Locatie, locatie, locatie

door: Madeline Buijs

Transformatie van leegstaande gebouwen tot woningen staat al langere tijd op de agenda. Het onderwerp staat op dit moment nog meer in de schijnwerpers door de problematiek rondom de opvang van vluchtelingen en het gebrek aan sociale huurwoningen voor hen. Lange tijd bleef het aantal woningen dat gecreëerd werd door transformatie verborgen in de cijfers van het CBS. Maar voor het eerst hebben zij helderheid gegeven om hoeveel woningen het nu eigenlijk gaat.

Sinds 1 januari 2012 zijn er in totaal 39.656 extra woningen gecreëerd door transformatie, dat zijn er gemiddeld 11.000 per jaar. In vergelijking met nieuwbouw is het aantal toegevoegde woningen door transformatie beperkt. Sinds 2012 zijn er 165.687 nieuwe woningen opgeleverd. Dat is ruim vier keer zoveel als via transformatie werden ontwikkeld. Het grootste gedeelte van de transformaties vond plaats in Noord-Holland, Zuid-Holland en Noord-Brabant, de provincies met de grootste gebouwenvoorraad. Het grootste gedeelte van deze woningen wordt gecreëerd door het transformeren van kantoorgebouwen, zo’n 9.866. Ongeveer 8.611 woningen werden gecreëerd door het transformeren van zorginstellingen. Het blijkt moeilijker om winkels te transformeren tot woningen, daarmee werden maar 4.796 woningen opgeleverd.

Dit is opvallend, omdat winkels vaak in woongebieden staan en daardoor meer potentie hebben om te worden getransformeerd. Een reden kan zijn dat het totale vloeroppervlak van winkels dat leeg staat kleiner is dan dat van kantoren, maar dat verklaart niet het grote verschil. Het antwoord op deze vraag moet gezocht worden in de plek waar gebouwen leeg staan. Kantoren staan het vaakst leeg in de Randstad, terwijl de leegstand van winkels het hoogst is aan de randen van Nederland. Dit zijn ook vaker krimpgebieden waar minder behoefte is aan extra woningen. Dit kan dus verklaren waarom er minder winkels getransformeerd worden tot woningen. Zij staan op locaties waar geen behoefte aan transformatie is. Ook bij transformatie geldt het credo: locatie, locatie, locatie.

Deze column verscheen eerder in Cobouw op 21 oktober 2015