitenland, met name de VS, volgden onheilspellende berichten over enorme aantallen mensen die werkloos waren geworden. Vorige week publiceerde het CBS de cijfers over de Nederlandse werkloosheid in maart. En wat bleek: het aantal werklozen was nog iets verder afgenomen. Hoe zit dat?

Wel degelijk kentering op de arbeidsmarkt

Voor de verklaring wijzen we op twee factoren. De werkloosheid wordt gemeten met behulp van een enquête die in de loop van de maand wordt afgenomen. Een deel van de antwoorden dateert van vóór midden maart. Daar zit het ‘corona-effect’ dus nog niet in. De tweede verklaring heeft te maken met de vraag: ‘wat is werkloos?’. Volgens de (internationale) definitie word je als werkloos geteld als je (i) geen betaald werk hebt, maar (ii) wél actief hebt gezocht naar werk én (iii) meteen beschikbaar bent. Personen die niet voldoen aan deze drie criteria, zijn formeel niet werkloos.[1] Zij behoren tot de ‘niet-beroepsbevolking’.

Wanneer we wat beter naar de maartcijfers kijken, zien we dat er wel degelijk sprake was van een kentering. Het is belangrijk om te weten dat achter een verandering van het aantal werklozen diverse, deels tegengestelde bewegingen schuil gaan. Kijk naar de eerste afbeelding op de volgende bladzijde. Daarin worden de stromen op de arbeidsmarkt weergegeven. In het midden zien we de stromen naar en uit de (formele) werkloosheid. Er zijn werkloze mensen die een baan vinden, en anderen die hun baan verliezen. Er zijn mensen die gaan zoeken naar werk (schoolverlaters en herintreders) en formeel werkloos worden als ze niet meteen een baan vinden. Anderzijds zijn er werkloze personen die besluiten niet langer te blijven zoeken naar werk, waardoor ze buiten de werkloosheidsstatistiek komen te vallen. De cijfers in de afbeelding laten zien dat die achterliggende stromen veel groter zijn dan de toe- of afname van het aantal werklozen.

Meer mensen hebben hun baan verloren, minder werklozen hebben werk gevonden

Deze CBS-cijfers laten steeds de ontwikkeling zien ten opzichte van drie maanden geleden. Ze hebben dus niet alleen betrekking op de maand maart. Maar doordat het CBS die cijfers maandelijks publiceert, krijgen we toch een aanwijzing voor wat in maart is gebeurd. Het aantal mensen dat in de voorbije drie maanden zijn baan heeft verloren en werkloos is geworden, is in maart gestegen. Tegelijkertijd vonden minder werklozen een baan dan in de voorgaande maanden. Er waren weliswaar nog steeds meer ‘baanvinders’ dan ‘baanverliezers’ (verschil: 33.000; zie onderstaande afbeelding links), maar het gunstige verschil is duidelijk afgenomen. Sinds afgelopen najaar was hier juist een verbetering zichtbaar geweest.[2]

Werkgelegenheid is afgenomen

Een andere aanwijzing voor de omslag op de arbeidsmarkt is de daling van de werkgelegenheid. Het aantal werkenden nam in maart met 17.000 af ten opzichte van februari. Een dergelijke maandelijkse daling hebben we sinds het voorjaar van 2014 niet meer gezien. In de eerste drie maanden van dit jaar tezamen genomen zagen we nog een toename van 12.000 (cijfer links in de eerste afbeelding).

Niet alleen zijn er werkenden (formeel) werkloos geworden, er zijn ook werkenden die de arbeidsmarkt in de voorbije drie maanden al dan niet tijdelijk hebben verlaten. In de eerste afbeelding is dat de onderste stroom (van 222.000). Dit heeft onder meer met natuurlijk verloop te maken: bijvoorbeeld mensen die met pensioen gaan. Maar het aantal personen dat in de voorbije drie maanden de arbeidsmarkt heeft verlaten, was in maart zo’n tien procent groter dan daarvoor (zie tweede afbeelding rechts). Dat geeft aan dat méér mensen hun werk hebben verloren zonder dat ze formeel werkloos zijn geworden. Ze zijn kennelijk niet meteen op zoek gegaan naar werk en/of waren niet meteen beschikbaar voor werk. Dan tellen ze niet mee als werkloos.

Daarnaast zien we ook dat het aantal nieuwelingen op de arbeidsmarkt dat meteen werk heeft gevonden, niet meer zo groot was als in de voorgaande maanden (zie tweede afbeelding rechts). In maart waren het er 201.000 (bovenste stroom in eerste afbeelding), zo’n tien procent minder dan in de voorgaande maanden.

Diepe recessie doet werkloosheid sterk stijgen

Door de maatregelen om de verspreiding van het coronavirus tegen te gaan, zijn grote delen van de (wereld)economie vrijwel tot stilstand gekomen. In de eerste twee kwartalen van het jaar zal de economie heel sterk krimpen. In ons – relatief milde[3] – hoofdscenario gaan we ervan uit dat de Nederlandse economie dit jaar gemiddeld ruwweg 4% krimpt.

De werkgelegenheid zal daardoor fors inzakken en als gevolg daarvan gaat de werkloosheid hard omhoog – meer dan tijdens de Grote Recessie van 2008-2009. Dit ondanks maatregelen van de overheid om de stijging van de werkloosheid tegen te gaan. We houden er rekening mee dat de werkloosheid tegen het einde van het jaar zal zijn opgelopen naar zo’n 5% van de beroepsbevolking, van 2,9% in maart.

[1] Dat zal ook gelden voor veel zzp’ers. Als zij opeens geen werk meer hebben, zullen ze mogelijk toch proberen nieuwe opdrachten binnen te halen. Dat beschouwen ze als onderdeel van hun werk. Anderen zullen kijken of ze de situatie een tijdje kunnen uitzingen (bijv. met de noodsteun van de overheid) en zullen evenmin gaan zoeken naar ander werk. Ze voldoen dan niet aan de werkloosheidscriteria en blijven buiten de formele werkloosheidscijfers.
[2] Daarnaast was het aantal mensen dat actief ging zoeken naar werk maar geen baan vond, in maart wat groter dan in de voorgaande paar maanden. En er waren minder werklozen die stopten met zoeken dan in de voorgaande paar maanden. Beide factoren hadden een verhogend effect op de werkloosheid.
[3] In vergelijking met diverse andere instellingen.