Macro Weekly – Verbijsterend

door: Han de Jong

  • Onzekerheid rond de Brexit alleen maar groter geworden
  • Amerikaanse cijfers opnieuw lager dan verwacht
  • Hoopgevende Chinese handelscijfers
Macro-Weekly-12-Juni-2017-1.pdf (141 KB)
Download

Van de ene verbazing in de andere

Mijn collega’s Nick Kounis, Aline Schuiling en Georgette Boele hebben al het nodige gezegd over de uitslag van de Britse verkiezingen (Focus VK) en daar valt op dit moment niet veel aan toe te voegen. Wel is premier Theresa May inmiddels bij de koningin op bezoek is geweest met het voorstel een minderheidsregering te vormen, nadat ze zich van de gedoogsteun van de Noord-Ierse DUP had verzekerd.

Ik ben geen expert in de Britse politiek, maar het begint wel op een klucht te lijken. Om te beginnen verbaasde het me al dat Theresa May op een harde Brexit aanstuurde. Daarmee leek ze volledig voorbij te gaan aan de 48,1% van de kiezers die in de EU wilden blijven. Verbijsterend was ook dat May vervroegde verkiezingen uitschreef. Een totaal overbodige gok, die arrogant leek en daarom het risico van een electorale afstraffing inhield. De Conservatieven hadden immers een werkbare meerderheid. De campagne was vervolgens al even ongelooflijk, met name het feit dat May weigerde om aan debatten met andere partijleiders deel te nemen. Het verbaasde me ook dat in de campagne het soort Brexit (hard of zacht of ergens ertussenin) niet centraal stond. Doel van de verkiezingen was immers om May aan een sterker en duidelijker mandaat voor de onderhandelingen te helpen. Dan had de campagne dáár toch over moeten gaan?

En nu verbijstert het me dat May, hoewel ze geen absolute meerderheid heeft behaald, premier wil blijven. Ongelooflijk. Ik ben van de ene verbazing in de andere gevallen: eerst streeft May naar een harde Brexit, zonder dat het duidelijk is of de Britten dat willen. Dan schrijft ze volkomen onnodige verkiezingen uit en voert ze een slechte campagne, die helemaal niet gaat waarover deze zou moeten gaan en waarin ze weigert met de andere leiders in debat te gaan. Vervolgens is de verkiezingsuitslag een ramp voor May, maar wil zij toch premier blijven. Ik ben, dat hebt u inmiddels begrepen, verbluft. De komende tijd zal de Britse politiek in het beste geval instabiel blijven en de onzekerheid rond Brexit is alleen maar groter geworden. Vreemd genoeg is de kans op een minder harde Brexit (wat dat ook mag zijn) waarschijnlijk groter geworden. Misschien levert deze chaos dan toch nog iets goeds op.

Hoopgevende cijfers uit China

De afgelopen dagen kwamen de belangrijkste economische indicatoren volgens mij uit China. De Chinese leiders zijn erin geslaagd de economische groei aan te jagen – de resultaten zijn sinds de tweede helft van 2016 zichtbaar – en sinds kort proberen ze het risico van financiële instabiliteit aan te pakken. Daarbij draaien ze de eerdere stimuleringsmaatregelen in feite weer terug. Het lijkt erop dat de groei van de Chinese economie het hoogtepunt heeft bereikt in het eerste kwartaal van dit jaar. De vraag is nu hoe sterk de groei vertraagt. De recente handelscijfers zijn hoopgevend. Uitgedrukt in dollars steeg de waarde van de invoer in mei met 14,8% j-o-j (was 11,9% in maart). De uitvoer groeide minder hard, met 8,7% tegen 8,0% in maart. Dit is van groot belang, omdat de invoer van China de uitvoer van andere landen is en de sterkere groei van deze invoer heeft de wereldhandel de afgelopen kwartalen flink gestimuleerd. Uit de laatste cijfers blijkt dat een eventuele afkoeling van de Chinese economie (nog) niet doorwerkt in de wereldhandel.

 

Een andere belangrijke indicator voor de Chinese economie is de omvang van de valutareserve. Die is tussen medio 2014 en begin 2017 fors gedaald, met in totaal USD 1 biljoen. Sinds januari dit jaar is de reserve weer licht toegenomen, met in totaal zo’n USD 50 miljard, waarvan de helft in mei. Die toename wijst erop dat de beleidsmakers ofwel de kapitaalstromen beter onder controle hebben, of dat het vertrouwen groeit. Beide zijn waarschijnlijk een goed teken.

Cijfers uit de VS vallen opnieuw tegen, al ziet de arbeidsmarkt er goed uit

Uit de VS komen de laatste maanden tegenvallende cijfers: niet echt slecht, maar minder goed dan verwacht. Tot nu toe nog niet iets om je veel zorgen over te maken. Ruis, zou ik zeggen, voorlopig tenminste. Sommige delen van de economie blijven goed draaien. Er worden nog altijd erg weinig werkloosheidsuitkeringen aangevraagd en volgens het JOLTS-rapport van het Amerikaanse bureau voor arbeidsmarktstatistieken bereikte het aantal vacatures in april de hoogste stand ooit (Ik heb cijfers voor deze reeks gevonden die teruggaan tot 2001).

Het getuigenis van voormalig FBI-directeur James Comey tegenover het Congres was misschien wel interessanter dan de cijfers over de economie. Ik kan niet inschatten hoe belastend zijn verklaring is voor president Trump, of de banden met Rusland wel of niet tot een afzettingsprocedure kunnen leiden en of Trump dan tot aftreden kan worden gedwongen. Mocht het al zover komen, dan in ieder geval niet op korte termijn.

Groei Duitse productie

Uit Europa kwamen de laatste dagen weinig cijfers waarover iets te zeggen valt. Het belangrijkst zijn waarschijnlijk de Duitse orders en industriële productie. Met de orders ging het matig: een daling van 2,1% m-o-m in april na een groei van 1,1% in maart. Daar staat een stijging van 3,5% j-o-j tegenover (was +2,5% in maart). De industriële productie steeg met 0,8% m-o-m (-0,1% in maart) en met 2,9% j-o-j, de grootste toename sinds begin 2014. De Duitse in- en uitvoer hielden zich in april ook goed. Dit alles laat zien dat de Duitse economie goed presteert, al is de groei niet spectaculair.

Eurostat heeft de groeicijfers voor het laatste kwartaal van 2016 en het eerste kwartaal van 2017 naar boven bijgesteld en daarmee komt de totale groei in beide jaren hoger uit. Wij hebben onze prognoses voor beide jaren dienovereenkomstig aangepast.

De ECB heeft haar beleidsindicatie veranderd, maar niet veel. De verwijzing naar een mogelijke verdere verlaging van de rentetarieven, mocht ze dit nodig achten, is geschrapt. We waren toch enigszins verrast dat de ECB de frase dat de obligatieaankopen zo nodig opgeschroefd zouden kunnen worden, heeft gehandhaafd. De ECB bleef erbij dat renteverhogingen pas ‘over langere tijd en ruim na de beëindiging van het aankoopprogramma’ aan de orde komen. De normalisering van het monetair beleid wordt duidelijk een zaak van heel lange adem. De ECB loopt voorzichtigheidshalve liever achter de economische feiten aan dan dat ze op de ontwikkelingen vooruit loopt. Dat lijkt mij een verstandig uitgangspunt.