Agri Monitor – Granen: Na regen komt zonneschijn

door: Frank Rijkers

  • Graanprijzen dalen sterk in eerste weken van het nieuwe seizoen
  • Toch een verhoogde prijsverwachting voor maïs en sojabonen
  • Maar druk op voedselprijzen houdt aan

Weersomstandigheden laten de graanprijs fors oplopen…
De aanloop naar het nieuwe graanseizoen is allesbehalve rustig verlopen. In een korte periode liepen de graanprijzen sinds eind juni op tot de hoogste niveaus in wel twaalf maanden tijd. In anderhalve week tijd stegen de noteringen voor tarwe (CBoT) met 22%. In diezelfde periode stegen de maïsprijzen met bijna 17% en ook sojabonen lieten een forse stijging zien van bijna 10%. Hierdoor kwamen de noteringen van het laatstgenoemde gewas zelfs een aantal dagen boven de psychologische grens van 1.000 USDc/bushel uit. De voornaamste oorzaak van deze forse prijsstijging vond zijn oorsprong in de wereldwijde ongunstige weersvoorspellingen. Teveel regenval in de Verenigde Staten en droogte in Europa zouden de ontwikkeling van de planten negatief beïnvloeden, waardoor er vrees was voor lagere opbrengsten.

… maar daarna ook weer net zo snel dalen
Al snel werd duidelijk dat de hevige regenval in de Verenigde Staten minder schade veroorzaakte dan aanvankelijk werd gevreesd. Hierdoor kwam er weer snel rust op de markt, waardoor de prijzen weer net zo snel terug waren op de niveaus van voor de stijging. Aanhoudende droogte en daarmee dalende opbrengsten in een groot gedeelte van Europa konden deze nieuwe prijsval niet voorkomen. De schade ontstaan door deze droogte lijkt namelijk ook mee te vallen. Sinds begin juli (de traditionele start van het graanseizoen) zijn de prijzen voor tarwe, maïs en sojabonen gedaald met respectievelijk 18%, 13% en 5%. Hiermee lijkt de rust op de markt voorlopig teruggekeerd met prijzen terug op de niveaus van voor de stijging. Hierdoor houdt ook de mondiale druk op voedselprijzen voorlopig nog aan.

Zwakke Amerikaanse export en hoge voorraadniveaus drukken de tarweprijs
De verwachtingen voor de tarweprijs blijven voor de komende maanden ongewijzigd. De prijzen zullen naar verwachting blijven schommelen rondom de huidige lage niveaus. De lage prijs op de tarwemarkt wordt voornamelijk veroorzaakt door hoge voorraadniveaus. In vergelijking met voorgaande maand heeft zowel het Amerikaanse ministerie van Landbouw (USDA) alsook het Internationaal Genootschap voor Granen (IGC) de voorraadniveaus verhoogd. Het USDA heeft de vooruitzichten voor de eindvoorraad van het seizoen 2015/2016 verhoogd tot 220 mt (was 202 mt een maand eerder). Het IGC heeft de eindvoorraad ook verhoogd, maar minder fors. De stijging bedraagt hier 5 mt tot een omvang van 201 mt. De verhoging van de eindvoorraad komt met name doordat de voorraad aan het begin van het seizoen al hoger is uitgevallen. Tegenvallende export vanuit de Verenigde Staten als gevolg van de sterkere dollar en minder vraag vanuit China door meer eigen productie zijn hiervan de belangrijkste oorzaken. De sterkere dollar, die naar verwachting richting het einde van dit jaar nog meer terrein zal winnen, zal voor blijvende druk op de Amerikaanse export van granen zorgen. Dit is de voornaamste oorzaak van de blijvende prijsdruk van tarwe. De neerwaartse potentie wordt hier teniet gedaan door lichte stijgingen bij overige granen als maïs en sojabonen. De noteringen in euro’s (Matif) zullen naar verhouding ook laag blijven, De verwachting is dat de Europese graannoteringen voor tarwe de komende maanden in een bandbreedte van EUR/t 165 – EUR/t 185 zullen bewegen.

Maïsprognose iets naar boven aangepast
De vooruitzichten voor de productie van maïs zijn ook voor het seizoen 2015/2016 gunstig. Weliswaar geen recordproductie, maar wel één die in de top drie terechtkomt. Het IGC heeft de prognose in zijn laatste rapport positief bijgesteld met 3 mt tot een totaal van 966 mt. Het USDA heeft de verwachting onlangs iets naar beneden toe aangepast, maar met een totale omvang van 987 mt ligt de verwachting ook hier op een hoog niveau. De stijging van de productieniveaus is voornamelijk toe te schrijven aan de verhoging van de Chinese productie met 4,3%. De belangrijkste exportlanden (VS, Brazilië, Oekraïne) van maïs zien echter alle hun productie dalen ten opzichte van de recordproductie van 2014/2015. Doordat gelijktijdig de consumptie van maïs op een hoog niveau blijft, zelfs hoger dan de productie zullen de voorraden afnemen. Door deze ontwikkeling zijn ook wat meer speculanten long posities gaan innemen, met als gevolg een verwachte lichte prijsstijging in de komende maanden. Daardoor hebben wij onze voorspelling naar boven toe aangepast. Deze komt nu uit op USDc/bushel 395 voor drie maanden en USDc/bushel 415 voor zes maanden.

Ook de prijs voor sojabonen omhoog vanwege lagere voorraden
Speculanten in sojabonen zitten overwegend long gepositioneerd. Dit duidt op de verwachting dat de prijs gaat oplopen. Deze gedachte is niet vreemd in het licht van de fysieke factor, productie. De eindvoorraad van het afgelopen seizoen is door het USDA naar beneden bijgesteld. Hiermee komt de wereldvoorraad sojabonen uit op 82 mt tegenover een verwachte 84 mt een maand eerder. De daling komt met name door lagere voorraadniveaus in de VS als gevolg van natte weersomstandigheden, sterke export en verwerking van oude gewassen vanuit met name Zuid-Amerika. Doordat de vraag naar sojabonen wereldwijd op een hoog niveau ligt, blijft er druk op de voorraadniveaus. Mede hierom hebben wij onze prijsverwachtingen licht naar boven toe aangepast. De driemaands verwachting staat nu op USDc/bushel 970. De zesmaands verwachting komt nu uit op USDc/bushel 945.

Neerwaartse prijsrisico’s blijven aanwezig…
Ondanks licht naar boven aangepaste prijsverwachtingen voor maïs en sojabonen, ligt de overall prijs voor granen nog altijd op een laag niveau in vergelijking met de afgelopen jaren. Met name goede voorraadniveaus en wederom goede productieverwachtingen zorgen voor deze druk op de prijs. Ondanks dat de verwachting is dat de bodemprijzen zijn bereikt, kan een nieuwe dip niet volledig worden uitgesloten. Een sterkere Amerikaanse dollar kan zorgen voor verdere druk op met name de tarweprijzen. Een andere factor die voor druk zorgt op de prijs van met name maïs en sojabonen, is de ontwikkeling van de Chinese economie. Een verdere afvlakking van de groei kan leiden tot minder vraag en daarmee tot lagere prijzen. Hetzelfde geldt voor een verdere daling van de olieprijs, waardoor met name de prijs van maïs onder druk kan komen te staan. De kans bestaat dat er hierdoor minder maïs tot ethanol zal worden verwerkt. Ook bestaat de kans dat het vertrouwen van beleggers in grondstoffen afneemt, waardoor zij posities zullen verminderen. Gevolg hiervan zou een prijsdaling kunnen zijn.

… maar er zijn ook opwaartse prijsrisico’s
Naast deze neerwaartse prijsrisico’s is er ook nog altijd de kans dat de prijs gaat oplopen als gevolg van verslechterende weersomstandigheden. Met name de angst voor een mogelijk toch wat sterkere El Niño neemt de laatste tijd meer toe. Gevolg hiervan zou kunnen zijn dat door droogte op het zuidelijk halfrond de productie van tarwe in Australië en maïs en sojabonen in Latijns-Amerika wordt aangetast. Gelijktijdig kan er door extra regenval in Noord-Amerika een positief effect zijn op de oogsten van maïs en sojabonen. Mede door de toenemende kans op een zwaardere El Niño en een gelijktijdig tegenvallende prijsontwikkeling van overige grondstoffen (metalen, energie) is er een voorzichtige beweging gaande bij (Chinese) speculanten die overstappen in grondstoffen. Het gaat hier met name om wisselingen tussen bijvoorbeeld koper en granen. Hierdoor worden meer long posities ingenomen in granen waardoor de prijs eveneens kan oplopen. Een versnelde uitstap uit deze long posities kan juist tegengesteld werken.