Energie Monitor: Balanceren op geopolitiek terrein

door: Hans van Cleef

140307_Energie-Monitor-mrt_NL.pdf (273 KB)
Download
  • ·Spotprijs voor gas hoger door conflict Oekraïne, termijnprijzen vooralsnog onveranderd
  • · ‘Gestrande activa’ door implementatie CO2-reductie doelstellingen…
  • · …zou verdere investeringen in de energietransitie moeten stimuleren

Gasprijs Europa omhoog door onrust Oekraïne / Rusland

In de afgelopen dagen is de gasprijs in Europa opgelopen door het conflict tussen Oekraïne en Rusland. De spotprijzen op diverse gasbeurzen stegen met 7%. De termijnprijzen bleven echter relatief stabiel. Dit geeft aan dat het conflict tussen Oekraïne en Rusland vooral invloed heeft op het sentiment. Angst dat het een langdurig conflict kan worden, wat de gasleveringen aan bijvoorbeeld Europa voor langere tijd zal beïnvloeden, is er vooralsnog niet. De voorraden zijn relatief hoog door de milde winter en veel professionele marktpartijen kopen hun gas en olie vooral op de termijnmarkt. Daarom zal ook de impact op de economie in West-Europa vooralsnog beperkt blijven. De consument zal daardoor op korte termijn weinig van het conflict merken in de portemonnee, behalve dat de benzineprijzen iets oplopen .

Alleen als Rusland olie- en gasleveringen aan Europa zal verminderen – zoals tijdens het laatste conflict tussen Rusland en Oekraïne in 2009 – of Europa Rusland sancties zal opleggen, zal dit een groter zichtbaar effect hebben op de termijnprijzen van gas en olie. De betrouwbaarheid van Rusland als energieleverancier zou daardoor een nieuwe knauw krijgen en dat kan prijsverhogend werken. Na het vorige conflict in 2009 zijn er in Europa maatregelen genomen om minder afhankelijk te worden van Russische energiebronnen. Een aantal voorbeelden hiervan zijn: de aanleg van LNG-terminals, grotere inzet op duurzame energiebronnen, en meer import uit andere landen (zoals VK, Noorwegen en VS). Veel van deze initiatieven zijn echter erg kostbare, langjarige projecten die ook nog eens niet voldoende zijn om de afhankelijkheid van Russische energiebronnen volledig op te heffen. Tot slot is de aanleg van de Nord-stream pijpleiding gerealiseerd (van Rusland, door de Baltische zee, naar Duitsland waardoor en geen link meer is met Oekraïne). Hierdoor zal een  gasleveringsconflict tussen Rusland en Oekraïne minder impact zal hebben op gasleveringen naar Europa.

Rusland sterk afhankelijk van olie- en gasexporten

Energie is cruciaal voor de Russische economie (50% van het overheidsbudget en 70% van de exportopbrengsten komen van olie en gas). Grote investeringen in de Russische energiesector zijn nodig aangezien er grote uitdagingen zijn. Deze uitdagingen hebben niet alleen betrekking op de productie van energie, maar ook op hoe Rusland omgaat met haar klanten en hun afhankelijkheid van energie. Achterstallig onderhoud en het ontbreken van technologische ontwikkeling als gevolg van een gebrek aan concurrentie leidden tot  inefficiënte en ouderwetse energie-infrastructuur en productiemethoden. Tot op heden waren deze productiemethoden afdoende, maar inmiddels zijn grote investeringen nodig om de productie op peil en klanten tevreden te houden. Rusland probeert om deze buitenlandse investeringen te vergroten, maar dat zal lastig zijn, zeker na de recente ontwikkelingen. Voor meer informatie over de Russische economie en haar energiesector, zie ons rapport “Rusland Focus: Olympische reus loopt op energie

‘Gestrande activa’ op de balans

Meer en meer wordt er in de media gesproken over de mogelijke gevolgen van stranded assets, oftewel ‘gestrande’ activa. We willen uitleggen wat dit fenomeen inhoudt en wat de gevolgen hiervan op termijn zouden kunnen zijn. Met ‘gestrande’ activa wordt gedoeld op bezittingen, in dit geval de olie- en gasreserves van oliemaatschappijen, die wel op de balans staan, maar mogelijk niet gebruikt kunnen door veranderende wet- en regelgeving. Om aan de gestelde klimaatdoelstellingen van een maximale temperatuurstijging van 2 graden Celsius te voldoen, mag er slechts een beperkte hoeveelheid fossiele brandstof worden verbruikt. Volgens de International Energy Agency (IEA – World Energy Outlook 2013) zou een gelijkblijvend niveau van de huidige mondiale energieconsumptie leiden tot een gemiddelde stijging van 3,6 graden Celsius. Volgens het IEA zou ongeveer tweederde deel van de huidige fossiele reserves onder de grond gelaten moeten worden om aan de internationale doelstellingen te kunnen voldoen.

De recente media-aandacht gaat uit naar de gerapporteerde activa op de balansen van diverse grote onafhankelijke olie- en gasmaatschappijen. Echter, de zes grootste onafhankelijke maatschappijen beheren samen ‘slechts’ 3% van de mondiale oliereserves en 4% van de mondiale gasreserves. Dat geeft ons te denken over de gerapporteerde, mogelijk gestrande, reserves bij de veel grotere nationale olie- en gasmaatschappijen. Sterker, ook de grootverbruikers van energie, en dan met name de metaalverwerkende industrie, zouden met grote voorraden kunnen zitten die deels niet verwerkt kunnen worden vanwege strengere wet- en regelgeving op het gebied van CO2-uitstoot. Nationale olie-en gasmaatschappijen beheren het overgrote deel van de mondiale reserves. Bedrijven zoals Saudi Aramco (Saudi Arabië), Gazprom (Rusland), Petrobras (Brazilië) en Petronas (Maleisië) rapporteren grote reserves aan gas en olie. Zodra activa hun waarde lijken te gaan verliezen, zullen olie- en gasmaatschappijen extra hun best doen om die waarde vast te houden, met inachtneming van nieuwe technologische emissie eisen. Daarnaast investeren deze landen/bedrijven forse bedragen om nieuwe reserves te vinden en, indien economisch rendabel, te exploiteren. De vraag die veelal wordt gesteld, is of deze nieuwe investeringen nodig zijn indien de huidige reserves al voor een groot deel niet gebruikt kunnen worden vanwege strengere regels met betrekking tot CO2-uitstoot.

Grote stappen nodig om fossiele energie te verminderen

De IEA geeft ook aan dat, hoewel hernieuwbare energie een steeds groter deel gaat uitmaken van de energiemix, fossiele brandstoffen cruciaal blijven. Sterker nog, door de aanhoudend stijgende vraag naar energie vanuit opkomende markten (met name China en India) zal het verbruik van fossiele brandstoffen zoals gas, olie en zelfs kolen blijven stijgen. Dat geldt ondanks dat in het westen de vraag naar fossiele brandstof iets afneemt door energie-efficiency en een groter aandeel van hernieuwbare energie bij de elektriciteitsopwekking. Om echt grote stappen te kunnen zetten bij de vermindering van het verbruik van fossiele energie moeten nog heel wat hordes genomen worden. Om er een paar te noemen: 1) meer inzetten op energie-efficiency, bijvoorbeeld door isolatie; 2) zorgen voor een goedwerkend ‘Emission Trading Scheme’ (ETS) mechanisme waardoor CO2-uitstoot aanzienlijk duurder wordt en de economische noodzaak van groene energie aansluit bij de sociaal wenselijke aspecten; 3) inzetten op technologische ontwikkeling. Dit kan door ontwikkeling voor op grote schaal opslag zonne- en windenergie voor later gebruik, of door het rendement op zonne-energie te vergroten (momenteel rond 20%). 4) Europees, of nog liever mondiaal, afgestemd energiebeleid met daaraan ondergeschikt gemaakte nationale belangen.

Dit is echter niet allemaal op korte termijn te realiseren. Het inzetten op fossiele brandstoffen die minder CO2 uitstoten lijkt een eerste prioriteit. Gas is hiervoor de meest aangewezen brandstof, met een CO2-uitstoot die twee derde lager ligt dan bij kolen. Ook hiervoor is een goed werkend ETS mechanisme nodig. Het Europese parlement heeft afgelopen week een eerste plan goedgekeurd om een tijdelijke schaarste te creëren. Daarmee wordt de prijs van CO2-emissierechten verhoogd en wordt tijd gewonnen om een passend langetermijnbeleid op te tuigen. Deze eerste maatregelen leiden inderdaad al tot hogere prijzen, maar zijn vooralsnog niet voldoende om een daadwerkelijke transitie van het verbruik van kolen richting gas te bewerkstelligen.

Transitie van de energiemarkt

Ons basisscenario gaat uit van dalende olie- en gasprijzen in Europa gedurende de komende jaren. Voor de VS voorzien we wel licht stijgende gasprijzen als gevolg van economische groei, maar ook dan blijft de gasprijs daar op historisch lage niveaus. Deze visie is gebaseerd op een aantal argumenten. De olieproductie, en olieproductiecapaciteit, is ruim voldoende om aan de stijgende vraag te kunnen voldoen. De door het IEA gerapporteerde overproductie zal daarmee grotendeels in stand blijven (figuur 4). Verder verwachten wij dat, mede door de afbouw van de stimuleringsmaatregelen door de Federal Reserve, de Amerikaanse rentes en de dollar zullen stijgen. Als gevolg daarvan zullen grondstoffen minder aantrekkelijk zijn als investering. ‘Gestrande activa’ lijkt daarmee meer iets wat de prijzen op de middellange termijn structureel zou kunnen gaan beïnvloeden, maar wat op kortere termijn nog geen effecten heeft. Echter, de wet- en regelgeving die nu wordt gemaakt zal zeker een stempel drukken op de toekomst. Waar op termijn ‘gestrande’ activa minder waard kan blijken te zijn dan eerder aangenomen, is het goed om deze ontwikkelingen nu al te volgen. Het geeft nog maar eens aan dat de energiemarkt in een grote transitiefase zit. Hierbij moet een goede balans worden gevonden tussen het stimuleren van en investeren in fossiele en hernieuwbare energie. De politiek en regelgeving spelen hierbij een cruciale rol.