‘War for talent’ ontspruit op de kinderopvang

door: Eric Zwaart , Selma van der Graaf

Het zijn drukke tijden in de kinderopvang in Nederland. Het aantal kinderen op de opvang blijft groeien en daarmee ook de vraag naar nieuwe beroepskrachten. Nieuwe wettelijke kwaliteitseisen die per 2019 ingaan zorgen voor nog eens minimaal 2500 nieuwe arbeidsplekken, zo blijkt uit onderzoek van ABN AMRO, BOinK en Waarborgfonds Kinderopvang. Dit kan leiden tot een war for talent want er is nu al sprake van een personeelstekort onder opvoedkundigen.

Op 1 januari 2018 is de Wet Innovatie en Kwaliteit Kinderopvang (IKK) van kracht geworden. Onderdeel van deze wet is een aanscherping van de toezichtratio op baby’s in de kinderopvang met ingang van 2019. Met andere woorden: het aantal baby’s waarop een medewerker maximaal tegelijkertijd toezicht mag houden, gaat omlaag. Aanbieders van kinderopvang kunnen op twee manieren reageren op deze nieuwe maatregel: óf meer personeel inzetten (dus hogere kosten), óf minder kinderen opvangen (dus een lagere omzet). Dit laatste betekent ook dat kinderopvangorganisaties nee moeten verkopen, terwijl de vraag naar opvang alleen maar toeneemt. ABN AMRO onderzocht in samenwerking met belangenvereniging voor ouders BOinK en Waarborgfonds Kinderopvang hoeveel extra banen erbij moeten om aan de maatregel te voldoen, met het huidige aantal kinderen en baby’s in de opvang. Dat zijn er minimaal 2500, waarvoor de werving nog moet starten. Zoveel nieuwe gekwalificeerde mensen zijn er eenvoudigweg niet voorhanden. Dit aanbodprobleem dreigt de maatschappelijke discussie over betaalbaarheid van de kinderopvang irrelevant te maken.

Rapport Kinderopvang.pdf (783 KB)
Download