Innoveren kan je leren

door: Petran van Heel

Het gaat op het eerste gezicht goed met de bouwsector. De omzetten stijgen fors. Maar tegelijk dienen zich problemen aan: van personeelstekorten tot sterk stijgende kosten en teruglopende marges. Veel meer innovatie is daarop het antwoord. Bouwbedrijven die daar nu – tijdens hoogconjunctuur – niet in investeren, wacht een problematische toekomst.

Oppervlakkig gezien lijkt er geen vuiltje aan de lucht in de bouwsector. Al vier jaar lang liggen de groeipercentages in de bouwsector structureel boven die van de economie als geheel. De bouwproductie ligt medio 2018 nog slechts enkele procenten onder die van begin 2009, voor de crisis begon.

Overigens zijn de onderlinge verschillen groot in de bouwsector. Zoals de media regelmatig berichten gaat het vooral met sommige grote bouwbedrijven helemaal niet zo goed. Zij hebben bijvoorbeeld te maken met bouwprojecten die tijdens de crisis voor een laag bedrag hebben aangenomen. Door de sterk gestegen kosten voor materiaal en personeel lijden ze daar nu verlies op.

Kleine bedrijven, grote prestaties

Uit cijfers blijkt dat vooral kleine bouwbedrijven (1 tot 10 werknemers) het goed doen. Hun omzet is sinds de eerste opleving van de bouwsector (derde kwartaal 2013) gemiddeld met 47,5% gestegen. Middelgrote bouwers zagen hun omzet in dezelfde periode met 23,8% stijgen; grote bouwers (meer dan 100 werknemers) met slechts 10,9%. Ook is er een sterk verschil tussen branches: woning- en utiliteitsbouw ziet de omzet de laatste jaren sterk stijgen, terwijl die bij grond-, weg- en waterbouw (GWW) nauwelijks toeneemt.

Al gaat het met de meeste bouwbedrijven redelijk goed, er is tegelijk een aantal verontrustende signalen. Een belangrijke is het nijpende personeelstekort. Ondanks alle drukte daalt de personeelssterkte in de bouwsector al drie kwartalen op rij. Bovendien nadert een substantieel deel van de werknemers de pensioenleeftijd, waardoor het personeelstekort op de lange termijn waarschijnlijk versnelt. We schreven hier al eerder over in het rapport ‘Anders denken, anders doen’.

Bouwbedrijven geven dan ook aan dat werving steeds moeilijker wordt. Bovendien stijgen de personeelskosten hierdoor, met name de tarieven van zzp’ers. Over dat laatste zijn geen betrouwbare cijfers, maar anekdotisch bewijs geeft aan dat zzp-tarieven in de bouw het afgelopen jaar hier en daar verdubbeld zijn. Ook de kosten van bouwmaterialen stijgen sinds 2015 behoorlijk.

Winstgevendheid blijft achter

Een ander signaal dat bouwers zorgen moet baren, is hun winstgevendheid. De gemiddelde winstmarges zijn de laatste jaren weliswaar gestegen maar gezien de bloei in de sector is dat nog altijd relatief laag. Bovendien nam na drie jaar van groei de marge van bouwers in de woning- en utiliteitsbouw in 2016 alweer af. Naar verwachting is die marge in 2017 verder gedaald. Terwijl de reserves, na de crisis, nog lang niet overal zijn aangevuld.

ABN AMRO analyseert deze trends diepgaander in het rapport Achterblijven in hoogtijdagen. Naast kwantitatieve onderzoeken en analyses interviewden we voor deze sectoranalyse een aantal bouwondernemers uit ons klantenbestand die het gedurende een langere periode structureel beter doen. Belangrijkste conclusie van het rapport: alleen door veel meer in te zetten op innovatie kan de bouwsector op (middel)lange termijn weer gezond en structureel winstgevend worden.

“Innovatie is essentieel”

Uit onderzoeken blijkt dat amper 30% van de bouwbedrijven zich bezighouden met innovatie. Slechts 2,4% van hun omzet besteden bouwbedrijven aan innovatie. En dat terwijl adviesbureau McKinsey heeft berekend dat innovatie tot een vijf à tien keer hogere productiviteit kan leiden. Productiviteit die in de bouw al beduidend lager is dan anders sectoren. Anders dan je misschien zou verwachten, zijn het vooral de kleine bouwbedrijven die innoveren (en zoals al genoemd, de grootste omzetgroei laten zien).

“Innovatie is essentieel”, zegt Ellis ten Dam, directeur business development van Royal HaskoningDHV.. Dat hoeven volgens haar echt geen grote, disruptieve innovaties te zijn. “In de bouwsector hoeven niet allemaal Willie Wortels rond te lopen die nieuwe uitvindingen doen. We moeten gewoon beter gebruik maken van ons lerend vermogen, dingen voortdurend blijven verbeteren. En veel dingen kunnen echt veel beter.”

Innovatie in de bouwsector is vaak procesinnovatie: dingen handiger aanpakken, bijvoorbeeld door automatisering en digitalisering. Door (proces)innovatie kunnen twee van de grootste pijnpunten in de bouwsector serieus aangepakt worden: de haperende arbeidsproductiviteit en de veel te hoge faalkosten.

De arbeidsproductiviteit in de bouw is sinds de jaren negentig nauwelijks gestegen. De statistische stijging van de afgelopen twee jaar is waarschijnlijk toe te schrijven aan de sterke stijging van de bouwproductie waardoor het personeel keihard ‘aan de bak’ moet.

De faalkosten (kosten door onnodige fouten) in de bouw liggen maar liefst rond 10% van de omzet, ofwel zo’n € 6 miljard per jaar. Slechte communicatie en afstemming, processen niet op orde: dat zijn belangrijke oorzaken van de hoge faalkosten, zeggen succesvolle bouwondernemers. Door op die terreinen te innoveren kunnen bouwbedrijven veel winnen, ook wat betreft betere relaties met de klant. “Door innovatie ga je anders nadenken over je product of proces. Hierdoor word je als bedrijf ook flexibeler”, zegt adjunct-directeur financiën Roel Hommel van de Nederlandse Bouwunie.

Structureel samenwerken

Bouwbedrijven moeten ook structureel meer gaan samenwerken, en niet bang zijn kennis te delen. “Wanneer je ieder woningproject als uniek beschouwt waarbij je samenwerkt met wisselende onderaannemers, leidt dit tot hogere faalkosten”, zegt directeur Erik Nijhuis van Nijhuis Bouw. Bouwbedrijven hebben vaak een ouderwetse opvatting van samenwerken. Juist op het gebied van innovatie werken ze het minst samen met partners zoals installatiebedrijven en toeleveranciers, blijkt uit onderzoek van het Economisch Instituut voor de Bouw (EIB). “Terwijl samenwerking allesbepalend is voor het succes van de onderneming”, aldus Nijhuis. Volgens Ben van de Meerakker, financieel directeur bij Bouwbedrijf Van de Ven, voegt daar aan toe ’Ook de communicatie en het delen van kennis binnen de organisatie maakt het verschil’.

En dan heeft innovatie nóg een uiterst belangrijk effect. In de slag om het aantrekken van gekwalificeerd personeel zijn innoverende bouwbedrijven natuurlijk veel interessanter voor sollicitanten. Hier speelt ook sociale aandacht een rol, ‘Aandacht en waardering voor je personeel wordt in toenemende mate belangrijker’ stelt Ben van de Meerakker.

Conclusie

Conclusie is dat het momenteel weliswaar goed lijkt te gaan met de bouwsector, maar dat er tal van signalen zijn dat het verdienmodel van de bouwwereld op termijn niet houdbaar is. Innovatie is de sleutel tot een gezonde en structureel winstgevende sector, zoals de best presterende bouwbedrijven nu al laten zien. Daarnaast moet de bouwwereld veel meer en structureler gaan samenwerken, communiceren en kennisdelen, en de efficiëntie van processen verbeteren.