China Focus – Meer centralisme, meer protectionisme

door: Arjen van Dijkhuizen

  • Officiële groeidoelstelling ‘ongeveer 6,5%’, in lijn met onze voorspelling
  • Overkoepelend thema Volkscongres: meer macht naar centrum en president
  • Reductie financiële risico’s, vervuiling en armoede blijven de topdoelen
  • Laatste macro-cijfers wijzen op kracht Chinese economie in begin 2018
  • Toenemende handelsfricties met de VS momenteel belangrijkste risico
  • Door VS onder sectie 301 genoemde maatregelen vooralsnog ‘beheersbaar’
  • Genoemd bedrag komt overeen met 2,5% van de totale uitvoer van China
180315-China-Focus.pdf (362 KB)
Download

Volkscongres zet groeidoelstelling op ‘ongeveer 6,5%’, in lijn met onze voorspelling

Tijdens het jaarlijkse Nationaal Volkscongres hebben we tot dusverre geen grootscheepse wijzigingen gezien op het vlak van het macro-economische beleid. De officiële doelstelling voor de economische groei voor 2018 werd bepaald op ‘ongeveer 6,5%’, in lijn met onze voorspelling. Vergeleken met vorig jaar werd de zinssnede ‘of hoger, indien in praktijk mogelijk’ geschrapt. Dat is op zich logisch in een scenario van een geleidelijke groei-vertraging: vorig jaar liet de groei immers verrassend een lichte versnelling zien, tot 6.9%. In het werkplan voor 2018 zijn diverse strategische doelstellingen opgenomen. Ten eerste  de ondersteuning van de nieuwe economie, een bevestiging van de opkomst van China als technologiereus. Ten tweede, het stabiliseren van het schuldniveau. Ten derde, het verbeteren van de toegang voor buitenlandse bedrijven. Ten vierde, het doorgaan met hervormingen aan de aanbodzijde (zoals een verdere reductie van overcapaciteit in de staal- en kolensector).

Op het vlak van de overheidsfinanciën kondigde premier Li Keqiang een reductie van het begrotingstekort aan, tot 2,6% van het bbp (2017: 3,0%). Voor het eerst sinds 2012 mikt Beijing daarmee op een verlaging van het begrotingstekort. Overigens staat hier een stijging van het off balance sheet tekort tegenover, dat wordt gefinancierd door speciale obligaties van lagere overheden. Per saldo blijft het gecombineerde tekort ongeveer gelijk, op naar schatting 4% van het bbp. Op monetair vlak werden geen grote veranderingen bekend gemaakt. De inflatiedoelstelling bleef 3%. Wel publiceerde de overheid niet langer een doelstelling voor de groei van de kredietverlening. We denken dat een verdergaande geleidelijke afkoeling van de kredietgroei in het verschiet ligt, aansluitend bij het voortzetten van het beleid van gerichte verkrapping.

Overkoepelend thema Volkscongres: meer macht naar centrum en naar president

Waar de macro-economische beleidsmix niet veel zal veranderen, nam het Volkscongres wel een aantal grote institutionele wijzigingen aan. Overkoepelend thema daarbij is een verdere centralisatie van de macht bij een steeds machtiger president. Het Volkscongres ging akkoord met het afschaffen van de regel dat een president maximaal twee termijnen mag volmaken. Deze regel was in 1982 ingevoerd door Deng Xiaoping. Daarmee wilde Deng tragedies voorkomen zoals tijdens de laatste regeerperiode van Mao Zedong in de jaren zeventig. De afschaffing van deze regel geeft president Xi Jinping (64) de mogelijkheid om levenslang aan te blijven als president. Dat kan aan de ene kant meer duidelijkheid geven, maar is aan de andere kant op langere termijn een bedreiging voor de checks and balances in het Chinese communistische model. Het Volkscongres ging zoals verwacht ook akkoord met de opname van Xi Jinping’s Gedachten over socialisme met Chinese karakteristieken in de grondwet. Dat betekent dat afwijkingen van Xi Jinping’s gedachtengoed kunnen worden uitgelegd als zijnde ‘ongrondwettelijk’.

Wijzigingen in overheid gericht op betere uitvoering van topdoelen

Het Volkscongres ging ook akkoord met een plan om de structuur van de overheid aan te passen. Door de nieuwe structuur zou de Chinese bureaucratie beter in staat moeten zijn om uitvoering te geven aan de belangrijkste beleidsdoelen van president Xi Jinping: reductie van financiële risico’s, vervuiling en armoede. Wat het beheersen van financiële risico’s betreft, zijn het terugdringen van regelgevingsarbitrage en het versterken van de coördinatie tussen toezichthouders belangrijke thema’s. Dat heeft alles te maken met de groeiende schaal en complexiteit van de financiële sector. De reorganisatie omvat de fusie van de bancaire toezichthouder CBRC en de verzekeringstoezichthouder CIRC tot een geïntegreerde toezichthouder voor banken en verzekeraars (CBIRC). CBIRC zal het mandaat voor beleidsformulering en macroprudentieel toezicht overdragen aan de centrale bank. Deze overdracht illustreert de leidende rol van de centrale bank bij het toezicht op de financiéle sector en de coördinatie daarvan.

Wat betreft de bescherming van het milieu worden twee nieuwe ministeries opgericht: Natural Resources en Ecology and Environment. Milieubescherming wordt als kerndoel opgenomen in de grondwet, om aan te geven dat het hier om een structureel doel gaat en niet om iets tijdelijks. Wat betreft de bestrijding van armoede wordt een nieuw ministerie (Agriculture and Rural Affairs) opgericht. Dat krijgt het mandaat om China’s infrastructuur op het platteland te verbeteren en de productie in de agrarische sectoren te moderniseren. Ten slotte moet op het vlak van het buitenlandse beleid de nieuw op te richten International Development Cooperation Agency de Chinese ontwikkelingshulp coördineren en plaatsen binnen strategische geopolitieke initiatieven zoals One Belt, One Road.

 

Laatste macrodata  suggereren dat Chinese economie begin 2018 sterk bleef

De macrodata over januari en februari roepen het beeld op dat het negatieve effect van de maatregelen tegen luchtvervuiling beperkt is. Deze maatregelen hadden betrekking op de zware industrie in het noorden van China. De groei van de industriële productie voor januari en februari gecombineerd versnelde naar 7,2% j-o-j (december: 6,2%). Deze versnelling kwam vooral door de nutsbedrijven en de mijnbouw en niet door de verwerkende industrie. Het betrof vooral een stijging van de elektriciteitsproductie die verband hield met het koude winterweer. De groei van de investeringen in vaste activa versnelde naar 7,9% j-o-j (december: 7,2%). Dat kwam vooral dankzij het herstel van de investeringen in vastgoed, hoewel andere indicatoren voor de bouw juist een afkoeling lieten zien. De groei van de detailhandelsverkopen was ook behoorlijk, deze nam toe tot 9,7% j-o-j (december: 9,4%).

De cijfers suggereren dat de Chinese economie aan het begin van 2018 sterk is gebleven. Daarbij compenseert een krachtige buitenlandse vraag voor het effect van het aanhoudende beleid van gerichte verkrapping. Overigens lijkt vooral januari een goede maand te zijn geweest, ook als we naar andere indicatoren zoals de PMI’s en de invoer kijken. Bloomberg’s alternatieve raming voor de bbp-groei laat een versnelling zien naar 7,28% j-o-j in januari, het hoogste niveau in zeven maanden. Dat wordt gevolgd door een daling naar 6,84% j-o-j in februari. Overigens viel de lange vakantie in verband met het Chinees nieuwjaar dit jaar volledig in februari. Vorig jaar was dat eind januari/begin februari. Al met al denken we dat de laatste macrodata in lijn zijn met ons basisscenario van een geleidelijke groeivertraging. Wel is het duidelijk dat risico’s van buitenaf toenemen, nu steeds duidelijk wordt dat de VS het handelsbeleid aanscherpt.

… maar de toenemende handelsfricties met de VS leiden tot neerwaartse risico’s

In de afgelopen maanden is het handelsbeleid van de VS een stuk strenger geworden, nu protectionisten een zwaardere stem hebben gekregen in de regering-Trump. In de afgelopen maanden heeft de VS invoertarieven afgekondigd op zonnepanelen, was-machines, staal en aluminium. Hoewel het effect van deze maatregelen vooralsnog beheersbaar lijkt in macro-opzicht, overweegt de VS ook om specifieke maatregelen tegen China te namen. Deze vloeien voort uit een zogenoemd Sectie 301 onderzoek naar gedwongen technologieoverdracht en diefstal van intellectueel eigendom door China. Naar verluidt zou de VS van China verwachten een plan te presenteren waarmee het bilaterale handelstekort van de VS met China met ongeveer USD 100 miljard zou afnemen. Ook zou de VS naar verluidt overwegen om invoertarieven in te stellen op circa USD 60 miljard aan Amerikaanse invoer vanuit China, daarbij vooral mikkend op de sectoren technologie en telecommunicatie.

Hoe sterk tikken dit soort maatregelen aan?

Laten we eens proberen de bedragen die in de pers circuleren in perspectief te plaatsen:

·          Volgens Amerikaanse statistieken bedroeg de totale invoer van de VS uit China in 2017 USD 506 miljard. Voor China is de VS de belangrijkste uitvoeringbestemming (ongeveer 20% van de totale Chinese uitvoer gaat naar de VS). Volgens Chinese statistieken bedroeg de totale Chinese uitvoer in 2017 USD 2263 miljard. Dus, USD 60 miljard is geen verwaarloosbaar klein bedrag. Maar we moeten ook weer niet overdrijven: dit komt overeen met 12% van de Chinese uitvoer naar de VS in 2017 en met 2,5% van de totale Chinese uitvoer (naar alle landen) in 2017.

·          Het bilaterale tekort van de VS met China bereikte in januari een recordhoogte van USD 380 miljard. Dat leidde wellicht tot extra druk op de Amerikaanse regering om daar iets aan te doen. Een reductie van dit tekort met USD 100 miljard komt overeen met 25%. Het is ook ongeveer 25% van het totale overschot van China op de handelsbalans in 2017. En het is maar liefst 80% van het totale overschot van China op de lopende rekening in 2017, rekening houdend met het feit dat China een flink tekort op de dienstenbalans heeft.

·          Je overschot op de lopende rekening grotendeels zien verdwijnen onder druk van een buitenlandse overheid klinkt nogal vreemd. Maar dat is eigenlijk ook nogal een theoretisch verhaal. In praktijk kan China, indien het instemt met dit Amerikaanse plan, natuurlijk op zoek gaan naar andere uitvoerbestemmingen en proberen de invoer vanuit andere landen te verminderen om te compenseren voor de hogere invoer vanuit de VS. Als deze substitutie perfect zou werken, zou het saldo op de lopende rekening niet hoeven te veranderen. In de praktijk zal substitutie mogelijk niet voor 100% lukken en zou het overschot op de lopende rekening wat kunnen afnemen.

Onzekerheid blijft troef

Als de VS inderdaad besluit om zulke gerichte maatregelen tegen China te treffen, lijkt dat een serieuze escalatie van handelsfricties. Op het eerste gezicht zijn de getallen die de ronde doen echter ook weer niet zo schokkend als we ze in perspectief plaatsen. Het is ook nog onzeker in welke mate de maatregelen werkelijk genomen zullen worden en in welke mate ze de Chinese uitvoer naar de VS werkelijk zouden raken (dat ligt ook aan de hoogte van de invoertarieven). Een verdere escalatie hangt echter ook af van mogelijke vergelding door China en een eventuele tweede of derde ronde van maatregelen door de VS. Al met al blijft onzekerheid troef en zijn de risico’s uit hoofde van de escalatie van handelsspanningen moelijk te kwantificeren. Toch denken we dat protectionisme vanuit de VS momenteel het belangrijkste risico is voor China bij ons basisscenario van een geleidelijke groeivertraging.