Weekly Valuta’s – Herstel dollar door winstneming op shortposities

door: Georgette Boele , Roy Teo

De Amerikaanse dollar steeg vorige week ondanks de notulen van het FOMC en signalen van de Fed dat de arbeidsmarkt en de inflatie onder het streefniveau zijn. Het herstel kwam op gang toen beleggers winst namen op shortposities, in reactie op sterker negatieve berichtgeving rond andere valuta’s. De verwachting dat de ECB haar beleid verder gaat verruimen, drukte ook vorige week de euro. Wij denken dat de verwachte renteverlagingen inmiddels zijn ingeprijsd.

Licht herstel dollar door zwakker sentiment elders

De Amerikaanse dollar (USD) steeg vorige week ondanks de notulen van het FOMC – het beleidscomité van de Federal Reserve, de Amerikaanse centrale bank – en uitlatingen van Fed-functionarissen. Zij herhaalden dat de monetaire teugels voorlopig nog niet worden aangehaald en dat het proces van verkrapping, wanneer dit uiteindelijk op gang komt, langzaam en geleidelijk zal verlopen. Nadat de Amerikaanse dollar in de voorgaande weken was achtergebleven, namen beleggers vorige week winst op shortposities in de dollar onder invloed van het verslechterde sentiment in andere landen. Naarmate de datum van de volgende beleidsvergadering van de ECB dichterbij komt, neemt de druk op de euro verder toe. De markt is zich namelijk aan het herpositioneren voor verdere mone-taire verruiming. Wij denken dat een renteverlaging met 15 bp (ons basisscenario) nu volledig door de markt is verdiscon-teerd. De euro had vorige week ook te lijden van de tegenval-lende Duitse Ifo-indicator van het ondernemersvertrouwen.

 

140526-valutas1

De Australische dollar (AUD) moest terrein prijsgeven tegenover de Amerikaanse dollar nadat het consumenten-vertrouwen gedaald bleek te zijn tot het laagst niveau sinds augustus 2011. Dit was nog voor de Australische centrale bank de cyclus van monetaire verruiming begon in november 2011. De Nieuw-Zeelandse dollar (NZD) daalde ook in waarde. Hier drukte het restrictievere monetaire beleid het consumentenvertrouwen, en dan met name de verwachtingen-component. De Zweedse kroon (SEK) ging gebukt onder zwakke binnenlandse macrocijfers. Hierdoor is de verwachting in de markt dat een renteverlaging voor de deur staat, sterker geworden. De markt richt zich nu vooral op de inflatiecijfers die op 12 juni verschijnen; de volgende vergadering van de Zweedse centrale bank is pas op 3 juli. Het Britse pond (GBP) behoorde tot de weinige valuta’s die de Amerikaans dollar vorige week ‘versloegen’. Gesteund door een gunstige mix van positieve economische cijfers en minder naar verruiming neigende notulen van de vergadering die het MPC (het beleidscomité van de Britse centrale bank) eerder deze maand hield, won het pond aan kracht. Het MPC lijkt overigens heel langzaam op te schuiven in de richting van een discussie over renteverhogingen.

Gemengde performance valuta’s opkomende markten

De valuta’s van opkomende landen lieten vorige week een wisselend beeld zien. De Russische roebel veerde op na de verklaring van president Poetin dat zijn regering zou gaan samenwerken met de nieuwe president van Oekraïne. Optimisme over de hervormingsagenda van premier Modi steunde de Indiase roepie (INR). Wij blijven echter bij onze mening dat de huidige kracht van de roepie waarschijnlijk geen lang leven is beschoren gezien de problemen die aan meerdere fronten aangepakt moeten worden (economische groei, inflatie, begroting en lopende rekening). De Turkse lira (TRY) deed het vorige week iets beter dan de Amerikaanse dollar maar het koersverloop was grillig. De Turkse centrale bank verraste de markt door de reporente te verlagen van 10% naar 9,5%. Hiermee kwam een abrupt einde aan een kortstondige rally van de TRY. De Thaise baht moest ook terug: de markt is aan het inprijzen dat de economie zwaardere klappen krijgt omdat de politieke situatie ook na het ingrijpen van het leger onduidelijk blijft. De Indonesische roepia was vorige week de hekkensluiter binnen de groep opkomende economieën. Widodo, de belangrijkste presidentskandidaat, moet rekenen op sterkere concurrentie van de oppositie.