Sparen: sober en safe

door: Hein Schotsman

Bescheiden groei en lage inflatie kenmerken huidige conjunctuur. De marktrente is en blijft laag, maar daalt vermoedelijk niet verder. Negatieve spaarrentes zijn onwaarschijnlijk. Sparen is een evenwichtige keus.

160531-Sparen-sober-en-safe.pdf (278 KB)
Download

De spaarder is een bekende Nederlander geworden. Soms wordt hij, of zij, neergezet als een gekweld mens, soms als een slachtoffer en soms als een dwaas. Waar doet ie het voor? Allemaal onzin. Sparen is ondanks de lage rente een verstandige, evenwichtige keus. Dat leggen we graag uit.

2016: nerveuze markten, kalme conjunctuur

We beginnen bij de internationale conjunctuur; 2015 verliep niet erg spectaculair. De grootste opkomende markt, China, zag haar groeipercentages langzaam zakken. Ook viel op dat grondstofprijzen onder druk stonden. In de eurozone en de VS werden nette, maar niet spectaculaire, groeicijfers van 1,5 en 2% gerealiseerd.

Toch begon 2016 onrustig. Vrees voor een harde landing in China domineerde de financiële markten. De inzakkende olieprijs bleek lastige bijwerkingen te hebben. Het vergrootte de onzekerheid in de energiesector, omdat strategische beslissingen daar afhankelijk zijn van de olieprijs. Daling van het ondernemersvertrouwen in de Amerikaanse industriële sector, in combinatie met een inkrimping van de industriële productie, versterkte de onzekerheid. Het was onduidelijk of de Fed al dan niet de rente verder zou verhogen. En ten slotte speelde angst mee dat de ECB haar kruit had verschoten. Wat kan een centrale bank nog doen als rentes al rond nul cirkelen? Wat zijn de bijwerkingen van negatieve rentes? Turbulentie op de financiële markten en een vlucht naar veilige beleggingen was het gevolg in de eerste twee maanden van 2016.

De markten hadden een goed richtingsgevoel, maar ze overdreven. We weten nu meer over 2016. De groei in het eerste kwartaal in de VS was inderdaad mager. En dit keer lag dat niet aan het weer. Maar we denken dat uiteindelijk de Amerikaanse consument voor doorgaande groei zal zorgen. Ook de door ons verwachte verzwakking van de dollar kan helpen. In de eurozone viel de groei in het eerste kwartaal mee. Diverse voorlopende indicatoren wijzen erop dat de eurozone niet op weg is naar grote hoogten maar evenmin naar een recessie. Het zit er ergens tussen in. Samengevat: deze twee grote economieën blijven wel groeien, maar doen dat in een lage versnelling.

160531-sparen1

Onze verwachting is wel omgeven door grote onzekerheden. Wat als de Fed toch haar rente verhoogt of Brexit realiteit wordt of het vluchtelingenprobleem onbeheersbaar wordt?

ECB: medicijn met bijwerkingen

De theorie is duidelijk: aanzwellende economische groei leidt tot oververhitting en oplopende inflatie. In zo’n situatie verhoogt de centrale bank de rente om de inflatie af te remmen. En vice versa: scenario’s uit het boekje. De werkelijkheid is vaak complexer. We zagen dat de economie van de eurozone matig groeit. Consumentenprijzen stijgen mondjesmaat. In april daalden deze prijzen (-0,2%), maar dat cijfer is sterk gekleurd door lagere prijzen voor olie en andere grondstoffen. Daarvoor gecorrigeerd bedroeg de inflatie in april +0,7%. Volgens de Europese Centrale Bank (ECB) is de inflatie gevaarlijk laag; het zit te dicht bij het omslagpunt naar deflatie. Dat kan bedrijven prikkelen om schulden af te lossen in plaats van te investeren. En het kan consumenten aanmoedigen aankopen uit te stellen. Ze zet daarom alles op alles om de inflatie dichter bij haar doelstelling (een kleine 2%) te brengen.

160531-sparen2

Zo hanteert de ECB sinds maart een rente waartegen banken bij haar kunnen lenen van 0%. Banken die liquiditeiten bij haar parkeren, betalen al bijna twee jaar rente, in plaats van een vergoeding te krijgen (nu -0,4%). Hier komt de negatieve rente, waar zoveel ophef over is, om de hoek kijken. Bovendien koopt de ECB op grote schaal obligaties. Banken krijgen zo extra liquide middelen en dus meer ruimte voor kredietverlening. Het opkopen van obligaties leidt ook tot stijgende obligatiekoersen. Dat stimuleert dat beleggers uit obligaties te stappen in meer risicovolle titels zoals aandelen. Aandelenkoersen stijgen daardoor.

De meningen over de noodzaak en effectiviteit van het ECB-beleid verschillen. Gaat het zo slecht dat zulk zwaar geschut nodig is? Werkt het wel: gaan bedrijven er meer door lenen en gaat u minder sparen als de rente heel laag is? Wat wij ervan vinden, maakt uiteindelijk niet uit. Zeker is dat deflatie een spookbeeld voor de ECB is. Zij lijkt zich er ook van bewust te zijn dat een nog negatievere rente nare bijwerkingen heeft. Het ontregelt levensverzekeraars en pensioenfondsen nu al. Banken zullen toenemende margedruk gaan ervaren. Het maakt spaarders nerveus. De spaarder denkt: wat moet ik doen als de spaarrente negatief zou worden? Van de bank halen? En dan? Want daar zitten natuurlijk haken en ogen aan. De ECB heeft in maart gelukkig aangegeven dat een verdere verlaging van haar depositorente niet voor de hand ligt. Uitbreiding van haar obligatie-aankopen is wel denkbaar.

In elke geval zijn de rentarieven op de professionele markten in de eurozone deels in de min beland. Zo bedroeg de rente die banken elkaar voor driemaands deposito’s in rekening brengen (de korte rente) op 25 mei -0,26%. De Nederlandse kapitaalmarktrente (rente op tienjarige staatsobligaties, ook lange rente genoemd) was begin 2015 nog opgelopen tot boven 1%. Sindsdien is deze rente weer aan het dalen, tot 0,36%. Wat dat betreft doet de mix van het opkopen van obligaties en renteverlaging door de ECB haar werk.

De depositorente van de ECB ligt zoals gezegd op -0,4% en zal waarschijnlijk niet lager worden. Er is nog wat ruimte voor een lichte verdere daling van de korte rente, die zoals we zagen 25 mei -0,26% bedroeg. De depositorente is de bodem voor deze interbancaire rente. Voorlopig blijft de kapitaalmarktrente waarschijnlijk laag, mede door de maatregelen die de ECB in maart heeft genomen. In het najaar kan deze rente echter wat omhoog vanwege de economische groei in de eurozone én de verwachting dat de Amerikaanse Fed in 2017 de rente weer gaat verhogen. Maar de mogelijke stijging van de lange rente wordt afgeremd door de nog lang heel laag blijvende korte rente.

Spaarrentes: sober en safe

Zo komen we bij de spaartarieven. Het leeuwendeel van het bij banken in Nederland geplaatste spaargeld valt in de statistieken van De Nederlandsche Bank (DNB) onder ‘deposito’s van particulieren met een opzegtermijn van minder dan drie maanden’ (zie grafiek vorige pagina). De gemiddelde rente bij deze spaarrekeningen daalde in een jaar fors: van 1,09% naar 0,66% (mrt-mrt). Deze spaarrentes bewegen mee met de marktrentes (rente tienjarige staatsobligaties en driemaands interbancaire rente). Maar het zijn geen één-op-één relaties. Bank-specifieke zaken spelen mee. Het verband met de korte rente is sinds 2010 wel een beetje sterker dan met de lange rente.

160531-sparen3

We baseren ons op deze relaties en op onze prognose voor de genoemde marktrentes: korte rente dalend naar -0,35% en lange rente oplopend naar 0,6% in 2016 en in 2017 een stabiele korte en heel licht stijgende lange rente. Dan ligt de conclusie voor de hand. De gemiddelde spaarrente zal in 2016 geen grote sprongen maken en lijkt in elk geval niet in de buurt van de nul-grens te komen. Volgend jaar zou een flauwe bocht omhoog kunnen volgen. Dit is wel een op openbare statistieken gebaseerde prognose en geen toezegging of iets dergelijks. Waar bij komt dat het voorspellen van de rente moeilijker is dan het voorspellen van het weer.

‘Sober en safe’ hebben we deze keer als titel gekozen. Dat u de rentevergoeding sober vindt, hoeft geen uitleg. Zeker wie al lange tijd spaart, is anders gewend. We hebben vorig jaar uitgelegd dat de spaarrentes op het eerste gezicht bescheiden zijn (zie ‘Sparen, niet wat het lijkt’, https://insights.abnamro.nl). Onze stelling was toen dat het meevalt als je de zeer lage inflatie meeweegt en ook als je naar de rentes in ons omringende landen kijkt. Nu, een jaar later, is er wat dat betreft niks veranderd. De inflatie is nog steeds heel laag en dat geldt ook voor de spaarrentes in Duitsland en België.

Tekenend in dit verband is dat de spaarrekening nog altijd populair is. Dat blijkt uit de laatste grafiek: de lijn die de ingelegde spaargelden weergeeft, toont nog altijd een opgaande trend. En van slingers op aandelenmarkten wordt een mens ook niet altijd vrolijk. De AEX eindigde vorig jaar op 446, maar was anderhalve maand later op 382 aanbeland. De gedachte dat als je spaart de hoofdsom in elk geval veilig is, kan heel rustgevend zijn. Alleen dat is al een goede reden om voor sparen te kiezen. Er zijn nog wel meer redenen. Die zullen samenhangen met uw persoonlijke situatie: met uw spaardoel, uw risicoperceptie en liquiditeitsplaatje. Voor wie een buffer wil zonder kopzorgen is de spaarrekening een sobere, maar ook safe oplossing. En dus een evenwichtige keus.

160531-sparen4