Energie Monitor juli – Onrust Midden-Oosten heeft slechts beperkt effect op olieprijs

door: Hans van Cleef

Energie-Monitor - Juli 2014 - Olie: marktontwikkeling en risico’s.pdf (3 MB)
Download
  • De beperkte invloed van de crisis in Irak op de olieprijs
  • Stabiele tot licht dalende olieprijzen verwacht…
  • …maar risico op hogere olieprijs is toegenomen

Huidige situatie rondom olie uit Irak

In slechts een paar weken tijd hebben de rebellen van ISIS (Islamitische Staat van Irak en Syrië/Levant) een groot deel van het noord-westen van Irak bezet. Irak is, op Saudi-Arabië na, de grootste olieproducent van de OPEC en produceert ongeveer 10% van de dagelijkse hoeveelheid OPEC olie. Als gevolg van deze abrupte, snelle en vooral onverwachte opmars is de angst toegenomen dat de olieproductie en olieexport uit Irak zal worden geraakt. Toch blijft het effect op de olieprijs tot nu toe beperkt tot een stijging van enkele dollars. Dit heeft een aantal redenen. In de eerste plaats ligt het veroverde gebied dat momenteel door ISIS wordt gecontroleerd in het noord-westen van Irak. De olieproductie in dit gebied was al enkele maanden geleden tot stilstand gekomen als gevolg van een eerdere aanslag. De huidige olie-exporten komen vanuit Basrah, in het zuid-oosten van Irak aan de Persische Golf. Nadat de onrust toenam sinds half juni, is de olieproductie en –export in het zuiden van Irak onverminderd doorgegaan. In mei en juni werd zelfs de hoogste productie sinds ruim tien jaar behaald.

Een andere reden is de algemene verwachting dat de overwegend Soennitische rebellen veel meer tegenstand zullen ondervinden zodra zij de gebieden willen innemen die gecontroleerd worden door danwel de Koerden of de Sjiieten. De kans op gebiedsuitbreiding door de rebellen is dan ook minder groot. Ook is het niet duidelijk of het ISIS werkelijk te doen is om de olievelden in het zuiden van Irak. Immers, ISIS strijdt voor het oprichten van een kalifaat , en niet perse voor het veroveren van Irak. Het zijn hooguit de financiele mogelijkheden die de olievelden met zich meebrengen die ISIS er toe zouden kunnen brengen om verder door te stoten naar het zuiden van Irak.

De laatste reden is dat omringende olieproducenten (andere OPEC-leden) alsmede de internationale gemeenschap – en dan vooral de VS – niet zonder slag of stoot zullen toestaan dat ISIS de controle kan overnemen van de hoofdstad Bagdad en de grote olievelden in het zuiden. Hoewel het veroveren van Bagdad door ISIS niet direct de olieproductie zou raken, kan het wel leiden tot verhoogde marktonrust.

Hoewel het risico op mogelijke invloed op olieproductie en –export iets is toegenomen, schat de markt het risico op een volledige stilstand van de olie-exporten – op grond van de eerder genoemde argumenten – niet al te hoog in. Daarnaast weet men dat als de olieproductie in Irak wordt verminderd, deze in principe kan worden opgevangen door extra olieproductie in andere OPEC landen, en dan vooral door Saudi-Arabië. Hoewel het lastig zal zijn om de volledige olieproductie van Irak direct op te vangen (ongeveer 2.6 mv/d), zou de OPEC hiertoe naar eigen zeggen toe in staat moeten zijn. Dit zou wel tot gevolg hebben dat de reserve capaciteit (die olieproductie capaciteit die binnen 30 dagen in gebruik kan worden genomen) bijna volledig in productie moeten worden genomen. Eerder al werd de lagere productie uit Libië, Nigeria en Iran immers grotendeels opgevangen ten koste van de reservecapaciteit van de OPEC. Het overige deel wordt opgevangen door hogere olieproductie in de VS en Canada. Door een nog verdere verlaging van de reservecapaciteit wordt de markt sneller blootgesteld aan nieuwe calamiteiten. Dit zou ertoe kunnen leiden dat de risicopremie zal stijgen en daarmee mogelijk resulteert in een hogere olieprijs.

Irak als belangrijke factor voor de toekomst

In verhouding tot de mondiale dagelijkse productie van ruim 90 miljoen vaten per dag (mv/d) is de productie van Irak ‘slechts’ 3%. Toch is Irak een cruciale olieproducent wanneer men verder in de toekomst kijkt. De komende jaren zal de mondiale vraag naar olie verder toenemen, vooral gedreven door een hogere vraag vanuit Azië. In principe zou deze stijging in de vraag naar olie relatief gemakkelijk opgevangen moeten kunnen worden. Hogere productie in de VS/Canada, Iran en het terugkeren van productie in landen zoals Nigeria, Libië en Syrië zouden daaraan moeten en kunnen bijdragen. Een groot deel van de hogere vraag naar olie zou echter ook moeten worden opgevangen door hogere productie in Irak. Eerder gaf Irak aan de ambitie te hebben om haar olieproductie bijna te verdrievoudigen. De huidige crisis kan van invloed zijn op de benodigde investeringen om de productie te verhogen of zelfs op peil te houden en kan daardoor een bedreiging vormen voor de toekomstige benodigde olieproductie.

Basisscenario: stabiele tot licht dalende olieprijzen

Ondanks toegenomen risico’s gaat ons basisscenario – met een focus op de komende twee jaar – uit van stabiele tot licht dalende olieprijzen. Dit scenario gaat uit van voldoende aanbod van olie voor de komende jaren. De mondiale vraag naar olie stijgt wel, maar in een zeer gematigd tempo, en dan vooral gedreven door vraag vanuit Azie. Deze matig stijgende vraag naar olie kan worden opgevangen door de snel stijgende olieproductie in Non-OPEC landen zoals de VS en Canada. Daarnaast kan de huidige, en bijna structurele, daling van de olieproductie (Libië, Nigeria, Syrië, Iran) met zo’n 3 mv/d – als gevolg van onrust en sancties – tevens moeiteloos worden opgevangen en nauwelijks onrust, volatiliteit en olietekorten veroorzaken. Sterker nog, volgens de International Energy Agency (IEA) is er al sinds begin 2012 een overcapaciteit aan olie (figuur 3). Dat, gecombineerd met onze visie voor een herstel van de US-dollar, zijn de belangrijkste fundamenten van ons basisscenario met licht dalende olieprijzen richting de onderkant van de bandbreedte van USD 100-120/vat. Ook binnen ons basisscenario is een prijsstijging van Brent naar USD 120/bbl, inclusief mogelijke tijdelijke uitschieters naar boven, niet ondenkbaar als bijvoorbeeld de spanningen in Irak tijdelijk verder oplopen. De geschiedenis leert dat bij een structureel niveau boven de USD 120/vat de IEA (strategische reserves) en/of Saudi Arabie (OPEC) waarschijnlijk zullen ingrijpen.

Gezien de lage inflatie (al dan niet geholpen door subsidies) en verbeteringen in mondiale groei, kan een hoge olieprijs blijkbaar door de economie opgevangen worden, mits deze niet te volatiel is. En dat is het geval. Immers, sinds mid-2012 begeeft de Brent olieprijs zich in de eerder genoemde relatief nauwe bandbreedte van ruwweg USD 100-120/vat. Recentelijk heeft de olievolatiliteit een record dieptepunt bereikt alvorens als gevolg van de crisis in Irak licht te stijgen. Het moge duidelijk zijn dat de opwaartse risico’s met betrekking tot de olieprijs momenteel groter zijn geworden dan de neerwaartse risico’s.

Toegenomen risico’s

Een risicoscenario dat meer in beeld is gekomen na de recente ontwikkelingen in Irak, is het scenario waarbij de olieprijs structureel hoger komt te liggen. Zo’n risicoscenario treedt in werking als de prijs van Brent olie voor een langere periode boven de USD 130/vat noteert. Een structureel hogere olieprijs van meer dan USD 130/vat zou een significante invloed op de economie kunnen hebben. Een hogere olieprijs leidt immers tot geldverschuivingen van olieconsumenten naar olieproducenten. Ons inziens zou de olieprijs structureel hoger kunnen worden door één of meerdere van de volgende situaties:

  • Olieproductie in Irak wordt voor langere tijd gestremd waardoor de IEA strategische      reserves moet vrijgeven en/of de OPEC (Saudi-Arabie) de productie verhoogt ten laste van de reserve capaciteit;
  • De noodzakelijke investeringen om de verhoging van de Iraakse productie op termijn te waarborgen blijven achterwege als gevolg van de crisis;
  • De productie/export in overige OPEC landen blijft voor langere tijd gestremd (met name Libië, Iran en Nigeria) in combinatie met nieuwe productiestoornissen;
  • Extreme weersomstandigheden zorgen voor onverwacht lagere olieproductie voor langere tijd;
  • Olieproductie in de VS/Canada piekt aanzienlijk eerder dan verwacht en/of de verwachtingen met betrekking tot de groei van de olieproductie worden de komende jaren structureel niet gehaald;
  • De economische groei neemt onverwacht veel sneller toe, niet alleen in Azië, maar ook in de VS en Europa;

Desalniettemin mogen ook de neerwaartse risico’s niet worden genegeerd, zeker niet indien geopolitieke spanningen onverwacht snel afnemen en de vraag naar olie door matige economische groei achterblijft bij de ramingen.