Industriële ondernemers hebben wind mee in 2015

door: Casper Burgering

Industrie Sector prognose-feb 2015.pdf (625 KB)
Download

• ABN AMRO gaat voor alle branches in de industrie uit van groei dit jaar
• Machine-, basismetaal- en transportmiddelenindustrie sterkste groeiers in 2015
• Ondernemers zijn nog voorzichtig om grote risico’s te nemen en forse uitbreidingsinvesteringen te doen

Positieve vooruitzichten voor 2015

Het nieuwe jaar is positief begonnen. Niet alleen nam de PMI in januari toe ten opzichte van december, ook het producentenvertrouwen behield zijn relatief hoge niveau. Beide indicatoren geven aan dat het sentiment onder ondernemers nog steeds positief is en daarmee is een goede basis voor 2015 gelegd. Ons basisscenario gaat er vanuit dat we in 2015 en in 2016 productiegroei zullen zien in alle branches van de sector industrie. Het jaar 2014 was nog een overgangsjaar, waarin onzekerheid over de economische ontwikkelingen in Nederland en daarbuiten de boventoon voerde. Die onzekerheid kwam tot uiting in het sentiment over onder meer de inkomende orders, de bezettingsgraad en de toename van het aantal uitzenduren. Daarnaast bracht het Oekraïne-Rusland conflict ook veel onzekerheid met zich mee. Ondanks dat de geopolitieke problemen nog niet uit de wereld zijn en nog steeds een risico vormen, lijkt het huidige sentiment van industriële ondernemers erop te duiden dat het vertrouwen grotendeels terug is.

Productiegroei in alle branches

Voor zowel 2015 als 2016 gaat ABN AMRO uit van groei in alle branches binnen de sector industrie. Ook komende jaren geldt dat de branches met een nadrukkelijke focus op het buitenland het gemiddeld beter zullen matrixdoen. Branches die voor hun bedrijvigheid vooral afhankelijk zijn van de binnenlandse vraag (met name bouw gerelateerde vraag), zullen weliswaar de vraag zien aantrekken, maar het tempo van deze groei ligt lager. Een belangrijk thema wat komend jaar vrijwel voor alle branches en de gehele keten zal gaan gelden is Quick Response Manufacturing. Dit is een aanpak om de doorlooptijden sterk te verkorten en de kostprijs te verlagen. Dit wordt bereikt door met inzet van ICT meer efficiency te bereiken.

Bezettingsgraad trekt langzaam aan

De meeste indicatoren die relevant zijn voor de industrie staan er begin 2015 gunstig voor. De Nederlandse economie groeit verder, de PMI staat ruim boven de 50, de productie groeit door, het producentenvertrouwen staat ver boven zijn lange- termijngemiddelde, de aanwas van het aantal vacatures stijgt en het aantal faillissementen in de industrie daalt. Alleen de bezettingsgraad ligt nog onder zijn langetermijngemiddelde, wat aangeeft dat er nog een deel van de beschikbare productie-capaciteit onbenut is. bezetIn het eerste kwartaal is de bezettingsgraad slechts licht toegenomen (van 80,3% naar 80,4%) en dat lag niet in de lijn van de verwachtingen. Immers, bij een herstellende economie neemt de vraag naar industriële producten en investeringsgoederen doorgaans toe, waardoor de bezettingsgraad van machines wordt opgevoerd en de gebruiksintensiteit van de machines stijgt. Dit proces heeft de laatste kwartalen wel plaatsgevonden, maar de bezettingsgraad stijgt niet door naar pre-crisis niveaus. Kennelijk is de huidige bezetting dus voldoende om aan de vraag te voldoen. Reden daarvoor kan zijn dat het huidige economisch herstel nog als ‘te broos’ wordt beschouwd door ondernemers en wat een dempend effect heeft op de toename van de bezettingsgraad. Ondernemers zijn nog onvoldoende bereid om grote risico’s te nemen en forse uitbreidingsinvesteringen te doen. Dit is vooral het geval bij ondernemers die in grote mate gevoelig zijn voor buitenlandse (geopolitieke) ontwikkelingen. Dat is ook de reden dat de bezettingsgraad vooral lager ligt (dus onder het langetermijngemiddelde) in de branches die zich met name richten op het buitenland. Het gaat hier om de machine-industrie, de chemische industrie en de transportmiddelenindustrie. Dit sluit deels aan bij veel sentimentsindicatoren die de stemming van industriële ondernemers meten (naar productie, orders en economisch klimaat). Daaruit valt af te lezen dat veel ondernemers weliswaar de toekomst nog steeds positief inzien, maar men nog twijfels heeft over de inkomende (buitenlandse) orders. De onzekerheid in de orderintake is nog relatief groot (met name door de toegenomen mondiale risico’s) en dat is een drempel voor veel bedrijven.