Visie op rente en euro – De visvijver van de ECB

door: Nico Klene

Visie ongewijzigd, maar raming lange rente iets omhoog

Onze visie op het beleid van de ECB is niet gewijzigd:

  • Vermoedelijk gaat de ECB het arsenaal aan obligaties dat zij kan opkopen, uitbreiden.
  • De ECB zal langer doorgaan met het opkoopprogramma dan tot en met maart 2017.

Het beeld voor rente en euro is nauwelijks gewijzigd:

  • De driemaands-Euriborrente kan nog fractioneel dalen en zal vervolgens minstens tot eind 2017 zo laag blijven.
  • De lange rente kan dit jaar weer iets omlaag, maar onze raming voor de eerstkomende kwartalen is licht verhoogd.
  • De euro schommelt dit en volgend jaar rond USD 1,10.
2016-11-visie.pdf (154 KB)
Download

Gaat ECB haar ‘visvijver’ vergroten?

Na de vergadering van 20 oktober heeft de ECB geen maatregelen aangekondigd. Dat was ook niet verwacht. ECB-president Draghi wilde duidelijk niet vooruitlopen op de mogelijke uitkomsten van de rentevergadering van 8 december. Dan beschikt de Bank weer over nieuwe ‘staframingen’. Daarin zal voor het eerst het jaar 2019 zijn opgenomen. Bovendien heeft de Bank dan de input van de verschillende comités die de mogelijkheden bekijken om een soepele uitvoering van het opkoopprogramma te waarborgen.

Draghi’s toon was gematigd. Hij zei onder meer dat er geen tekenen waren van een overtuigende opwaartse beweging van de inflatie. Mede daarom denken we dat de ECB in december haar beleid wat gaat verruimen.

Waarschijnlijk zal zij haar opkoopprogramma verlengen van maart naar september 2017. De door ons verwachte belangrijkste maatregelen zijn verder dat de ECB ook obligaties gaat opkopen met een rendement lager dan -0,4% (niveau van de depositorente) én obligaties met een looptijd minder dan twee jaar. Zo vergroot de ECB ‘de vijver waarin zij kan vissen’. Zonder extra maatregelen heeft de ECB bij het huidige opkoopbedrag vermoedelijk voor eind maart 2017 de vijver vrijwel leeggevist, denken wij. Er is dan niet meer voldoende geschikt papier om op te kopen.

De driemaands-Euriborrente is in oktober 1 basispunt gedaald, naar -0,31%. Dat was een fractie meer dan in de voorgaande twee maanden. Bij een depositotarief [1] van -0,4% is er nog steeds wat ruimte voor een uiterst lichte verdere rentedaling. Minstens tot eind 2017 jaar zal de rente dan zo laag blijven.

Lange rente kan weer iets dalen – maar raming verhoogd

De Nederlandse tienjaarsrente is in oktober opgelopen van 0,0% naar bijna 0,3%. Dit kwam door de hogere rente in de VS en door gunstige economische cijfers. Die stijging van de Amerikaanse rente werd veroorzaakt door de stelliger verwachting dat de Fed in december haar rente gaat verhogen.

Vanwege de hogere recente niveaus van de tienjaarsrente hebben we onze ramingen voor de eerstkomende kwartalen licht verhoogd. Dat neemt niet weg dat we er nog steeds van uitgaan dat de rente weer wat kan dalen als de ECB in december verruimende maatregelen aankondigt. Maar in de loop van 2017 zal de rente weer iets stijgen, mede door de renteverhogingen in de VS en de groei in de eurozone.

Euro blijft bewegen tussen USD 1,05 en 1,15

De dollar is vorige maand enkele centen sterker geworden ten opzichte van de euro. Dat had te maken met de verwachting dat de Fed in december inderdaad de rente gaat verhogen. Deze verwachting werd gevoed door uitspraken van enkele Fed-vertegenwoordigers en door de notulen van de laatste rentevergadering van de Fed. Tegen het eind van de maand won de euro echter wat terrein terug toen aan de politieke crisis in Spanje eindelijk een eind kwam en door meevallende cijfers over de eurozone-economie.

We verwachten niet dat de wisselkoers buiten de door ons voorspelde bandbreedte van USD 1,05 tot 1,15 per euro gaat komen. Het aantal renteverhogingen in de VS blijft immers voorlopig beperkt. Verder ligt de groei in zowel de VS als de eurozone voorlopig onder het trendmatige groeitempo.

__________________________________________________________________

[1] Dit is het tarief waartegen banken overtollige middelen kunnen ‘parkeren’ bij de ECB. Deze rente wordt momenteel gezien als de bodem voor de geldmarktrente.