Energie is én blijft geopolitiek gevoelig

door: Hans van Cleef

Na de olie- en gasmarkten wordt ook de elektriciteitsmarkt steeds gevoeliger voor geopolitiek stelt Hans van Cleef.

Energie is geopolitiek. Voor de oliemarkt is dit geen nieuws. Al menigmaal verstoorden internationale conflicten de oliehandel. De eerste keer was in1956, toen de Europese olie-import bemoeilijkt werd door de Suez-crisis. Het conflict tussen Egypte aan de ene kant en het Verenigd Koninkrijk en Frankrijk anderzijds resulteerde in een tijdelijke sluiting van het Suez-kanaal. Een tweede crisis, de ‘eerste’ oliecrisis in 1973, was het gevolg van een boycot van olietransport door de OPEC naar westerse landen. In 1979 volgde een nieuwe oliecrisis door een wisseling van de macht in Iran. En mogelijk is er net een nieuwe oliecrisis gestart na de dodelijke aanval van de VS op een Iraanse generaal wat momenteel leidt tot nieuwe spanningen. Alle genoemde crises leidden tot een stijging van de olieprijs met negatieve economische gevolgen voor de olie-importerende landen. Dit resulteerde in een – naar later bleek succesvolle – zoektocht naar nieuwe olievelden in de VS en Europa. De afhankelijkheid van de OPEC nam aanmerkelijk af. Daarnaast werden strategische olievoorraden aangelegd om tot drie maanden vooruit te kunnen in het geval van nieuwe handelsstoringen.

“Spanningen rond gaspijpleidingen lopen op, zo leert de recente geschiedenis”

De gasmarkt was daarentegen lange tijd vooral een regionale aangelegenheid. Gaspijpleidingen zijn niet van de ene op de andere dag gebouwd. En als zij eenmaal liggen, hebben zowel de consument als de producent een wederzijds belang in het goed laten functioneren van deze pijpleiding. De geschiedenis van de laatste vijftien jaar leert echter dat ook hier de spanningen oplopen, met name rond het vernieuwen van gastransportcontracten tussen Rusland en Oekraïne. Dat heeft soms geleid tot verstoringen in de doorvoer van gas vanuit Rusland richting Oost-Europa. De vraag naar gas in Europa zal de komende jaren verder toenemen door het sluiten van kolen- en kerncentrales en het dalen van de Europese gasproductie. Om aan deze extra vraag te kunnen voldoen, is er extra importcapaciteit nodig. Deze capaciteit is en wordt gebouwd in de vorm van LNG (liquified natural gas) importterminals en een uitbreiding van de pijpleidingcapaciteit voor gas uit Rusland: Nordstream 2 (pijpleiding van Rusland naar Duitsland) en Turkstream (pijpleiding door Turkije als vervanging van de eerder geplande Southstream via Bulgarije). Beide pijpleidingen zullen naar verwachting nog dit jaar gereed zijn. Ze zijn echter omstreden omdat beide alternatieven kunnen leiden tot minder afhankelijkheid van gastransport door Oekraïne, tot nu toe goed voor zo’n 80% van de gasimport richting Europa, en het onze afhankelijkheid van Rusland verder vergroot.

“Gasmarkt wordt steeds meer internationaler”

Met LNG als alternatief voor pijpleidinggas heeft het aspect geopolitiek nog meer haar intrede gedaan in de gasmarkt. De regionale spelers worden ineens geconfronteerd met spelers en ontwikkelingen op de wereldmarkt. De vraag naar gas vanuit Azië en het aanbod van gas uit de Verenigde Staten zijn ineens factoren die van belang zijn in de prijsvorming van gas in Europa. Op 20 december jongstleden zagen we een nieuwe geopolitieke ontwikkeling in de gasmarkt. President Trump tekende een wet waarin sancties worden opgelegd aan bedrijven die werken aan de aanleg van Nordstream 2. De VS probeert daarmee ‘de Europese afhankelijkheid van Russisch gas, en daarmee de invloed van Rusland op Europees beleid te beperken’. Wel komt de VS met een alternatief: ‘Freedom gas’ – oftewel LNG uit de VS. Vanuit Europees perspectief is de naam om meerdere redenen ongelukkig gekozen. Ook doet het niets af aan de absolute afhankelijkheid van gas. Er is echter een groot verschil tussen gas uit Rusland en gas uit de VS. Het gas uit Rusland kan niet snel richting andere consumenten – zoals China – zolang er geen pijpleidingcapaciteit ligt. LNG uit de VS zal linearecta naar Azië gaan op het moment dat daar de prijs van gas een fractie hoger ligt dan in Europa. Freedom gas betekent vanuit het Europese oogpunt van leveringszekerheid daarom wellicht iets teveel vrijheid.

“Duurzame energie staat vooralsnog los van geopolitieke inmenging”

Een veel gehoorde redenering is dat we enkel moeten inzetten op duurzame energiebronnen. Er is de opgave om onze CO2-uitstoot drastisch te reduceren, maar ook om minder afhankelijk te worden van zogenaamde ‘schurkenstaten’ en dus niet meer gevoelig te zijn voor geopolitiek. Maar is dat wel mogelijk? Duurzame energie wordt normaal gesproken lokaal opgewekt en bij voorkeur ook lokaal geconsumeerd. Duurzame energie staat daardoor los van enige geopolitieke inmenging, zou je zeggen. Tegelijkertijd zien we dat de interconnectiecapaciteit tussen landen flink wordt uitgebreid. Dit houdt in dat er meer elektriciteit tussen landen verhandeld én geleverd wordt om zo het aanbod en de vraag op grotere afstanden beter op elkaar te laten aansluiten. Elektriciteit wordt daardoor minder een lokale markt en meer een regionale markt.

Steeds meer zien we dat de elektriciteitsprijs beïnvloed wordt door de vraag naar en vooral het aanbod van duurzame energie. Op sommige momenten is de prijs van elektriciteit in Nederland zelfs negatief omdat het aanbod van duurzame energie in Duitsland niet lokaal kan worden opgenomen. Het wordt daarom naar Nederland geëxporteerd. Dat zet te denken over wat er kan gebeuren op het moment dat er niet alleen in Duitsland, maar ook in Nederland en andere omringende landen een overaanbod aan elektriciteit wordt opgewekt. De prijs van elektriciteit zal dan erg onder druk komen, tenzij er tegen die tijd voldoende opslagcapaciteit beschikbaar is. Zo niet, dan moet de productiecapaciteit tijdelijk worden beperkt. Als de elektriciteitsprijs zo onder druk staat, zal de Europese politiek dan accepteren dat nationale productie mogelijk wordt beperkt om internationale productie te faciliteren? En wat als de situatie andersom is? Dat er juist te weinig duurzame elektriciteit wordt opgewekt en er teruggegrepen moet worden op (waarschijnlijk gasgestookte) back-up capaciteit? Capaciteit die mogelijk niet in ieder land voldoende aanwezig is. Dan zijn we weer terug bij de eerder genoemde geopolitieke risico’s in de gasmarkt. Of misschien hebben we tegen die tijd een markt in waterstof met gelijke geopolitieke belangen. Mijn stelling is dat geopolitiek ook in de elektriciteitsmarkt een steeds dominantere rol gaat spelen nu deze steeds belangrijker wordt. Zeker zolang, naast klimaatdoelen, ook economische belangen en (nationale) leveringszekerheid belangrijke factoren zijn die onze uiteindelijke energiemix bepalen.

 

Deze column werd eerder gepubliceerd op Energiepodium.nl