Eén zwaluw maakt nog geen zomer in de bouw

door: Madeline Buijs

De bouwsector groeide in 2015 met 8,2% en is daarmee de snelst groeiende sector van de Nederlandse economie. De bouw trekt daarmee de Nederlandse economie omhoog, net als de bouw in een neergang vaak de Nederlandse economie mee omlaag trekt. In 2015 werd 24% van de economische groei veroorzaakt door de bouw. Wat veel is, want de bouwsector heeft maar een aandeel van 4,6% in de Nederlandse economie. Maar ter vergelijking, in 2012, vol in de crisis, werd 56% van de krimp veroorzaakt door de bouwsector.

Maar de bouw is er nog niet, wat blijkt uit de eenzijdige groei. De groei van de bouwsector werd in 2015 namelijk omhoog gestuwd door de btw op arbeid voor woningrenovaties die per 1 juli 2015 werd verhoogd. Dat zorgde voor een stijging van de bouwproductie in juni met 25,9% j-o-j. Afwerkingsbedrijven profiteerden hier het meest van, hun omzet steeg in juni met 35,2% j-o-j. Zonder dit btw effect zou de bouwproductie met 6,4% zijn gestegen, en de omzet van afwerkingsbedrijven met 3,5% in plaats van 6,3% in 2015. De btw verhoging heeft dus een duidelijk positief effect gehad op de bouwproductie. De woningbouw heeft zo via twee kanalen de bouwproductie omhoog gestuwd. Enerzijds door de sterke stijging van de woningmarkt en dus de woningbouw en anderzijds door het eenmalige effect van de btw verhoging.

Dit herstel is pas het begin. De bouwproductie moet nog met 19% stijgen om op het niveau van 2008, net voor de crisis, te komen. Als de groei zoals we voor 2016 en 2017 verwachten doorzet, zal dit niveau pas rond 2019-2020 gehaald worden. Hopelijk is de groei dan wel breder gedragen, en niet alleen door de woningbouw zoals nu het geval is.

Deze column verscheen eerder in Cobouw op 24 februari 2016