Visie op rente en euro – Italiaanse druk op rente en euro

door: Nico Klene

Ramingen lange rente en euro verlaagd

  • De lange rente is de eerstkomende kwartalen lager dan we eerder dachten vanwege de toegenomen onzekerheid
  • De euro kan daarom eerst nog verder verzwakken en zal pas in het najaar weer wat sterker worden
  • We handhaven onze verwachting dat de ECB haar beleid heel geleidelijk minder ruim zal maken
2018-06-visie.pdf (176 KB)
Download

Lange rente lager door politieke onrust in Italië

De lange rente is in mei gedaald. Dat kwam vooral door de politieke onzekerheid in Italië. Deze werd veroorzaakt door de formatie van een nieuwe regeringscoalitie – van de populistische Vijfsterrenbeweging en de uiterst rechtse Lega. De financiële markten hadden ernstige bedenkingen bij de begrotingsplannen van deze mogelijke coalitie. Bij onrust kiezen beleggers voor veilige beleggingen, zoals Duitse en Nederlandse overheidsobligaties. De lange rente daalde hier dan ook. De Italiaanse lange rente liep daarentegen stevig op, waardoor het renteverschil met Duitsland sterk toenam.

Vervolgens kwam de formatie van een nieuwe regering niet rond omdat de Italiaanse president weigerde akkoord te gaan met een uitgesproken eurosceptische minister van Financiën. Een overgangsregering zou nieuwe verkiezingen gaan uitschrijven (die het karakter dreigden te krijgen van een euroreferendum). Vervolgens hebben de twee coalitiepartijen toch een akkoord bereikt – met een gematigder minister van Financiën. De onrust op de markten is iets geluwd en de Italiaanse lange rente is weer wat gedaald.

Lange rente blijft langer laag dan we verwachtten

Al met al veel onzekerheid, die nog wel even aanhoudt. De nieuwe regering is immers van plan flink meer geld uit te geven waardoor het overheidstekort sterk gaat oplopen. We denken daarom dat de (al gedaalde) lange rente in Duitsland en Nederland voorlopig laag blijft.

In het najaar verwachten we weer herstel. Vervolgens kan de rente in 2019 verder oplopen onder invloed van het (waarschijnlijk) minder ruime beleid van de ECB.

Ook de euro onder druk door ontwikkelingen in Italië

De euro is eveneens door de ontwikkelingen in Italië geraakt. Ook de wat mindere economische cijfers in de eurozone hebben de munt wat gedrukt. Naar onze verwachting houdt de druk op de euro nog een tijdje aan, zowel vanwege die onzekerheid als door het grotere renteverschil met de VS.

We denken dat de euro richting USD 1,10 kan gaan. In het najaar kan de munt weer wat herstellen. En volgend jaar kan de euro verder stijgen. Want steeds meer marktpartijen gaan er dan rekening mee houden dat de renteverschillen met de VS zullen afnemen omdat ook de ECB de rente gaat verhogen.

Gaat ECB reageren op de zwakkere economische cijfers?

Uit de notulen van de laatste rentevergadering blijkt dat de ECB vasthoudt aan haar verwachtingen ten aanzien van de economische vooruitzichten. Maar ze erkent ook dat de onzekerheden zijn toegenomen. Nieuwe economische cijfers worden daarom nauwlettend bekeken. Nog steeds is de ECB van mening dat de inflatie geleidelijk richting het doel van krap 2% zal gaan. De forse daling van de kerninflatie in april was een tegenvaller, maar werd veroorzaakt door incidentele factoren. In mei sprong de kerninflatie inderdaad weer flink omhoog, naar 1,1% – zelfs iets boven het niveau van maart.

De ECB wekt niet de indruk dat de recente ontwikkelingen al aanleiding zijn de visie op het toekomstige beleid aan te passen. Wij gaan er dan ook nog steeds van uit dat de ECB haar opkoopprogramma van obligaties na september in twee stappen van drie maanden zal terugbrengen naar nul. Dan zitten we in april 2019. Een eerste renteverhoging – van 10 basispunten – voorzien we pas in september 2019. In december kan een tweede verhoging volgen.

De zwakkere economische cijfers in de eurozone – en ook van diverse opkomende economieën – hebben wel het risico verhoogd dat de eerste renteverhoging nog wat later komt.