Herstel van modaliteiten in de transportsector zet door

door: Nadia Menkveld

Transport_Update_Juli201411.pdf (278 KB)
Download

Het CBS rapporteerde voor de Transportsector een lichte stijging van de omzet (1,5%) in het eerste kwartaal van 2014. Een opsteker voor de sector. Alle modaliteiten boekten een omzetstijging, maar lage tarieven als gevolg van overcapaciteit en hoge concurrentie blijven de sector achtervolgen.

Vorige maand publiceerde het CBS de omzet cijfers voor de Transportsector voor het eerste kwartaal van 2014. De cijfers laten een redelijk homogeen beeld zien: een jaar op jaar omzet- stijging bij alle branches. Met één uitschieter: de expediteurs.

Voor de modaliteiten geldt dat een voorzichtig herstel van de economie in Nederland en de Eurozone voor hogere vervoersvolumes zorgde. Zowel de Binnenvaart als het Wegtransport zagen de stijgende volumes terug in hun omzetcijfers.

Overcapaciteit blijft probleem Binnenvaart

Hoewel er voor de Binnenvaart sprake is van een stijgende omzet, blijft het vooruitzicht voor een aantal deelmarkten (grote droge lading en tankvaart) toch zorgwekkend. Deze deelmarkten kampen met een overcapaciteit waardoor de bezettingsgraden laag zijn. De lage tarieven als gevolg van deze overcapaciteit vormen al langer een probleem. Externe factoren, zoals stremmingen of laag water zorgden incidenteel voor hogere tarieven, maar onderliggend blijven de problemen met capaciteit een drukkend effect houden.

De overcapaciteit bij de twee deelmarkten heeft een aantal oorzaken. Het grootste probleem is de aanwas van nieuwe schepen de afgelopen jaren, terwijl de goederenstroom deze toename van capaciteit niet kon absorberen. Daarnaast zijn de nieuwe moderne schepen die in de vaart gebracht worden efficiënter dan de oudere schepen. Dit zorgt er voor dat deze schepen meer goederen kunnen vervoeren en daardoor nog meer capaciteit in de vaart zetten. Een derde oorzaak van de overcapaciteit blijkt de lage verkoopbaarheid van binnenvaartschepen buiten Nederland of zelfs Europa. Nederland bezit meer dan 50% van de totale Europese binnenvaartvloot. Schepen, die vanwege een (dreigend) faillissement verkocht worden komen vaak – goedkoper – weer in de vaart. Dit zorgt er niet alleen voor dat de overcapaciteit blijft bestaan, maar ook dat er een additioneel drukkend effect op de kostprijs ontstaat. Het oplossingsgerichte vermogen vanuit de sector zelf blijkt beperkt met name door dat de sector te versnipperd is.

Sentiment wegtransport positiever

Het omzetherstel bij wegtransport zet duidelijker door. In het eerste kwartaal van 2014 groeide de omzet met 3,7% (j.o.j.). Het sentiment onder wegvervoerders verbeterde eveneens. De ondernemers verwachten een lichte toename van de bedrijvigheid.

Grotere bedrijven lijken sterker te profiteren van het herstel van de volumes dan de kleinere bedrijven of de éénpitters. De grotere bedrijven doen het beter, omdat ze over het algemeen asset lighter zijn gaan werken. Hierdoor zijn ze ook flexibeler in hun kostenstructuur. De pure, veelal kleinere transporteurs, lopen het risico ‘inwisselbaar’ te zijn hebben dan ook moeite de marges op peil te houden. Daarnaast ervaren deze ondernemingen ook nog concurrentie vanuit Oost Europa. De tarieven staan onder druk en het blijkt moeilijk voor deze bedrijven om winstgevend te blijven. Uit het TLN conjunctuurbericht over het eerste kwartaal van 2014 is de stemmingsindicator bij grote ondernemers (8) dan ook een stuk positiever dan bij de kleinere ondernemers (5,4).