Visie op Azië – India compenseert groeivertraging China

door: Arjen van Dijkhuizen

Visie-op-Azie - 2 maart 2015 - India compenseert groeivertraging China.pdf (221 KB)
Download

Wij verwachten dat Azië in 2015-16 de belangrijkste mondiale groeimotor blijft met een gemiddelde groei van bijna 6,5%. We gaan ervan uit dat de groeivertraging van China geleidelijk blijft verlopen en de autoriteiten gedoseerd blijven stimuleren om een harde landing te voorkomen. De lage olieprijzen zijn gunstig voor de grote netto-olie-importerende landen in Azië en ook het verwachte herstel van de welvarende economieën is positief. India is hard op weg om China als snelstgroeiende opkomende reus in te halen. Naar onze mening is de regio goed gepositioneerd om een sterke(re) dollar het hoofd te bieden. Een harde landing van de Chinese economie, tegenvallende groei in welvarende economieën en besmettingsgevaar van (sneller dan verwachte) renteverhogingen in de VS vormen de belangrijkste risico’s.

Hogere groei India, mede dankzij nieuwe BBP-methodiek

Begin dit jaar hebben wij onze groeiraming voor India voor 2015 naar boven bijgesteld, onder invloed van de lage olieprijs, het verwachte exportherstel en de verbeterde vooruitzichten voor hervormingen (zie onze India Watch – New hopes, old risks van januari). Ook de begroting voor 2015/16 die dit weekend werd gepresenteerd, bevat enkele voor de groei gunstige elementen (investeringen infrastructuur, verbeteren ondernemingsklimaat etc.). Dankzij de medio februari gepresenteerde herziening van de BBP-methodiek zijn de groeivooruitzichten verder verbeterd, in elk geval op papier. Zo is het basisjaar gewijzigd en wordt het BBP nu tegen marktprijzen (in plaats van tegen factorkosten) berekend. Andere wijzigingen betreffen het grotere aandeel van de verwerkende industrie in het BBP. Nu wordt een groter deel van het bedrijfsleven en de informele sector meegnomen.

150302-Azie-1

Door de nieuwe methode komt de Indiase groei in de voorbije en komende jaren 1,5 à 2 procentpunten hoger uit. Bij deze nieuwe cijfers kunnen wel enkele vraagtekens worden geplaatst, want zij stemmen niet altijd overeen met andere indicatoren van de economische bedrijvigheid. Wij kunnen echter niet veel anders dan onze ramingen baseren op de herziene methodiek. Wij hebben onze groeiramingen voor 2015-16 dan ook verhoogd van 6% naar 7,5%.

India gaat China voorbij als snelstgroeiende reus …

In onze eerder genoemde publicatie gaven wij ook aan dat India op weg is om China in te halen als snelstgroeiende opkomende reus, mede omdat wij verwachten dat de groei in China in 2015-16 geleidelijk vertraagt. Nu India de BBP-methodiek heeft herzien, is dat waarschijnlijk dit jaar al het geval. Overigens bevindt China zich in een verdere fase van ontwikkeling dan India. Dit komt onder meer tot uiting in het gemiddelde welvaartsniveau. Tussen 1995 en 2014 is het BBP per hoofd in China meer dan vertienvoudigd en in India verviervoudigd. In 2014 was het Chinese BBP per hoofd vier keer zo hoog als het Indiase. Dit illustreert dat India nog een flinke inhaalslag kan maken, zeker als het de noodzakelijke hervormingen doorvoert om het economische potentieel optimaal te benutten.

150302-Azie-2

… en tilt het regionale gemiddelde naar een hoger niveau

Omdat de weging van India in onze groei-index voor Azië (ex Japan) circa 20% is, verhogen de herziene BBP-ramingen de regionale groei in 2013-16 met ongeveer 0,3 à 0,4 procent-punt. Wij ramen de regionale groei in 2014 nu op 6,4% (net als in 2013) en verwachten voor 2015 en 2016 vergelijkbare niveaus. Wij gaan er hierbij van uit dat de groeivertraging van China geleidelijk blijft verlopen en de autoriteiten gedoseerd blijven stimuleren om een harde landing te voorkomen. In onze recente publicatie Cheap oil a blessing for Asia legden wij uit dat de lagere olieprijzen gunstig zijn voor de netto-olie-importeurs in Azië en de deur openzet voor verdere monetaire verruiming. Bovendien verwachten wij dat de externe vraag vanuit de welvarende landen aantrekt. Voor 2015 voorzien wij dat een hogere groei in India, Hongkong, Singapore en Thailand opweegt tegen een lagere groei in China en Maleisië. De belangrijkste risico’s bij dit alles vloeien voort uit een eventuele harde landing van China, een tegenvallende groei in de welvarende landen en besmettingsgevaar van een (sneller dan verwachte) renteverhoging in de VS.

Inflatie in de regio is verder afgenomen…

Net als in andere regio’s drukken de lagere grondstoffenprijzen ook in Azië de inflatie. De regionale inflatie is gedaald van 5% j-o-j in november 2013 naar 2,2% in januari 2015, het laagste niveau sinds de kredietcrisis. Inmiddels is de inflatie in China en Zuid-Korea onder de 1% gezakt en is deze negatief in Taiwan, Thailand en Singapore. De inflatie is nog altijd vrij hoog in India en Indonesië. In India vertoont de inflatie weliswaar een dalende lijn, maar de herziene CPI lag in januari nog altijd rond 5% j-o-j. In Indonesië daalt de inflatie weer (6,3% j-o-j in februari), nadat deze opliep toen in november de brandstofsubsidies werden verlaagd. In de afgelopen maanden zijn voor veel landen, waaronder recent ook Indonesië en Maleisië, onze inflatieramingen verlaagd.

150302-Azie-3

Wij denken dat de effecten van de olieprijsschok tijdelijk zijn. Er zijn echter tekenen dat de daling van de grondstoffenprijzen via tweederonde-effecten doorsijpelt naar de kerninflatie. Sinds medio 2014 is de regionale kerninflatie gedaald tot 1,5% j-o-j in januari, het laagste niveau sinds de mondiale crisis.

…en dit biedt ruimte voor verdere beleidsverruiming

In reactie op de almaar dalende inflatie hebben de centrale banken hun monetair beleid verder verruimd. De Chinese centrale bank (PBoC) heeft het afgelopen weekend de beleids-rentes opnieuw verlaagd. De 1-jaars leenrente daalde met 25 basispunten (bp) naar 6,35% (na een eerdere verlaging met 40 bp in november). Begin februari had de PBoC ook al de reservevereisten voor banken verlaagd. Door dit soort maat-regelen neemt de kredietgroei recentelijk weer toe. De Indiase centrale bank (RBI) verraste de markten in januari door na een ingelaste vergadering de beleidsrente te verlagen naar 7,75%. Op de reguliere vergadering in februari schroefde de RBI de verplichte liquiditeitsratio voor banken terug. In Zuid-Korea verlaagde de centrale bank in oktober de beleidsrente naar een historisch dieptepunt van 2%, maar uit oogpunt van financiële stabiliteit is het daarbij vooralsnog gebleven. Na de verlaging van de brandstofsubsidies verhoogde de centrale bank van Indonesië in november 2014 de beleidsrente naar 7,75%, maar in februari is de rente teruggebracht naar 7,5% omdat de inflatie weer daalt. De Monetaire Autoriteit van Singapore (MAS) verraste de markten door op een ingelaste vergadering eind januari te besluiten om het appreciatietempo van de wisselkoersband (S$NEER) af te zwakken.

In diverse landen zien wij ruimte voor verdere versoepeling. Voor China verwachten we dit jaar nog een renteverlaging en andere gedoseerde maatregelen. We zien ook enige ruimte voor verdere versoepeling in Zuid-Korea en India, al zou de RBI wel eens voorzichtiger kunnen worden nu het begrotings-beleid iets versoepeld wordt. De MAS zal naar verwachting het appreciatietempo van de S$NEER verder verlagen.

Omgaan met de sterke dollar

In de afgelopen maanden zijn de Aziatische valuta’s ten opzichte van de US dollar (USD) verzwakt, mede als gevolg van verschillen in de richting van het monetair beleid. Bij een renteverhoging in de VS voorzien wij een verdere waarde-daling van Aziatische valuta’s ten opzichte van de USD. Hierdoor kan de concurrentiekracht verbeteren, maar als de depreciatie uit de hand loopt kunnen de betalingsrisico’s toenemen. Onzes inziens is dit risico voor Azië (ex Japan) echter te overzien. De omvang van de buitenlandse schulden is over het algemeen beheersbaar en het aandeel van in vreemde valuta’s luidende leningen in de bancaire kredietverlening is relatief gering.

150302-Azie-4

 

150302-Azie-5