Circulair bouwen heeft de toekomst

door: Petran van Heel

Van 11 tot en met 13 april staat de Amsterdamse RAI weer in het teken van Building Holland, hét driedaagse innovatie-event voor de bouw- en vastgoedsector. ABN AMRO is hoofdsponsor van de ABN AMRO Duurzame50, die award wordt uitgereikt op het Green Tie Gala op 12 april. Dit jaar hebben we de Young Professional Award toegevoegd, om ook de young professionals (tot 30 jaar) te stimuleren op het gebied van het verduurzamen van de gebouwde omgeving. Op Building Holland presenteert ABN AMRO zich op met een stand rondom het thema circulair bouwen. Hoe werkt circulair bouwen precies? En wat kunnen onze klanten er mee?

In het ontwerp van de ABN AMRO stand op Building Holland staat het Circulaire Paviljoen centraal. “Het Paviljoen laat zien wat je in de praktijk kunt met circulair bouwen,” vertelt Petran van Heel, Sector Banker Bouw. “Het geeft je als Relatiemanager inspiratie om het onderwerp circulair bouwen met je klant bespreekbaar te maken. Wie het Paviljoen nog niet heeft bezocht, moet dat binnenkort zeker doen.”

Legolisering

“Circulair bouwen staat haaks op het traditionele lineair bouwen,” legt Rudolf Scholtens uit. Hij is als Projectleider Circulaire Bouw nauw betrokken bij de ontwikkeling en bouw van het Paviljoen. “Bij lineair bouwen onttrek je grondstoffen aan de aarde, je verwerkt ze in een gebouw en als het wordt afgebroken hou je afval over. Dan maak je dus een weggooi-gebouw. Bij circulair bouwen gaat het anders. Grondstoffen en onderdelen worden opgenomen in een cyclus. Als het gebouw wordt afgebroken, krijgen de materialen een nieuwe bestemming op een andere plek. Een gebouw wordt daardoor een verzameling van materialen met een oneindig leven. Dat laatste is natuurlijk een ultiem vergezicht.”

 

Rudolf: “Bij circulair bouwen krijgen de materialen een nieuwe bestemming op een andere plek. Een gebouw wordt daardoor een verzameling van materialen met een oneindig leven.”

 

 

“Legolisering is een term die wordt gebruikt om het duidelijk te maken,” vult Petran aan. “Een gebouw wordt een geheel van bouwsteentjes die je later opnieuw kunt gebruiken, bijvoorbeeld in een ander gebouw.”

Aanbodgestuurd ontwerpen

De circulaire gedachte heeft grote gevolgen voor het bouwproces. Leveranciers moeten in een vroeg stadium kunnen meepraten over het (her)gebruik van materialen, vanuit hun expertise. In het Paviljoen is bijvoorbeeld gekozen voor een houtconstructie waarvan de onderdelen bewust groter zijn gemaakt dan de standaardmaat. Daardoor kan het hout, als het Paviljoen uit elkaar wordt geschroefd, na een schaafbeurt weer als nieuw worden gebruikt in een volgend gebouw.

Rudolf: “Bij circulair bouwen verkennen architect en aannemer samen de markt en gaan op zoek naar materialen. De materialen zijn leidend voor het ontwerp, niet andersom. De scheidingswanden van de vergaderzalen in het Paviljoen bestaan bijvoorbeeld uit gebruikte kozijnen. De architect heeft bestaand, tweedehands materiaal gebruikt als basis voor zijn concept: aanbodgestuurd ontwerpen noemen we dat.”

Urban mining

Voor het winnen van tweedehands materialen en grondstoffen uit oude gebouwen is inmiddels de term urban mining in gebruik. Petran: “Slopen kost geld, dus waarom zou je het materiaal uit de sloop niet zoveel mogelijk tweedehands aanbieden. De kunst is daarbij om vraag en aanbod goed op elkaar af te stemmen, zodat je de ‘oogst’ direct ergens kwijt kunt. Op die manier heb je ook geen opslagkosten.”

“Wat ik gaaf vind is dat circulariteit zorgt voor een heel nieuwe look and feel van gebouwen,” gaat Petran verder. “De architectuur krijgt nieuwe vormen, een andere afwerking. Geen extra materialen tegen de wand, geen gipsplaat, geen vloerbedekking. Al die lagen maken het moeilijker om het materiaal straks opnieuw te gebruiken. In feite ontstaat daardoor een heel nieuwe esthetiek. In het Paviljoen zie je nu al dat het werkt.”

Nieuwe businessmodellen

Circulair bouwen leidt ook tot nieuwe businessmodellen. Zo ontstaan er kansen voor product-dienstsystemen waarbij materialen of onderdelen eigendom blijven van de leverancier en de eigenaar van het gebouw een ‘dienst’ afneemt. In het Paviljoen blijft de lift bijvoorbeeld eigendom van leverancier Mitsubishi, die zorgt voor het onderhoud en eventuele reparaties en die betaald wordt voor de ‘exploitatie’ van de lift.

Petran: “Voor ons als bank is het best complex om circulaire businessmodellen te financieren. Je hebt te maken met ‘product as a service’, met een inschatting van de waarde aan het einde van het gebruik en mogelijk zelfs een discussie over eigendom. Het risico is voor een bank vaak te groot of het model is te onduidelijk. Voorlopig volgen we nauwlettend wat er in de markt gebeurt, experimenteren we waar mogelijk zelf en draaien we een aantal pilotprojecten. Persoonlijk vind ik dat nog niet ambitieus genoeg voor ABN AMRO.”

 

Vanuit opdrachtgevers neemt de vraag naar circulariteit inmiddels sterk toe. De overheid heeft als doelstelling om in 2030 voor vijftig procent gebruik te maken van circulaire grondstoffen en materialen. In 2050 is het doel om honderd procent circulair te bouwen.

Awareness

Petran: “Op dit moment willen we met onze klanten in de Bouw vooral in gesprek om het onderwerp circulariteit aan te kaarten. Wat weten ze ervan? Welke mogelijkheden zijn er om circulaire elementen op te nemen in hun businessmodel? Dat is nu nog nauwelijks het geval. , maar je moet er alvast over na te denken, het gaat consequenties voor je verdienmodel hebben. Ook dat van ons. ”

“Als je kijkt de naar de bewustwording over duurzaamheid bij klanten, duurzaamheid in de traditionele zin, dus vooral gericht op energieverbruik, dan is er de afgelopen jaren grote vooruitgang geboekt. Wie nu nog geen duurzaam businessmodel heeft, doet eigenlijk niet meer mee. Circulariteit is de volgende stap. Onze rol als bank is om de awareness daarover te stimuleren en de financiering mogelijk te maken.”