Stand van de Industrie – maart

door: Casper Burgering

Stand van de Industrie - maart 2014.pdf (1 MB)
Download

Deze presentatie geeft een beeld van de trends en ontwikkelingen van de belangrijkste economische indicatoren voor de industrie in binnen- en buitenland in maart. Deze presentatie wordt maandelijks geupdate. De hele presentatie kunt u hier downloaden en daarnaast treft u onderstaand een korte samenvatting.

Europa is het belangrijkste exportgebied voor Nederland: 80% van de totale exportwaarde gaat naar dit continent (cijfers 2013). Duitsland is van alle Europese landen samen de belangrijkste handelspartner van Nederland in 2013 (aandeel 31% in exportwaarde naar Europa), gevolgd door België (14% aandeel). Daarna volgt Frankrijk en het VK (beide circa 11%) en Italië  met 6% aandeel. Onze 6e belangrijke handelspartner is de Verenigde Staten.

In Duitsland blijven de omstandigheden relatief gunstig. De PMI index voor nieuwe orders en export staat ruim boven de 50 punten (= neutrale grens), ondanks de daling van de indexen in februari. Het optimisme in Duitsland is groot, zo blijkt uit diverse onderzoeken van belangenverenigingen. De Duitse vereniging voor machinefabrikanten (VDW) verwacht dat de productie in de Duitse machine-industrie dit jaar zal stijgen met 4% en dat zou een productierecord betekenen. Eerder kwamen de verenigingen van producenten van precisiegereed-schappen (VDMA) en de vereniging voor de Duitse industrie (BDI) ook al tot soortgelijke conclusies. Het grote optimisme in Duitsland wordt in mindere mate gedeeld in België en Frankrijk. handelspartners 1In België is het vertrouwen van industriële ondernemers nog overwegend negatief. Ook in België geldt dat de export het beter doet dan de binnenlandse vraag naar industriële producten. In Frankrijk blijft het aanmodderen en de PMI index en zijn deelindicatoren schommelen rond de neutrale grens van 50. Ook andere vertrouwens-indicatoren tonen aan dat onder-nemers nog onzeker zijn over de economische omstandigheden. Veel ondernemers zijn nog somber over de orderportefeuille. In het Verenigd Koninkrijk staan de signalen al enige tijd op groen. De PMI voor de industrie en zijn deelindicatoren staan al sinds het einde van het eerste kwartaal van 2013 boven de 50 indexpunten, waarbij opvalt dat vooral de nieuwe orders index een aanzienlijke spurt heeft doorgemaakt. Deze cijfers uitten zich ook in andere stemmingsindicatoren. Het economisch sentiment in het VK is al enige tijd solide. De goede stemming van de Britten zien we vervolgens ook terug in de groei van de import van industriële producten. De import van chemische producten blijft nog achter, maar de import van producten en halffabricaten in de metaalindustrie is toegenomen. In Italië is het industriële herstel pas eind 2013 ingezet. Sinds die tijd bevindt de PMI zich boven de 50 indexpunten, maar de positie is niet zo solide als in het VK. Dit zien we terug in de diverse indicatoren die het economisch sentiment monitoren. Over de orderpositie daarentegen zijn overwegend meer ondernemers positief gestemd. Het herstel in de Verenigde Staten werd al halverwege 2013 ingezet. Het sentiment is positief, maar recente tegenvallende economische cijfers laten een terugval zien.

Het ondernemingsklimaat is nog steeds positief in de Nederlandse industrie, maar is in februari wel afgezwakt. De bezettingsgraad is momenteel 79,6% en dit is nog ver verwijderd van het lange termijn gemiddelde van 82,4%.

sentiment feb

De basismetaalindustrie (zoals staalproductiebedrijven, aluminium- en zinksmelters, gieterijen en draadtrekkerijen) is de enige branche waarin de bezettingsgraad momenteel boven zijn lange termijngemiddelde staat. De vraag naar metalen in primaire vorm is toegenomen als indirect gevolg van de vraagopleving in andere branches in de industrie. De (vnl. buitenlandse) vraag bij de machinebouwers is dusdanig sterk dat de vraag ook toeneemt bij belangrijke toeleveranciers (zoals metaalproductenindustrie die veel machineonderdelen maakt van primaire metalen).

De harde cijfers in januari zijn bemoedigend. De omzet nam in januari toe met 0,2% j-o-j, de industriële productie groeide in januari 2014 verder met 2,0% j-o-j. De orderportefeuille groeide in omvang met 8,8% j-o-j, maar dit betreft de groei in december. Met de toename van de industriële productie in januari heeft de industrie in het laatste paar maanden een goede reeks neergezet, met vier maanden op rij groei van de productie. In het vierde kwartaal van 2013 werd een productiegroei gerealiseerd van 1,5% j-o-j, een goed herstel na drie kwartalen van krimp eerder dat jaar. De 2013 jaargemiddelden tonen nog krimp in veel branches, maar met de start van opleving in het vierde kwartaal van 2013 en de doorzettende groei in januari 2014, begint dit jaar voor de industrie vooruitstrevend.