Graanprijzen komen niet boven het maaiveld

door: Frank Rijkers

2015_03_agrimonitor_NL_def.pdf (217 KB)
Download
  • Prijsverwachtingen voor meeste agrarische grondstoffen bepaald door blijvend hoge voorraden
  • Graanprijzen blijven laag, ondanks verwachte daling productie in 2015/2016
  • Voedselprijzen lager door aanhoudend lage grondstofprijzen

Speldenprikjes beïnvloeden korte-termijnprijs voor granen
In de afgelopen weken werd de prijs op de graanmarkt (maïs, tarwe, sojabonen) bepaald door een aantal factoren. Schommelingen in valutakoersen (met name de Amerikaanse dollar en de Braziliaanse real), de overwegend gunstige weersomstandigheden en moeilijkheden met transport door stakingen in Brazilië waren de factoren die het voor het zeggen hadden. De komende weken zal de prijs meer richting krijgen door nieuwe productie- en consumptiecijfers over 2015/2016. Hierdoor zal de focus voor de komende maanden terugkeren op de fundamenten die de prijs bepalen namelijk vraag en aanbod.

Eind 2014 was er nog een opleving te zien in de tarweprijs. Deze werd met name ingegeven door het gemengde gevoel ten aanzien van de USDA rapportages. Hierbij werd het beeld enerzijds door de voorraadgroei bepaald, maar anderzijds werd het beeld door minder ingeplande oppervlakte enigszins verstoord. Inmiddels zijn de tarweprijzen in de afgelopen weken weer met 7% gedaald tot de laagste niveaus sinds 2010, maar lijkt de rust op de markt te zijn teruggekeerd. In figuur 1 zien we dat met name de tarweprijzen zich redelijk in dezelfde richting bewegen als de ontwikkelingen van de euro/dollarkoers. Dit heeft tevens impact gehad op de Europese graanprijzen (in EUR). De prijzen op de Matif (Parijse beurs) zijn licht toegenomen door meer vraag naar producten in euro’s (zie figuur 3). Dit drukt de prijzen weergegeven in Amerikaanse dollars nog verder. Alhoewel recentelijk wel een belangrijke Egyptische order is geplaatst voor de aankoop van Amerikaanse tarwe, waardoor de prijsval in dollars tijdelijk tot stilstand was gekomen.

De prijs op de graanmarkt wordt ook nog altijd beïnvloed door zwakkere valuta’s en problemen met producten in de graanregio rondom het Zwarte Zee gebied. Met name Oekraïne en Rusland zorgen hier voor het nieuws, zoals bijvoorbeeld de Russische exportbelemmeringen welke zorgen voor een licht opwaarts potentieel in de tarwe- en maïsprijzen.

Waar de korte-termijn prijsbeïnvloeders met name de grillen op de spotmarkt beïnvloeden, wordt de onderliggende trendprijs nog altijd bepaald door de hoge productiecijfers, resulterende in forse wereldvoorraden. 

Verwerking cacaobonen onder druk
Vergelijkbaar met de graanprijs wordt ook de prijs voor koffie, cacao en suiker bepaald door vraag en aanbod verwachtingen. Hierin hebben de laatste maand weinig verschuivingen plaatsgevonden. Voor cacao ligt de focus op de korte termijn op de lagere productie- en verwerkingscijfers. De vraag uit Azië neemt af vanwege de hoogte van de prijs. Daarnaast zien we meer verwerking op de productielocaties ontstaan, om minder goederenstromen te realiseren. In de laatste cijfers van de International Cocoa Organization (ICCO) zien we tevens dat Ivoorkust Nederland heeft afgelost als grootste verwerker wereldwijd van cacaobonen, echter is het effect op de prijs hiervan verwaarloosbaar. 

Koffie en suiker getroffen door dalende Real
Koffie- en suikerprijzen zijn in de afgelopen weken gedaald door een zwakker geworden Braziliaanse Real. Koffieprijzen (ICE) zijn met meer dan 10% gedaald in de laatste vier weken. Suikerprijzen (ICE) lieten in dezelfde periode een daling zien van 4% naar het laagste niveau in 5 jaar. Wij verwachten dat de bodem voor de prijs in beide gevallen is bereikt en dat de prijzen in de komende maanden zullen toenemen als gevolg van meer vraag dan aanbod. Voor suiker zien we een licht dalende voorraad in de loop van dit jaar als belangrijkste prijsbepaler. Voor koffie zien we met name productieproblemen ingegeven door weersomstandigheden in Brazilië als de belangrijkste drijver voor een licht opwaartse prijsbeweging in de komende maanden.

Wereldvoorraad granen blijft op hoog niveau
Zowel het Amerikaanse ministerie voor landbouw (USDA) alsmede het International Grains Council (IGC) zijn onlangs naar buiten gekomen met de eerste productieverwachtingen voor granen in 2015/2016. Beide instanties komen met een verlaging van het productieareaal voor tarwe en maïs, maar ondanks deze productiedaling is het nog altijd een top-3 notering waard in de grootste productie allertijden. Hierdoor is het effect op de prijs, in combinatie met de fors opgebouwde voorraden in de afgelopen jaren, verwaarloosbaar.

Maïsproductie daalt, maar prijs blijft op laag niveau
De eerste productievoorspellingen van het IGC voor 2015/2016 laten een daling zien van 5% j-o-j tot een totale hoeveelheid van 938Mt. Hiermee ligt de verwachte productiehoeveelheid maïs 54Mt lager dan in het recordjaar 2014/2015. Maar met een productieverwachting welke ruim 8% hoger ligt dan het 10jaars gemiddelde wordt nog altijd de derde grootste productie in de geschiedenis verwacht. Gelijktijdig wordt verwacht dat de consumptie nauwelijks wijzigt. Een licht toenemende vraag naar maïs als voedingsgrondstof compenseert hierin de lichte daling in maïs als grondstof voor diervoeding. Hiermee is de verwachting dat de voorraden op het hoge niveau blijven, waardoor de prijs niet veel beweging zal laten zien, doordat dit al in de prijs is verwerkt.

Ook voor tarwe wordt een daling in productie verwacht
Net als bij maïs, is ook voor tarwe de productieverwachting voor 2015/2016 licht lager dan in het lopende seizoen. De totale productie komt naar verwachting 2% lager uit op 705Mt. Dit is 12Mt lager dan in het afgelopen recordjaar. De tarweproductie ligt nog altijd wel ruim boven het meerjarig gemiddelde. Doordat de consumptie licht stijgt tot een hoeveelheid van 710Mt, blijven de wereldvoorraden op een relatief hoog niveau. De wereldvoorraad voor tarwe wordt begroot op 192Mt aan het einde van 2015/2016. Dit is 5Mt lager ten opzichte van de eindvoorraad in 2014/2015. Hierdoor is echter nog steeds voldoende buffer aanwezig in de markt, waardoor de prijzen hun huidige lage niveau zullen handhaven. De lichte consumptiestijging voor tarwe heeft te maken met meer vraag naar kwalitatief voedsel, waarvoor tarwe als belangrijke grondstof dient. Ook bij tarwe zal de vraag naar diervoeding afnemen. Met name in Europa, Australië, Canada en in de voormalige Sovjet-Unie landen neemt de vraag naar diervoeders af. Doordat gelijktijdig de vraag naar menselijk voedsel licht stijgt, zullen de voorraden niet verder toenemen. Deze blijven echter wel op een relatief hoog niveau, waardoor de prijs voor tarwe zoals gezegd laag zal blijven. Ook consumenten kunnen hiervan meeprofiteren door een mogelijke daling van de voedselprijzen.