Weekly FX – Volatiliteit is troef

door: Georgette Boele , Roy Teo

FX-Weekly - 20-October 2014 - Volatiliteit is troef.pdf (274 KB)
Download

De valutamarkten vielen vorige week ten prooi aan uiteenlopende krachten: een zwakkere Amerikaanse dollar, risicoaversie en dalende grondstoffenprijzen. Veilig geachte valuta’s presteerden bovengemiddeld terwijl de valuta’s van olie-exporterende landen in de hoek zaten waar de zwaarste klappen vielen. Ook de valuta’s van landen met een lage inflatie kwamen onder druk. Naar onze mening is de markt te pessimistisch en zal het sentiment weer verbeteren. De Amerikaanse dollar zal dan de opgaande lijn weer oppakken terwijl de safe haven valuta’s juist terrein moeten prijsgeven.

Valuta’s in de greep van divers krachtenveld

Het beeld op de valutamarkten wordt sinds het begin van deze maand bepaald door drie factoren in het bijzonder. Doordat beleggers winst namen op extreme longposities, werd de Amerikaanse dollar (USD) de wind uit de zeilen genomen. Dit kwam voor een deel door minder gunstige berichten over de Amerikaanse economie. Ook verruimingsgezinde uitlatingen van enkele Fed-bestuurders droegen hieraan bij. Zwakkere macrocijfers leidden tot onrust over de vooruitzichten voor de wereldeconomie terwijl betere cijfers genegeerd werden. Het resultaat was dat de stemming onder beleggers aanzienlijk verslechterde, op bepaalde momenten zelfs tot op het hysterische af. Dit kwam tot uiting in scherp dalende aandelen-koersen en obligatierendementen (met name US Treasuries). Ondertussen nam de volatiliteit van de aandelenmarkten toe en liep de goudprijs op. En dan was er nog de sterke prijsdaling van cyclische grondstoffen zoals olie, basismetalen, palladium en, zij het in minder mate, platina. Dit had een direct negatief effect op de valuta’s van grondstof exporterende landen en beïnvloedde ook de verwachtingen ten aanzien van het monetair beleid van centrale banken. Zo verwachten meer partijen dat de ECB overgaat tot verdere monetaire stimulering, na de recente tegenvallende cijfers voor de eurozone en de daling van de olieprijzen .

 

141020-FX1

Inmiddels gaan de financiële markten ervan uit dat de Amerikaanse centrale bank (Fed) de rente later in 2015 gaat verhogen dan tot voor kort werd aangenomen en bovendien in een minder snel tempo. Dit is goed te zien in de grafiek. Die geeft ook duidelijk het effect van de uitlatingen van meer verruimingsgezinde Fed-bestuurders weer. Wij denken dat het FOMC, het beleidscomité van de Fed, in het algemeen de ontwikkeling van de Amerikaanse economie met vertrouwen tegemoet ziet. Zij schat vermoedelijk in dat de inflatie geleidelijk oploopt richting het inflatiedoel van de Fed. Verdere opmerkingen in die richting liggen volgens ons in het verschiet.

 

141020-FX2

Veilig geachte valuta’s presteren bovengemiddeld maar lagere inflatie en lagere olieprijzen treffen andere valuta’s

De valutamarkten werden heen en weer geslingerd want geen van deze bovengenoemde krachten had duidelijk de overhand. De dollar kwam onder druk door winstneming. De naar beneden bijgestelde groeiverwachtingen voor de VS en de toegenomen kans dat de Fed de rente later gaat verhogen speelden ook een rol. De euro raakte echter ook uit de gratie, door zwakkere cijfers voor de eurozone en de vrees voor deflatie en een nieuwe recessie. Deze vrees is volgens ons overtrokken. In het Verenigd Koninkrijk gaan beleggers na lager dan verwachte inflatiecijfers ervan uit dat de centrale bank de rente pas later gaat verhogen. Het Britse pond ondervond hiervan nadelige gevolgen. Verder vormden de valuta’s van olie-exporterende landen zoals de Noorse kroon, de Canadese dollar en de Russische roebel duidelijk de achterhoede. Als veilig beschouwde valuta’s zoals de Japanse yen en de Zwitserse frank profiteerden van de verslechtering van het marktsentiment. De Australische dollar en de Nieuw-Zeelandse dollar werden gesteund door de marktverwachting dat China meer ruimte heeft voor gerichte maatregelen om de economie te stimuleren nu de inflatiedruk is afgezwakt.

Valuta’s opkomende landen vertonen vergelijkbaar beeld

Het krachtenveld manifesteerde zich ook in de bewegingen van valuta’s van opkomende landen. De zwakkere dollar en de naar beneden bijgestelde verwachtingen voor de Amerikaanse rente waren in het voordeel van deze valuta’s. De risicoaversie trof echter de valuta’s van landen met een kwetsbare structurele situatie. De daling van de olieprijzen ging ten koste van de valuta’s van olie-exporterende landen. De valuta’s van grondstof-exporterende landen waar de structurele en/of politieke situatie onzekerder is, werden dan ook het zwaarst getroffen. De sterke koersval van de Russische roebel door de dalende olieprijzen is hiervan een goed voorbeeld. Het nieuws dat Moody’s Ruslands kredietrating had verlaagd zorgde voor extra druk op de roebel. De Braziliaanse real stond vooral onder invloed van de verkiezingsstrijd en de algehele stemming onder beleggers. Valuta’s van olie-importerende landen zoals Hongarije, Zuid-Afrika en Turkije deden het beter dan de dollar.

 

141020-FX3

Pessimisme is overtrokken…

We hebben het al vaker gezegd: als we grondiger kijken, lijkt het pessimisme te ver te zijn doorgeschoten. Volgens ons staan de macroseinen nog steeds op groen voor een aantrekkende wereldeconomie. Een krachtige groei in de VS kan andere landen mee omhoog trekken. Bovendien voeren beleidsmakers in zwakkere economieën zoals de eurozone en Japan nog steeds een expansief monetair beleid. Het is goed mogelijk dat zij met nieuwe stimuleringsmaatregelen komen. De Chinese autoriteiten verlenen gerichte steun om de verlaagde maar nog altijd hoge groeidoelstellingen te halen.

Tot slot zal de scherpe daling van de olieprijzen de mondiale vraag een flinke impuls geven. Volgens onze berekeningen voegt een daling van de olieprijs met USD 10 0,3 procentpunt aan het mondiale BBP toe. Er is een kans dat het pessimisme op financiële markten overslaat naar de reële economie. Echter wij schatten de kans dat betere economische cijfers de sombere stemming verdrijven en de risicobereidheid van beleggers vergroten, hoger in.

…zodat de fundamentele situatie weer in het vizier komt

Wij denken dat als veilig beschouwde valuta’s de komende weken weer zwaar onder druk komen. Hieraan zal het groeiend vertrouwen in een wereldwijd economisch herstel, en dan met name de kracht van de Amerikaanse economie, ten grondslag liggen. De prijzen van cyclische grondstoffen zoals olie, basismetalen, palladium en platina zullen dan in wisselende mate stabiliseren of zelfs weer stijgen. In het verlengde daarvan kunnen de valuta’s van olie-exporterende landen, zoals de Noorse kroon, de Canadese dollar, de Russische roebel en de Mexicaanse peso, weer de weg omhoog inslaan. Onze visie is dat de Amerikaanse economie het goed zal doen en dat de Fed de rente in 2015 uiteindelijk zal verhogen. Dat maakt het waarschijnlijk dat de dollar weer gaat stijgen. Een aantal van die grondstof-afhankelijke valuta’s zal dan mogelijk opnieuw onder druk komen. Valuta’s van opkomende landen waar de fundamentele situatie zwakker is en/of (geo)politieke risico’s blijven bestaan, zijn naar verwachting het kwetsbaarst. Hierbij denken wij aan de Russische roebel, de Indonesische roepia, de Zuid-Afrikaanse rand en de Turkse lira. Vermoedelijk gaan de Mexicaanse peso en de Braziliaanse real terrein winnen. De Mexicaanse peso zal de komende kwartalen naar verwachting gesteund worden door het vooruitzicht van een sterke Amerikaanse en binnenlandse economie. Voor de Braziliaanse real breken waarschijnlijk na de tweede ronde van de presidentsverkiezingen op 26 oktober betere tijden aan. Dat geldt met name als Aécio Neves van de Sociaal-Democratische Partij als winnaar uit de bus komt.

Groei- en inflatievooruitzichten zijn deze week bepalend

Deze week verschijnen er enkele belangrijke economische cijfers. Deze zullen waarschijnlijk het valutaplaatje bepalen. Begin van de week wordt het Chinese BBP voor het derde kwartaal gepubliceerd. De marktconsensus is dat de groei is afgezwakt van 7,5% naar 7,2%; wij zijn iets positiever en rekenen op 7,3%. Later in de week volgt de voorlopige raming voor de verwerkende industrie in China in oktober. Een tegenvallend resultaat zou gunstig zijn voor de Japanse yen maar nadelig voor de Australische dollar, de Nieuw-Zeelandse dollar en andere Aziatische valuta’s. In de eurozone gaat alle aandacht uit naar de samengestelde inkoopmanagers indices voor oktober en het consumentenvertrouwen. De speculatie is immers toegenomen dat de ECB de monetaire teugels nog verder moet laten vieren. In de VS staan de inflatiecijfers op de agenda. Deze zijn van belang voor de marktverwachtingen ten aanzien van het tijdpad van de renteverhogingen door de Fed in 2015.

 

141020-FX4