Headlines | Zomer van 2019 is niet de zomer van 2018

door: Loek Caris

foto: Shutterstock

 

Voor het tweede jaar op rij maakt Nederland een zomer mee waarin weerrecords sneuvelen. Eind juli was het zelfs zo warm, dat een nieuw meteorologisch begrip opdook: de ‘superhittegolf’. Daarvan is sprake als het minstens vijf dagen op rij 30°C of meer wordt en waarbij het kwik op drie dagen zelfs naar 35°C of meer stijgt. De term is in het leven geroepen door Weeronline, om onderscheid te kunnen maken tussen ‘gewone’ en extreme hittegolven.

Insight:
Interessant is om te kijken of Nederlandse ondernemers dit jaar dezelfde omzetklappers (positief dan wel negatief) gaan maken als in 2018. Destijds juichten campings, tuincentra, supermarkten, cafés, en binnenvaartschippers en kreunden bioscopen, cementfabrieken, melkveehouders en (glas)tuinders. Akkerbouwers zaten in beide kampen, afhankelijk van hun locatie, teeltplan en afzetcontract. Hoe staan de zaken er nu voor, halverwege de zomer?

Laten we beginnen met de overeenkomsten tussen beide zomers tot nu toe. Het aantal zonuren en tropische dagen (30°C of hoger) ligt tot nu toe (april tot en met juli) zowel in 2018 als in 2019 duidelijk boven het langjarig gemiddelde. Bovendien is er wederom een groot neerslagtekort in het oosten en zuiden van Nederland.

De verschillen tussen beide zomers zijn echter ook groot. Het aantal warme dagen (20°C of hoger) en zomerse dagen (25°C of hoger) ligt tot nu toe duidelijk lager dan vorig jaar. De gemiddelde regenval in KNMI-hoofdkwartier De Bilt ligt bijna precies op het langjarig gemiddelde. Het gemiddelde landelijk neerslagtekort, gemeten over 13 stations, ligt hoger dan normaal, maar flink onder het niveau van afgelopen jaar. Het aantal waterschappen dat beregeningsverboden en grondwateronttrekkingsverboden heeft ingesteld, ligt veel lager dan vorig jaar rond deze tijd.

Door dit gemengde beeld is momenteel slechts één duidelijke groep economische verliezers aan te wijzen: de boeren in Oost- en Zuid-Nederland, waar het neerslagtekort op dit moment net zo groot is als in het droogste jaar van de afgelopen eeuw (1976). Op hun hoge zandgronden is geen wateraanvoer van rivieren en kanalen mogelijk. Met twee zeer droge jaren op rij zouden wij niet verbaasd zijn als er vanwege afnemende liquiditeit bij boerenbedrijven druk komt op de lust tot investeren, bijvoorbeeld in akkerbouwgrond en grasland in deze gebieden.

De lager gelegen agrarische gebieden van Nederland staan er een stuk beter voor. In het IJsselmeer is op dit moment de maximale hoeveelheid water beschikbaar, zodat de boeren in het noorden en westen van het land voldoende rugdekking hebben. En er is, op een enkele locatie na, geen sprake van verzilting, zo meldt Rijkswaterstaat. Dat is met name voor de boeren in Zuidwest-Nederland goed nieuws.

Voor ondernemers in andere sectoren kan het nog alle kanten op met de zomer van 2019. Zonneschijn en hittegolf werden tot nu toe op de meeste plekken afgewisseld met neerslag en ‘gewone’ zomerwarmte. Een laatste opmerking nog over de binnenvaartschippers, die afgelopen najaar hun scheepsruimte voor hoge prijzen konden verhuren vanwege de lage rivierwaterstanden. Van een aanzet daartoe is op dit moment niet veel te merken. Cementproducenten, die voor de toevoer van grondstoffen sterk afhankelijk zijn van de binnenvaart, hoeven zich dus nog geen zorgen te maken.

In Headlines & Insights geeft ABN AMRO duiding bij het nieuws.

Meer informatie: