Polepositie voor koper

door: Casper Burgering

Ik heb weer genoten van de start van het formule 1-seizoen na de zomer. Op 26 augustus ging het spektakel weer los en de openingsfase was weer hectisch. Die parallel kunnen we direct voor de metaalmarkten trekken. De prijzen voor basismetalen – aluminium, koper, nikkel en zink – daalden in het derde kwartaal van 2018 en de beweeglijkheid van de prijzen bleef relatief hoog. Met circa 12% was de gemiddelde prijsdaling fors te noemen. Natuurlijk is dit deels te wijten aan seizoensinvloeden, want gedurende de zomer is er altijd minder vraag naar basismetalen. Maar de hectiek is er niet minder om en dat zorgde voor paniekerige momenten op de metaalmarkten. Het economisch beleid van de VS – de felle handelspolitiek en het meer restrictieve monetaire beleid – heeft hier een nadrukkelijke rol en die storm is nog niet gaan liggen. In het vierde kwartaal nemen de fundamentele trends in vraag en aanbod het weer over als krachtbron. Per saldo gaat hier een stuwende werking op de prijzen van uit. Desondanks blijven de risico’s aanzienlijk; de handelsoorlog en de economische onrust bepalen de bochtigheid in de komende eindsprint.

De startopstelling is als volgt…

Op P1 staat koper. De prijs van het rode metaal is van alle basismetalen het meest gevoelig voor macro-economische trends en zit sinds de start van dit jaar in een neerwaartse spiraal. Het economisch beleid van de VS is al langere tijd mondiaal onderwerp van discussie en dat drukt de prijs. Naar mijn idee is de prijs van koper ondergewaardeerd, want de fundamentele basis is goed. Een mondiaal tekort aan koper, dalende (en relatief lage) voorraden en een zwakkere dollar in het vierde kwartaal zijn de belangrijkste impulsen voor een sterkere koperprijs. Koper staat dus aan het begin van het vierde kwartaal wat mij betreft op polepositie.

Direct hiernaast staat titelrivaal nikkel. Nikkel heeft ook een goede uitgangspositie, zeker op de lange termijn. De vraag naar dit metaal blijft goed, mede dankzij de positieve verwachtingen over de vraag naar de elektrische auto. Maar de voorraden zijn nog relatief hoog en dat maakt dat nikkel op P2 staat.

Vooraan op de tweede startrij staat aluminium. Rusal – de grootste producent van aluminium buiten China – heeft tot half november de tijd om te ontkomen aan sancties van de VS. Lukt dat niet en worden de sancties effectief, dan daalt de mondiale beschikbaarheid van aluminium. Ook het aanbod van de grondstoffen voor het maken van aluminium staat onder druk. Beide krachten hebben de potentie om een prijsstijging te veroorzaken, maar dankzij het hardnekkige overaanbod – met name in China – zal de prijstoename beperkt blijven.

Zink vinden we terug op P4. Weliswaar heeft de Chinese zinkmarkt nu nog te maken met krapte – mede als gevolg van capaciteitsreducties – maar op mondiale basis is het tekort verwaarloosbaar. Daarbij komt dat op de langere termijn overaanbod wordt verwacht, dat zich vooral in 2019 zal uiten. Dit perspectief zorgt ervoor dat significante prijsstijgingen niet voor de hand liggen.

Het wordt een spannende eindsprint in het vierde kwartaal. Amper bekomen van het mondiale macro-economische tumult valt in het laatste kwartaal van dit jaar nieuwe commotie te verwachten. Koper domineerde de kwalificatieronde en is favoriet voor de titel, maar het rode metaal moet zijn betrouwbaarheid nog wel bewijzen. Vol gas zal het denk ik niet gaan, want daar zijn de omstandigheden nog te onzeker voor.

Deze column staat ook in het Vakblad Vraag & Aanbod.