Zzp’er geen oplossing voor vergrijzing

door: Madeline Buijs

Het aantal zzp’ers is in het eerste halfjaar van 2016 opnieuw toegenomen, wel vlakt de stijging af. Deze trend is al langer gaande, waardoor de Nederlandse arbeidsmarkt flexibiliseert. Sinds 2006 steeg het aantal zzp’ers met 44,8 procent, terwijl de totale werkzame beroepsbevolking met maar 6,9 procent steeg.

Werkgevers huren zzp’ers vooral in omdat zij tijdelijk behoefte hebben aan specialistische kennis en om tijdelijke fluctuaties in het werk op te vangen. Door vergrijzing op de arbeidsmarkt zal dit vaker nodig zijn, omdat veel gespecialiseerde werknemers met pensioen gaan. De vraag is of zzp’ers en andere flexibele arbeidskrachten op de langere termijn de vergrijzing kunnen opvangen.

Als we de samenstelling van alle werknemers vergelijken met de samenstelling van zzp’ers, is er opvallend weinig verschil te zien. Er zijn juist veel overeenkomsten in leeftijd en geslacht. Diezelfde overeenkomsten zien we duidelijk bij werkenden met een middelbare opleiding en bij laagopgeleiden. Wel zijn de laagopgeleiden ouder. Bij hoogopgeleiden zijn de ontwikkelingen anders. Hoogopgeleiden zijn jonger. De hoogopgeleide zzp’ers zijn daarentegen ouder, maar werken vaak naast hun baan als zzp’er.

Hoewl het aantal zzp’ers in de afgelopen tien jaar flink is gegroeid, bieden zij geen oplossing voor de vergrijzing op de arbeidsmarkt. Zzp’ers worden namelijk ook steeds ouder. Werkgevers zullen daarom niet op zzp’ers kunnen leunen om de vergrijzing in hun bedrijf op te vangen. Dit zal als eerste een rol spelen bij lager opgeleide werknemers en zzp’ers, omdat zij gemiddeld ouder zijn en dus eerder met pensioen gaan. Ook zijn er minder jongere zzp’ers op de arbeidsmarkt, waardoor zij de vergrijzing niet kunnen opvangen.

ZZP-update-oktober-2016.pdf (296 KB)
Download