Groei industriële productie houdt stand

door: Casper Burgering

Industrie Sectorprognose Okt-2014.pdf (652 KB)
Download

De industrie maakte na een goede start in het eerste kwartaal (K1), een relatief zwak tweede kwartaal (K2) meegemaakt. Terwijl de productie in K1 nog met gemiddeld 3,5% joj groeide, nam de groei in K2 af naar 0,8% joj, met zelfs een krimp van de productie in juni (van 1,3% joj). Het beeld past echter in het seizoenspatroon van de industriële productie. We hebben onze sector en brancheprognose voor dit en volgend jaar naar beneden licht bijgesteld. We gaan nu uit van een groei van de productie van 2,5% joj. Wat zijn hiervoor onze redenen?

1) De productiegroei is minder beweeglijk geworden

Vanaf de jaren 90 neemt de beweeglijkheid van de productiegroei verder af. De enige uitzondering is de sterke productiekrimp op het moment dat Lehman- brothers failliet gaat en de financiele crisis van 2008-2009 inluidt. Zonder deze twee jaren van sterke krimp blijft de productiegroei redelijk stabiel.volatiliteit

 2) Wereldeconomie behoudt groeipad

De economie in de VS wint aan kracht. De inkoopmanagersindex (PMI) voor de verwerkende industrie in de VS staat comfortabel boven de neutrale grens van 50 punten en het ondernemersvertrouwen is sterk. Ook de arbeidsmarkt in de VS laat zijn veerkracht zien en recente cijfers geven aan dat de woningbouwsector verder herstelt. In China wijzen echter recente cijfers erop dat de economie afkoelt. Met name de kredietverlening en de onroerend goed markt kennen nog veel risico’s. Daarentegen is het aantrekken van de uitvoer een welkome steun in de rug. Bovendien zal de Chinese overheid bij meer economische tegenvallers gerichte steunmaatregelen nemen om de groeidoelstelling dit jaar te halen. De economie van Europa worstelt nog en recente macro-cijfers vielen ietwat tegen.Een sterkere wereldeconomie en de verdere daling van de euro zullen in de komende maanden steun bieden aan de groei van de industriële sector in de eurozone. Voor Nederland zijn met name de ontwikkelingen in Duitsland, onze grootste handelspartner, van belang. Ook hier geldt dat veel indicatoren gedurende K2 hun neerwaartse lijn hebben gehandhaafd, maar de meest recente cijfers (zie kader) staan er nog relatief gunstig bij, op de PMI voor de verwerkende industrie na. De verwachting is dat de marktomstandigheden in de rest van het jaar zullen verbeteren.

3) Nederlandse economie groeit

De groei is vooral te danken aan de uitvoer, wat verband houdt met de lichte toename van de wereldhandel. En met de toenemende internationale bedrijvigheid krijgen de verhandelde volumes op Schiphol en in de Rotterdamse haven een impuls. Het producentenvertrouwen zal daardoor verder stijgen, wat positief uitwerkt op de bezettings-graden en investeringsbereidheid. Het is daarna wachten op de bestedingen van consumenten voordat de economie volledig is hersteld. Diverse resultaten van de Conjunctuur enquête van het CBS wijzen voor de industrie al in de goede richting. Veel ondernemers blijken nog steeds optimistisch te zijn wat betreft het economische klimaat voor de rest van het jaar. Op het moment dat de vraag naar industriële producten en investeringsgoederen toeneemt, zal de bezettingsgraad van machines en dus de productie ook worden opgevoerd.

4) Sentiment ondernemers blijft nog iets achter

Het optimisme in de industrie wordt echter nog gedrukt, ondanks het feit dat het aantal faillisse-menten in de sector dit jaar al sterk is gedaald op jaarbasis. Het producentenvertrouwen is nog niet volledig hersteld en schommelt sinds begin dit jaar rondom zijn lange termijn gemiddelde. Dit wijst erop dat ondernemers er nog niet volledig van overtuigd zijn dat het economische herstel echt doorzet. Dit is op zich niet verwonderlijk, gezien het nog broze herstel van de economie in de eurozone en de geopolitieke spanningen die wereldwijd de kop opsteken.

5) Buitenlandse vraag houdt nog stand

Het sentiment staat in Nederland dus onder lichte druk en dit is in lijn met de ontwikkelingen in Duitsland. Ook daar ebde het vertrouwen onder industriële ondernemers en consumenten in september weg. Maar dit suggereert nog niet dat we een periode ingaan van zwakke groei. Want in Duitsland namen de industriële orders (met name in kapitaalgoederen) en de industriële productie na enkele matige maanden in de eerste helft van het jaar weer toe. En wat bovendien helpt is de afzwakking van de euro, wat de concurrentie-positie van industriële bedrijven in de eurozone ten opzichte van bedrijven buiten de eurozone zal verbeteren.

Maar ook hier geldt dat de risico’s en onzekerheden de laatste tijd zijn toegenomen. De geopolitieke spanningen zijn toegenomen en dit kan een negatieve uitstraling hebben op het algemeen vertrouwen. De uitkomst van dergelijke grote ongrijpbare en niet-beïnvloedbare ontwikkelingen zijn moeilijk te voorspellen en kan op termijn een significante uitwerking hebben op de productie van de industrie. Met name de Duitse economie heeft een groot belang bij een aantrekkende wereld-handel en op het moment dat de geopolitieke spanningen wereldwijd toenemen, zal dat een effect hebben op de economische groei van Duitsland. Het zal in een dergelijk scenario dan niet lang meer duren voordat de Nederlandse industriële ondernemers ook met een sterkere afvlakking van de groei te maken krijgen.

Export succesfactor voor veel branches

Voor de prognoses van de productie van diverse branches die onder de sector industrie vallen speelt de export in veel gevallen een belangrijke rol. In de totale waarde van Nederlandse export van goederen hebben industriële fabrikaten een aandeel van circa 60%. Branches met een nadruk op export relatief zullen beter presteren dan branches die voornamelijk het binnenland als afzetgebied hebben.

sectorprognoses okt

Ondanks dat de economische onzekerheden zijn toegenomen, bieden de huidige macro-economische vooruitzichten een fundament voor positieve productieverwachtingen voor de industrie tot en met 2015. De economische groeiverwachting in 2014 en 2015 voor Duitsland, onze belangrijkste handels-partner, en de wereldhandel blijven relatief gunstig. In 2014 zal de Duitse economie groeien met 1,7% joj, terwijl in 2015 een groei wordt verwacht van 2,2%1. De wereldhandel neemt in 2014 met 3% joj toe en in 2015 met 6% joj. Dit draagt bij aan de Nederlandse industriële productiegroei in 2014 (2,5% joj) en in 2015 (3,0% op jaarbasis).

Voor de ontwikkelingen binnen de afzonderlijke branches kunt u meer informatie vinden in het document, wat u bovenaan deze pagina kunt downloaden.