Visie op opkomende markten – Verschillende groeipaden

door: Marijke Zewuster

150624-Update-Opkomende-markten.pdf (68 KB)
Download
  • Groei valt in een groot deel van de opkomende markten in 2015 opnieuw tegen
  • Sinds onze publicatie in november hebben we de groeiramingen voor Latijns-Amerika en opkomend Europa verlaagd
  • In Azië blijft per saldo de groei in 2015/2016 min of meer gelijk, met India als sterkste groeier
  • We gaan uit van herstel in Latijns-Amerika en Oost-Europa in 2016, maar de neerwaartse risico’s zijn overal aanzienlijk


 

Groei valt opnieuw tegen

Terwijl de regionale groei in Azië de afgelopen jaren opmerkelijk stabiel bleef met een gemiddelde groei rond de 6,4%, is de trend in Oost-Europa en Latijns-Amerika dalend. Zo nam de groei in Oost-Europa af van een al magere 1,8% in 2013 tot 1,3% in 2014. We verwachten voor dit jaar zelfs een krimp van bijna 1%. In Latijns-Amerika daalde de groei in dezelfde periode van 2,4% naar 1% en komt de groei dit jaar met een beetje geluk net boven 0% uit. Ook de tweedeling binnen de BRIC’s is verder toegenomen, met aan de ene kant Brazilië en Rusland en aan de andere kant China en India.

 

Dat de groei in Oost-Europa lager uitvalt dan gedacht, komt voornamelijk voor rekening van Rusland en Oekraïne. In Latijns-Amerika spelen allerlei bestaande structurele onevenwichtigheden een rol. Daar komt een sterk afgenomen vertrouwen bij als gevolg van (binnenlandse) politieke ontwikkelingen. Hierdoor werkt de negatieve invloed van bijvoorbeeld lagere grondstofprijzen en toenemende risicoaversie sterk door.

Ook de minder gunstige groeiontwikkeling in de VS en een minder sterke groei van de wereldhandel spelen een rol. In november verwachtten we nog dat de groei in de VS zou toenemen van 2,4% in 2014 naar 3,8% in 2015. Nu gaan we na een teleurstellend eerste kwartaal uit van een groei van 2,7% in 2015. De eurozone presteert daarentegen iets beter en daar verwachten we nu een toename van de groei van 0,9% in 2014 naar 1,8% in 2015. In november raamden we nog 1,5% voor 2015.

 

Voor de wereld als geheel komt hierdoor de groei in 2015 voor het vierde opeenvolgende jaar opnieuw uit op net iets meer dan een magere 3%. De groei in de opkomende markten daalt daarbij van 4,6% in 2012 tot naar verwachting 3,9% in 2015, terwijl de groei in de industrielanden toeneemt van 1,2% naar 2,2%. Opkomende markten nemen dus nog wel het grootste deel van deze groei voor hun rekening, maar het aandeel van de groei van de industrielanden neemt geleidelijk weer toe.

Opkomend Europa: Grote verschillen in groei

Voor Oost-Europa is sinds onze novemberpublicatie de groei-prognose voor 2015 gedaald van plus 1,8% naar -0,9%. Het zal niet verbazen dat vooral de vooruitzichten voor Rusland en Oekraïne neerwaarts zijn aangepast. In november gingen we er nog van uit dat de groei in Rusland op een laag niveau zou stabiliseren en dat Oekraïne herstel zou laten zien. Inmiddels gaan we voor Rusland uit van een krimp van de economie met 4% en voor Oekraïne van 10%. In Rusland speelt hierbij primair de forse daling van de olieprijs een rol, naast de escalatie van het conflict in Oost-Oekraïne en interne onevenwichtigheden. De tweedeling tussen enerzijds de Centraal-Europese EU-landen en Rusland en Oekraïne anderzijds is daarmee verder toegenomen. De Centraal-Europese EU-lidstaten laten nog een onverminderd duidelijk herstel zien, geholpen door de verbetering in de eurozone en een sterke interne dynamiek. De Turkse economie koelt wel wat af, mede als gevolg van een verkrapping van het monetaire beleid en onzekerheid rondom de recente verkiezingen, maar blijft tot de snelste groeiers van de regio behoren.

Latijns-Amerika: Pacific Alliance houdt de leiding

In Latijns-Amerika is de voorspelling voor de regionale groei in 2015 sinds onze publicatie in november gedaald van 2,5% naar 0,3%. De grootste aanpassing in Latijns-Amerika betreft zonder meer Brazilië. Vorig jaar gingen we er nog van uit dat na de verkiezingen een herstel van het vertrouwen zou zorgen voor een redelijke groei dit jaar. Het tegendeel is evenwel het geval en de nu verwachte krimp van 1% is wellicht nog aan de positieve kant. Naast Brazilië bevinden ook Argentinië en Venezuela zich in een recessie.

Hiermee is het verschil tussen deze landen en de landen die samen de Pacific Alliance vormen (Chili, Colombia, Mexico en Peru) verder toegenomen. Ook voor deze landen geldt dat we iets minder optimistisch zijn geworden. Toch ligt de groei daar gemiddeld nog rond 3,5%, in plaats van een eerder verwachte 4%. De combinatie van lagere groei in de VS en de lagere olieprijzen spelen vooral Mexico en Colombia parten, terwijl in Mexico evenals in Chili ook politieke onzekerheid een rol speelt. In Chili en Mexico voorzien we nog wel dat de groei oploopt van rond 2% in 2014 naar circa 3% dit jaar. In Colombia vertraagt de economie van 4,6% in 2014 naar 3,5% in 2015, terwijl Peru met 4% weer de snelste groeier wordt.

Azië blijft de onbetwiste groeimotor

In tegenstelling tot in de andere twee regio’s is in Azië de regionale groeiverwachting naar boven bijgesteld en wel van 6% naar 6,3%. Dit komt door een forse bijstelling van de groei in India, als gevolg van een verandering in de berekening van het BBP. Dit compenseert ruimschoots voor een neerwaartse groei-aanpassing in Indonesië, Maleisië, Singapore en Zuid-Korea. Voor China blijven we vasthouden aan een afzwakking van de groei van 7,4% in 2014 naar 7% in 2015.

De groei in India valt dankzij de aanpassing ook in de voorafgaande jaren hoger uit. Dat neemt niet weg dat de we de groei daar verder zien versnellen van 7,3% in 2014 tot 7,5% in 2015. Daarmee is India het enige BRIC-land waar de groei toeneemt. Ook in Thailand gaan we voor dit jaar nog steeds uit van een groeiversnelling, na een als gevolg van politieke onrust uiterst zwak 2014. Per saldo zien we echter in de meeste landen in de regio de groei op z’n best stabiliseren op het niveau van 2014 (Indonesië, Singapore, Hong Kong, Taiwan) of afnemen (China, Maleisië, Zuid-Korea).

De Chinese overheid zal indien nodig extra stimuleren om te voorkomen dat de groei (te ver) onder het doel van 7% zakt. Hierdoor verbetert de groei in China in het tweede halfjaar iets. In de meeste andere landen is er zo nodig ook ruimte voor monetaire en/of budgettaire stimulering. Wij verwachten dat de exportgerichte landen (waaronder Korea, Hong Kong en Singapore) profiteren van het herstel later dit jaar in de VS, de eurozone en Japan. De lagere olieprijzen blijven, ondanks de recente correctie, ook een gunstige factor. De meeste Aziatische landen zijn namelijk netto olie-importeurs.

Groeiaanpassing voor 2016 een stuk bescheidener

We verwachten dat de groeiversnelling in de industrielanden, uiteindelijk ook een positieve invloed zal hebben op met name het producentenvertrouwen in Latijns-Amerika en opkomend Europa. Hierdoor  zal de groei in beide regio’s toenemen tot circa 2% in 2016. Gezien de vele structurele problemen (infrastructuur, lage productiviteit) en al dan niet sluimerende (geo)politieke conflicten, zit een sterkere groei er voorlopig niet in. In Azië zal de groei naar verwachting opnieuw rond 6,5% uitkomen. Azië blijft ook de regio met de meeste ruimte om zo nodig een stimulerend economisch beleid te voeren.

Risico’s nemen toe

De huidige oplopende rente op de internationale kapitaalmarkt  samen met de invloed van de rentestijgingen in de VS (wij gaan uit van een eerste rentestap in september) zijn factoren die onze voorspellingen voor de opkomende markten negatief kunnen beïnvloeden. Vooralsnog gaan we er echter van uit dat de sterkere groei in de VS en Europa, samen met een nog altijd aanzienlijke liquiditeit (Europa, Japan) voldoende zijn om het nadelige effect van de oplopende rente te compenseren.

Dit neemt niet weg dat hierdoor de komende maanden de risicoaversie kan toenemen. Dit kan zorgen voor aanzienlijke volatiliteit op de rente- en valutamarkten van opkomende markten. Dat geldt vooral voor die landen die te maken hebben met een omvangrijke buitenlandse schuld en/of grote tekorten op de lopende rekening. Ook beperkt de rentestijging de ruimte voor eventuele monetaire verruiming. Wij zien als andere belangrijke risico’s een sterkere groeivertraging in China, en een verdere daling van de grondstofprijzen, naast verdere escalatie van (geo)politieke problemen.