Koopkrachtplaatjes, wat moeten we er mee?

door: Theo de Kort

“De burger gaat nu echt merken dat het goed gaat met de BV Nederland”. Prachtig, maar dat horen we toch standaard rond Prinsjesdag? Is de Nederlander immuun voor het positieve gevoel dat hij er ieder jaar iets bij krijgt? Of klopt het cynische gevoel dat die zwaluw altijd een dooie mus is?

Dat laatste kunnen we deels ontkrachten. Harde data toont dat sinds 2013 de koopkracht gemiddeld bijna 6½% is gestegen. Dat cynische gevoel kunnen we echter ook deels bevestigen. Uitkeringsgerechtigden en vooral gepensioneerden hebben het verlies aan koopkracht sinds de vorige crisis nog steeds niet goedgemaakt. Wel positief is dat velen de laatste jaren uitkeringen hebben verruild voor werk, waarmee de individuele koopkracht vaak behoorlijk is gestegen.

Terug naar Prinsjesdag. Het kabinet verlaagt de lasten in 2020 voor huishoudens met 3 miljard euro. Met 7.8 miljoen huishoudens in Nederland komt dat neer op iets van € 380 per huishouden. Dankzij deze extra lastenverlichting kan de koopkracht volgend jaar in doorsnee omhoog met 2,1%, in plaats van 1,2%, ofwel grofweg € 720 per huishouden.
Tijdens de algemene beschouwingen waren de toekomstige koopkrachtplaatjes weer een heet issue. Over die plaatjes ben ik cynisch, net als velen trouwens. Het zijn niet meer dan een indicatie om met beleidsvoornemens richting te geven aan een evenwichtige verdeling van de koopkrachtontwikkeling. Pas achteraf kan men feitelijk zien hoe de koopkracht zich heeft ontwikkeld. Koopkrachtstijging is namelijk maar beperkt met overheidsmaatregelen te sturen. Niet ingecalculeerde loonstijgingen, inflatie, hogere zorgpremies en mogelijk lagere pensioenen, zullen ook komend jaar heel bepalend zijn voor de daadwerkelijke ontwikkeling van de koopkracht.

Als loonstijgingen, zoals dit jaar, lager uitvallen dan pakt dat negatief uit voor werkenden. Een dronebombardement op een olieraffinaderij in Saudi Arabië, zorgde recent voor speculaties over een benzineprijs boven de € 2. Een voorgenomen koopkrachtstijging kan dan zomaar in een benzinetank verdwijnen. De dreigende verlaging van de pensioenen door te lage dekkingsgraden is een andere hele reële donkere wolk boven de koopkrachtontwikkeling. Bij de twee grootste pensioenfondsen van ons land, het ABP en het Pensioenfonds Zorg en Welzijn, lijken kortingen van vele procenten zelfs onafwendbaar. Grote kans dat een koopkrachtstijging wordt gemarginaliseerd voor gepensioneerden.

Tot slot zijn er incidentele individuele kosten die mensen niet doet opmerken of zelfs vergeten dat ze meer te besteden hebben. Een voorbeeld. Bij mij thuis moet het zand in de kruipruimte vanwege verzakkingen worden opgehoogd. Mijn vrouw en ik worden er niet gelukkiger van. We zie er niets van, het werkt niet status verhogend, geeft geen luxegevoel en er ligt een offerte van € 900. Samenvattend: als mijn koopkrachtstijging 2020 in het kruipluik verdwijnt dan ben ik het goede nieuws van Prinsjesdag 2019 snel vergeten.