Macro Weekly – Eerst kerst, maar wat daarna?

door: Han de Jong

  • Indrukwekkende vertrouwensindicatoren; Veel economieën doen mee
  • ‘Harde’ cijfers blijven achter, maar dat verandert vermoedelijk
  • Na de recente renteverhoging verwacht de Fed in 2017 drie nieuwe rentestappen; wij verwachten hetzelfde
Macro-Weekly-19-December-2016.pdf (85 KB)
Download

Toen ik een paar maanden geleden beweerde dat de conjunctuur in de mondiale industrie waarschijnlijk zou aantrekken, werd dit ernstig in twijfel getrokken. Na de vertrouwensindicatoren die recentelijk wereldwijd zijn verschenen, loop ik echter met een brede glimlach rond. Voor mijn gevoel kan ik dan ook rustig gaan genieten van een welverdiend kerstdiner. Afgaand op de harde, gerealiseerde, cijfers mag ik echter ook weer niet al te zelfgenoegzaam worden. Wat is er toch aan de hand?

Indrukwekkende cijfers in de VS

De nieuwste cijfers over het ondernemersvertrouwen waren uitstekend en beter dan verwacht. Dit geldt voor de VS in het bijzonder. Het vertrouwen onder kleinere ondernemers is daar sterk gestegen, van 94,9 in oktober naar 98,4 in november, de op een na hoogste stand sinds begin 2007. Ook het vertrouwen onder woningbouwers is omhooggeschoten, van 63 in november tot 70 in december. Zo hoog is dit cijfer sinds 2005 niet meer geweest! De Empire State Index, die het ondernemersvertrouwen in het district van de New York Fed meet, veerde krachtig. De index sprong van 1,5 november naar 9,0 in december en bereikte daarmee de op een na hoogste score dit jaar. De Philly Fed Index voor het ondernemersvertrouwen in het district van de Philadelphia Fed maakte ook een forse sprong, namelijk van 7,6 in november naar 21,5 in december, de hoogste stand sinds 2014 en ruim boven het historisch gemiddelde voor deze cijferreeks. En tot slot de Markit PMI voor de verwerkende industrie: deze steeg in december licht van 54,1 naar 54,2 en bereikte daarmee het hoogste niveau sinds begin 2015.

Ook elders zijn de cijfers zeker niet slecht

In andere landen signaleren we een soortgelijke, maar wellicht iets minder overtuigende ontwikkeling van de vertrouwensindicatoren. In de eurozone is de ZEW-index van het vertrouwen onder analisten verbeterd van 15,8 in november tot 18,1 in december. Een goed maar niet heel indrukwekkend resultaat. De Markit PMI voor de verwerkende industrie steeg voor de vierde achtereenvolgende maand, van 53,7 in november naar 54,9 in december, en heeft inmiddels het hoogste niveau ooit bereikt (Bloomberg houdt deze cijferreeks pas begin 2014 bij). Ook in Japan is het ondernemersvertrouwen de laatste tijd toegenomen, net als in veel andere zowel welvarende als opkomende economieën.

weekly-nl1weekly-nl2

Harde cijfers bevestigen het sterke vertrouwen niet

Dit patroon van heel positieve vertrouwenscijfers is ongebruikelijk en zou iemand die al enige tijd beweert dat de verwerkende industrie aan kracht gaat winnen, een goed of mogelijk zelfs euforisch gevoel kunnen geven. Waar het in de reële economie om draait, is echter niet het vertrouwen. Nee, het zijn de harde cijfers die tellen, zoals de groei van het BBP, de detailhandelsverkopen, de industriële productie, etc. Maar naar welke indicatoren moeten we dan kijken om te beoordelen hoe relevant de verschillende vertrouwensindicatoren voor de verwerkende industrie zijn? Naar de industriële productie of de productie van de verwerkende industrie. Deze cijfers laten nog steeds een heel zwakke ontwikkeling zien. De industriële productie in de VS is in de loop van het jaar weliswaar licht verbeterd, maar lag in oktober nog altijd 0,6% onder het niveau van vorig jaar, terwijl de productie van de verwerkende industrie slechts 0,1% j-o-j hoger was dan in oktober 2015. In de eurozone bleef de stijging van de industriële productie bescheiden met 0,6% j-o-j in oktober en in Japan was er zelfs sprake van een teleurstellende daling van 1,4%.

De kloof moet worden gedicht

Wat is er toch aan de hand en wat staat ons te wachten? Het gebeurt wel vaker dat vertrouwensindicatoren en harde cijfers op de korte termijn iets uiteenlopen, maar het is ongebruikelijk dat het verschil heel groot wordt of langere tijd aanhoudt. De kloof die recentelijk is ontstaan, kan niet oneindig voortduren. Maar welke kant gaat het op: worden de vertrouwensindicatoren zwakker of worden de harde cijfers beter? Waarschijnlijk wordt het van allebei wat, al verwacht ik de grootste bijdrage van een sterkere groei van de productie. De vertrouwensindicatoren, en dan vooral in de VS, zijn mogelijk beïnvloed door de verwachtingen rond de beleidsagenda van Trump als aankomend president. In het algemeen verbeteren eerst de vertrouwensindicatoren en pas daarna de hardere cijfers, maar hier zit in de regel slechts een heel korte periode tussen. Betere productiecijfers zijn ook in overeenstemming met trends die we waarnemen in enkele opkomende economieën, waar de groei van de productie in de voorbije maanden wat is aangetrokken. De vertrouwensindicatoren verbeteren bovendien in zoveel landen dat dit simpelweg geen toeval kan zijn.

Al met al ga ik met een gerust hart de kerstperiode tegemoet: ik ben redelijk optimistisch dat de hardere cijfers zullen aansluiten bij de recente ontwikkeling van de vertrouwensindicatoren.

De Fed heeft het deze keer wellicht bij het rechte eind

Toen de Amerikaanse centrale bank (Federal Reserve) vorig jaar december de rente verhoogde, sprak zij de verwachting uit dat de rente in 2016 waarschijnlijk vier keer zou worden verhoogd. Wij kwamen al snel tot de conclusie dat dit niet waarschijnlijk was en gingen uit van maximaal één rentestap. En hiermee zaten wij goed: de rente is dit jaar inderdaad maar één keer verhoogd, en wel pas deze maand. Tot voort kort ging de Fed voor 2017 nog uit van twee rentestappen maar inmiddels heeft zij dit bijgesteld naar drie. Dit is in lijn met de rentevisie die wij al enige tijd huldigen. Een krachtiger economische groei, gedeeltelijk als uitvloeisel van de beleidsagenda van Trump, en een iets hogere inflatie rechtvaardigen naar onze mening een geleidelijke verdere verkrapping van het monetaire beleid. Deze keer zitten wij dus op één lijn met de Fed.

 

Dit is de laatste Macro Weekly van dit jaar. Mede namens mijn collega’s bij het Economische Bureau van ABN AMRO wil ik hier graag alle lezers bedanken voor de belangstelling die zij hebben getoond voor ons werk. Hopelijk heeft u iets gehad aan onze analyses en commentaren. Ik wens u allen fijne kerstdagen en een gezond en gelukkig 2017.

 

weekly-nl3