VS: De vaart zit erin

door: Peter de Bruin

140205-VS.pdf (46 KB)
Download

De economische groei lag het afgelopen halfjaar boven het potentiële tempo. Wij verwachten dat dit de komende tijd zo blijft. Het effect van de bezuinigingen is aanzienlijk afgenomen, waardoor het herstel in de particuliere sector kan doorzetten. De aantrekkende arbeidsmarkt en het balansherstel bij huishoudens stimuleren de consumptieve bestedingen, terwijl de historisch hoge winstmarges bedrijven aanzetten om meer te investeren. Tot slot is ook de vraag-aanbodsituatie op de huizenmarkt nog altijd erg gunstig, zodat de woningbouw weer snel moet kunnen bijdragen aan de groei. Wij verwachten dat de Fed doorgaat met de reductie van monetaire stimulering, maar het beleid blijft wel accommoderend: de rente wordt waarschijnlijk pas medio 2015 verhoogd.

Boventrendmatige groei voor tweede kwartaal op rij

Na een stijging van 4,1% in het derde kwartaal van 2013 was de groei ook in het afgelopen kwartaal solide. De groei van de consumptieve bestedingen versnelde van 2,0% naar 3,3% omdat huishoudens minder last hadden van de begin 2013 verhoogde belastingen. Daarnaast werd er opvallend meer uitgegeven aan investeringen: 6,9% tegen 0,2% in het derde kwartaal van vorig jaar. Ondanks deze sterke cijfers steeg de finale binnenlandse vraag met slechts 1,4%, tegen 2,3% in het derde kwartaal. Oorzaken waren het uitvoersaldo en de voorraden, die respectievelijk 1,3%-punt en 0,4%-punt aan de groei bijdroegen. Beide variabelen kunnen nogal volatiel zijn. Daarnaast gaf de federale overheid 4,9% minder uit. Dit had deels te maken met de tijdelijke sluiting van de overheid, die 0,3%-punt groei kostte. Tot slot daalden de investeringen in woningbouw en infrastructuur, wat erop duidt dat de bedrijvigheid in de bouw vertraagde. In totaal groeide de economie met 3,2%. Dit is voor het tweede kwartaal op rij boven het trendmatige tempo, dat wij ramen op 2,5%.

Minder bezuinigingen …

Dit is volgens ons het begin van een trend, met groeicijfers van circa 3,5% à 4,0% per kwartaal in 2014. De belangrijkste reden waarom wij inschatten dat we een periode van bestendige, boventrendmatige groei tegemoet gaan, is dat er in 2014 fors minder wordt bezuinigd dan in 2013. Zoals eerder aangestipt, kregen consumenten vorig jaar USD 180 mld aan extra loon- en inkomstenbelasting voor de kiezen. Gekoppeld aan USD 74 mld aan automatische bezuinigingen leverde dit op federaal niveau een ombuiging op van maar liefst 1,8% van het BBP. In 2014 waait de budgettaire tegenwind veel minder hard. Door het recente begrotingsakkoord heeft de federale overheid tot eind september geld en zijn de automatische bezuinigingen sterk verlaagd. Hierdoor nemen de discretionaire uitgaven, het deel van de federale uitgaven dat bepalend is voor het aandeel van de overheidsconsumptie en -investeringen in de nationale rekeningen, in 2014 naar verwachting met slechts USD 12 mld af (minder dan 0,1% BBP). De maatregelen waarmee bedrijven werden gestimuleerd om meer te investeren door sneller op bedrijfsmiddelen af te schrijven (goed voor USD 50 mld ofwel 0,3% BBP), worden zeer waarschijnlijk niet door het Congres verlengd. Maar omdat ze de totale belastingdruk alleen vooruitschoven, denken wij dat het effect van deze maatregelen op de investeringen klein, zo niet verwaarloosbaar, is geweest. Resteert als grootste bezuinigingspost slechts circa USD 20 mld (0,1% BBP) aan werkloosheidsuitkeringen die begin 2014 worden stopgezet.

… en meer uitgaven door de lokale overheid …

Het herstel wordt naar verwachting echter ook gestimuleerd door de lokale overheidsbestedingen. De uitgaven van de staten en lokale overheid stijgen al sinds het midden van vorig jaar. Mede gezien de hogere belastinginkomsten zet deze trend naar verwachting door. Wij denken dat de lokale overheidsuitgaven dit jaar een begrotingsimpuls opleveren van USD 30 mld, tegen USD 6 mld vorig jaar. Dit alles zou betekenen dat het totale bezuinigingstempo – federale plus lokale overheid – scherp daalt tot circa 0,3% van het BBP, tegen 1,7% vorig jaar.

 

… moeten consumenten bewegen meer te spenderen …

Hierdoor zou het herstel in de particuliere sector, met name van de consumptie, in 2014 stevig moeten aantrekken. Afgezien van december, toen het herstel van de arbeidsmarkt gehinderd werd door het slechte winterweer, ligt de gemiddelde banengroei de laatste maanden ruim boven 200.000. Dit wijst erop dat het herstel van de arbeidsmarkt geleidelijk aan vaart wint. De werkloosheid zal zich dus in neerwaartse richting blijven bewegen. Dit zou in een lichte opwaartse druk op de lonen moeten resulteren, die tot dusver op jaarbasis met slechts circa 2% zijn gestegen. Daarnaast is dankzij de florerende aandelen- en huizenmarkt de vermogenspositie van huishoudens verbeterd. Wij schatten dat het vermogen van huishoudens (bezittingen minus schulden) in 2013 met circa USD 8 mld is gegroeid (bijna 50% het BBP). Huishoudens hoeven dus minder te sparen, waardoor er volgens ons ruimte is voor een verdere daling van de spaarquote en een groter deel van het inkomen kan worden geconsumeerd.

…terwijl de vooruitzichten voor investeringen verbeteren…

Wij zijn inmiddels ook positief over de vooruitzichten voor de bedrijfsinvesteringen. De bedrijfswinsten droegen in het derde kwartaal 12,6% bij aan het BBP, het hoogste percentage sinds 1950. Gezien deze historisch hoge winstmarges en de aanhoudende groeiversnelling zullen bedrijven meer geneigd zijn te investeren.

… en het herstel op de huizenmarkt aanhoudt

Tot slot verwachten wij dat de investeringen in de woningbouw een belangrijke bron van groei blijven. De recente stijging van de hypotheekrente haalt de wind weliswaar iets uit de zeilen van het herstel op de huizenmarkt, maar in december 2013 werden er slechts 999.000 woningen in aanbouw genomen, nog altijd ruim onder het langetermijngemiddelde van 1,3 à 1,5 mln dat nodig is om gelijke tred met de bevolkingsgroei te houden. De vraag-aanbodsituatie voor nieuwbouw is dan nog altijd erg gunstig. Onze verwachting is dan ook dat de investeringen in de woningbouw de komende periode fors zullen aantrekken.

Inflatie gaat licht stijgen

De inflatiedruk blijft waarschijnlijk bescheiden. De inflatie kruipt de komende twee jaar langzaam omhoog, maar blijft relatief laag. Een geleidelijke verkrapping van de arbeidsmarkt zal zich langzaam in een hogere loondruk vertalen. Daar staat tegenover dat de inflatiedruk vanuit de woonlasten afzwakt: door de toegenomen bouwactiviteit komen meer huurwoningen beschikbaar en gaan de huren minder omhoog. Verder blijven de grondstoffenprijzen waarschijnlijk op een gematigd niveau.

De pijn van tapering …

In december besloot de Fed de kwantitatieve verruiming (QE) geleidelijk te gaan verminderen. De maandelijkse aankopen werden met USD 10 mld verlaagd. Dit onderstreept het grotere vertrouwen in de kracht van het economisch herstel. Zoals verwacht schroefde de Fed haar aankoopprogramma’s in januari met nog eens USD 10 mld terug naar USD 65 mld (USD 30 mld hypothecair gedekte effecten en USD 35 mld Treasuries). Gezien onze prognoses voor de arbeidsmarkt en de inflatie denken wij dat de Fed de aankopen in stappen van USD 10 mld blijft verlagen, met een laatste stap van USD 15 mld in oktober. De Fed blijft dus nog behoorlijk wat geld in de economie pompen: de totale aankopen komen dit jaar toch nog uit op USD 450 mld, slechts USD 150 mld minder dan onder het QE2-programma.

… is verzacht door aangescherpte beleidsindicatie

Het FOMC heeft de pijn van de tempering van de monetaire stimulering (tapering) verzacht door haar indicatie voor het toekomstig rentebeleid aan te scherpen. De werkloosheidsdrempel is gehandhaafd op 6,5% maar de beleidsrente zal nog een ruime periode nadat deze drempel is bereikt, ongewijzigd blijven. Dit weerspiegelt dat de Fed ook naar andere arbeidsmarktindicatoren dan de werkloosheid kijkt, en bovendien naar inflatie-indicatoren die doen vermoeden dat de Fed meent nog even te moeten wachten voordat ze de rente gaat verhogen.

Rendementen op Treasuries geleidelijk omhoog

Staatsobligaties (Treasuries) in de VS hebben een goede start van het jaar gehad. Dit komt voornamelijk doordat de onrust op opkomende markten de vraag naar veilige beleggingen heeft aangewakkerd. Wij denken dat een crisis in de opkomende markten vermeden zal worden en dat de wereldeconomie in de komende maanden duidelijk zal aantrekken. We verwachten daarom in de komende maanden een bescheiden stijging van de rente op Treasuries. Later in het jaar en in 2015 zal de rente, naar onze mening, verder stijgen. Dit sluit aan bij onze visie dat de Amerikaanse economie dit jaar sneller groeit dan de consensusverwachting en dat de werkloosheid sneller afneemt dan de Fed nu verwacht. Wij denken dat het werkloosheidspercentage in het vierde kwartaal van dit jaar tot 6% zal dalen en dat de Fed vanaf medio 2015 de rente gaat verhogen. Dit is eerder dan de financiële markten nu inprijzen. Naar onze mening zal de verwachting dat de rente in 2015 wordt verhoogd dan ook toenemen, wat – met name in de tweede helft van dit jaar – de rente moet doen opdrijven.

Deze publicatie is onderdeel van de kwartaal publicatie “Macro Visie 1e kwartaal 2014”

This publication is part of the Quarterly publication “Global Market View 2014Q1”