Tech-nomaden deel 1: van hier tot Silicon Valley

door: Steven Peters

Silicon Valley is een bijna mythische plek voor tech-ondernemers en een schoolvoorbeeld van een succesvol innovatief ecosysteem. Een plek waar de samengebalde kracht van cultuur, talent, ondernemerschap, onderzoek, kapitaal en een grote vraag naar innovatie een aantal van de meest succesvolle technologiebedrijven heeft voortgebracht.

Nederland is een klein land met grote multinationals. In de agrifood en hightech-industrie bijvoorbeeld, waar we een dominante internationale positie hebben. Het is daarom opvallend dat er in de sector Technologie, Media en Telecom (TMT) nauwelijks Nederlandse technologiebedrijven een grote rol spelen op het wereldtoneel.

Beursgenoteerde internetbedrijven kent ons land nagenoeg niet. TomTom is een van de weinige softwareproducenten die het in de afgelopen tien jaar zo ver heeft geschopt. Unit4 is een ander goed voorbeeld, maar dat verdwijnt van de Amsterdamse beurs vanwege een buitenlandse overname. Wat overblijft, is een aantal kleinere softwareproducenten, die succesvol zijn in niches van de markt.

ABN AMRO heeft jaarlijks contact met tientallen tech-ondernemers en gelukkig zien we in de dagelijkse praktijk een heleboel interessante, innovatieve technologiebedrijven. Er is de laatste jaren ook duidelijk meer animo voor ondernemen. Hoe zorgen we er samen voor dat er meer veelbelovende Nederlandse tech-bedrijven daadwerkelijk internationaal succes boeken en kunnen uitgroeien tot invloedrijke multinationals?

In dit rapport vergelijken we de TMT-ecosystemen van Nederland en Silicon Valley. Door veel te praten met ondernemers en investeerders in de TMT-sector, proberen we erachter te komen wat Nederland zelf al in huis heeft en wat ondernemers kunnen leren van grote internationale tech-bedrijven.

1.1 Van hier tot Silicon Valley

De naam Silicon Valley werd begin jaren 70 bedacht door ondernemer Ralph Vaerst en is een verwijzing naar het cluster van ontwikkelaars en producenten van siliconenchips. In de loop der tijd is dit zwaartepunt verschoven naar achtereenvolgens computers, software en internetdiensten.

Inmiddels is Silicon Valley de thuishaven van de grootste en meest innovatieve technologiebedrijven ter wereld. Van Google, Facebook en Apple tot HP, Oracle en Cisco. Daarnaast vind je er snelle groeiers, zoals Twitter en AirBnB. Dit ecosysteem met een bruisende startup-cultuur maakt Silicon Valley de bakermat van de wereldwijde tech-industrie.

Silicon Valley is veruit de sterkste regio voor tech-startups ter wereld, ook volgens het ‘Startup Ecosystem Report 2012’ van Telefonica. Tel Aviv is een goede tweede, Londen staat als enige Europese stad in de top 10 en Parijs en Berlijn volgen in de top 20. Amsterdam wordt genoemd in een rijtje van runner-ups, die de plaatsen 20 tot 40 innemen.

Figuur 1.1 Silicon Valley vergeleken met London, Tel Aviv en Nederland
Bron: Telefonica, ABN AMRO

Technologie, Media en Telecom in Nederland

Hoewel het Nederlandse TMT-ecosysteem nog niet zo ver ontwikkeld is als in andere landen, zijn er wel degelijk mogelijkheden voor jonge tech-bedrijven. Door de kleine thuismarkt zijn ze vaak snel internationaal actief. In 2012 was er in Nederland ongeveer 160 miljoen euro beschikbaar aan venture capital (vc) voor software- en internetbedrijven. Accelerator-programma’s als Startupbootcamp en Rockstart trekken veel deelnemers uit Nederland en de rest van de wereld.

ABN AMRO

Jorg van Gent (director sector origination TMT)

“De markt is gewoon kleiner in Nederland, en onvergelijkbaar met Silicon Valley. Maar innovatie is ook hier aan de orde van de dag. We komen zo’n vijf tot tien keer per jaar een tech-startup tegen die, schijnbaar uit het niets, ineens extreem succesvol wordt. Overigens, schijn bedriegt ook hier vaak: die ondernemers zijn vaak al een tijd bezig met de opzet van hun bedrijf.”

Silicon Valley: bakermat van de tech-industrie

Google, Apple en HP zijn slechts enkele wereldspelers in de informatietechnologie. Ze zijn ooit allemaal begonnen in een garage in Noord-Californië. Inmiddels is Silicon Valley uitgegroeid tot ’s werelds meest competitieve technologieregio, waar enorm veel hardware-, software- en internetondernemingen dicht bij elkaar zijn gevestigd.

Elkaars krachten benutten
Grote ondernemingen benutten de innovatiekracht van jonge bedrijven. Omgekeerd maken groeiende bedrijven gebruik van het kapitaal, de technologie en het netwerk van de grote spelers. Samen met prestigieuze universiteiten, zoals Stanford University en een groot investeerdersnetwerk vormen ze een hecht ecosysteem. Deze open cultuur van innovatie en uitwisseling maakt Silicon Valley een uniek gebied.

Door de kritische massa aan talent, netwerken en kapitaal, is dit volwassen ecosysteem ongeëvenaard in de hele wereld. De kloof met TMT-sectoren in bijvoorbeeld Tel Aviv, London, Berlijn en Parijs is nog redelijk groot.

Groot geworden door vraag naar innovatie
Veel bedrijven, nationale en lokale overheden houden de innovatie- en concurrentiekracht van Silicon Valley nauwlettend in de gaten. Welke drijvende krachten hebben dit succes bepaald? Er wordt soms (met een knipoog) gezegd dat het ideale klimaat van Californië bijdraagt aan de productiviteit van de bevolking en als magneet werkt om talent aan te trekken. Edward Jung, voormalig Chief Architect bij Microsoft, stelt dat het succes van de regio vooral te verklaren is door de constante vraag naar innovatie: “Borg een constante vraag en de innovatieve groeiers zullen volgen.”

Invloed van de Amerikaanse overheid
Door de jaren heen heeft het Amerikaanse ministerie van Defensie tientallen miljarden geïnvesteerd in de ontwikkeling van elektronica en informatietechnologie. Microchips werden in 1962 bijvoorbeeld alleen nog verkocht aan de Amerikaanse overheid. Tien jaar later waren deze technologieën al voldoende ontwikkeld om op grote schaal toe te passen.

Deze constante stroom van investeringen door Uncle Sam verkleinde de risico’s voor innovators. De vraag van de overheid was tenslotte een stuk betrouwbaarder dan die van de grillige consumentenmarkt. Dankzij het lagere risico tijdens de ontwikkelfase, konden fabrikanten nieuwe technologieën goedkoper toepassen in consumentenelektronica.

Dit zorgde voor een infrastructuur die de groei van startups bevorderde, waardoor steeds meer nieuwe technologiebedrijven het levenslicht zagen. Naast fabrikanten van hardware gebaseerd op siliconenchips, ontstonden vanaf de jaren 90 nieuwe software- en internetbedrijven, die nu voor een groot deel de groei van Silicon Valley bepalen.

Kettingreactie
In Silicon Valley is er een kritische massa van tech-bedrijven in alle levenfasen. Niet alleen de vele net gestarte bedrijven noemen zich startups, maar ook reuzen als Google zien zichzelf zo. Google definieert een startup namelijk als een groeiend bedrijf dat blijft innoveren en steeds nieuwe producten introduceert. Deze worden lang niet altijd in eigen huis uitgevonden.

Google en andere tech-giganten kopen kleinere spelers op om gebruik te maken van hun productinnovaties en intellectueel eigendom. De strategie van ‘kralen rijgen’ zien we op veel plaatsen terug in het ecosysteem van Silicon Valley. Daarnaast is deze aanpak de laatste jaren uitgebreid naar de rest van de wereld. Zowel Google als Apple hebben bijvoorbeeld veelbelovende startups gekocht in Tel Aviv. Het is ook de kern van het succes van de regio: schaalbare innovatieve oplossingen en producten worden ontwikkeld of gekocht en vervolgens verkocht over de hele wereld.

Authasas – een softwarebedrijf dat middleware maakt voor authenticatiemethodes

Reinier van der Drift (CEO): 

“Wij kunnen nooit de massa creëren die in Silicon Valley bestaat, dus je kunt beter een specialisme kiezen.”

Disruptie door innovatie
Succesvolle internationale initiatieven kunnen bestaande industrieën helemaal op hun kop zetten. Disruptive innovation is hiervoor de gevleugelde term. Het verwijst naar de theorie van creatieve destructie uit 1942 door econoom Schumpeter. Zo is de muziekindustrie drastisch hervormd door de komst van de iPod en iTunes. Europese spelers als Spotify en Deezer borduren hier alweer tijden succesvol op voort. Nokia, Motorola en RIM (Blackberry) zagen hun marktaandeel kelderen door Apple iOS en Google Android. De traditionele advertentiemarkt staat onder druk sinds de intrede van Google en Facebook en . kabelmaatschappijen krijgen te maken met streaming videodiensten als Netflix.

De disruptieve werking verplaatst zich ook naar andere sectoren. AirBnB is in korte tijd een belangrijke marktplaats geworden voor de particuliere verhuur van kamers en appartementen. Het bedrijf werd in 2008 opgericht en heeft eind 2013 al de grens van 10 miljoen overnachtingen bereikt. Naar verwachting zullen ze in 2014 meer overnachtingen faciliteren dan Hilton Hotels. Ook de auto-industrie krijgt nieuwe uitdagers uit de TMT-sector, denk bijvoorbeeld aan de Google driverless car.

Figuur 1.2

infographic-02

Platformgeoriënteerd businessmodel
Naast de opkomst van Silicon Valley als wereldwijd epicentrum voor disruptieve technologieën, is er ook een succesvol nieuw businessmodel ontstaan. Sterke merken als Apple, Google, Amazon, Ebay en Oracle hebben hun naam verder uitgebouwd door een reeks van producten en diensten aan te bieden die onderling sterk verbonden zijn. Ze hebben hun productgeoriënteerde businessmodel verruild voor een platformgeoriënteerde variant.

Dit platform zorgt voor een betere concurrentiepositie dan mogelijk is met alleen losstaande diensten en producten. Marshall van Alstyne, hoogleraar informatie-economie aan MIT, ziet het platformgeoriënteerde businessmodel als de andere belangrijke driver voor bedrijfsgroei in Silicon Valley.

Figuur 1.3

Zo werken platformmodellen
Een voorbeeld van een platform is iOS van Apple, het besturingssyssteem van de iPhone en iPad. Externe ontwikkelaars bouwen apps voor iOS, waar Apple op meerdere manieren van profiteert. Het bedrijf krijgt niet alleen 30% van de opbrengsten via de app-store, maar verzilvert zo ook de innovaties van derde partijen. Het platform vergroot de waarde van de Apple-producten voor de eindgebruiker. En dat leidt tot meer verkopen van bijvoorbeeld iPhones en iPads.

Waar Apple zijn platform voornamelijk zelf opbouwde, heeft Google eigen innovatie gecombineerd met de kennis van overgenomen bedrijven. Zo breiden ze hun aanbod van producten en diensten steeds verder uit.

1.2 Innovatie, economie en het TMT-ecosysteem in Nederland

Nederland heeft een hoogontwikkelde en open economie met relatief veel grote bedrijven die over de hele wereld actief zijn. Op een aantal terreinen behoort ons land zelfs tot de wereldtop, bijvoorbeeld in de hightech-industrie en de agrifoodsector. Deze specialisaties zijn over lange tijd opgebouwd en hebben geleid tot volwassen ecosystemen met enkele grote multinationals, zoals Philips, ASML en Unilever.

Klassieke Nederlandse groeipolen
In Nederland vindt de belangrijkste (wetenschappelijke) innovatie plaats in onder andere de regio Eindhoven (hightech) en universiteitsstad Wageningen (agrifood). Plekken als deze zijn net als Silicon Valley klassieke groeipolen – zoals omschreven in de ruimtelijke economie en economische geografie – waarin netwerkeffecten en de vrije uitwisseling van ideeën een belangrijke rol spelen.

Sterke economie
De sterke economische positie van ons land wordt keer op keer bevestigd door hoge scores op ranglijsten van vermaarde internationale instituten. Qua vestigingsklimaat en concurrentiekracht staat Nederland al jaren in de top 10. Op het terrein van innovatiekracht scoort ons land ook goed. In 2012 stonden we boven de VS op de vierde plaats van de Global Innovation Index. Alleen Zwitserland, Zweden en het Verenigd Koninkrijk scoorden hoger.

Figuur 1.4

Figuur 1.3

Bron: Economist/Deutsche Bank

Gemiddeld ondernemingsklimaat
Op ondernemingsklimaat scoort ons land echter gemiddeld. Dat komt voor een groot deel door regeldruk vanuit de overheid. Toch laten cijfers zien dat er in Nederland genoeg startups zijn, zelfs na een correctie voor de grote aantallen zzp’ers.

Innovatie-injectie is gewenst
Nederland presteert weliswaar goed op het gebied van wetenschappelijk onderzoek en het aantal octrooien en innovaties in het bedrijfsleven. Aan de andere kant zien we de totale R&D-uitgaven dalen, minder samenwerking tussen bedrijven en universiteiten en een afnemend aantal kenniswerkers. Daarom noemt TNO ons land in haar innovatierapport uit 2012 een innovation follower.

Negen topsectoren

Figuur 1.5
Bron: CBS

Jaarlijks is bijna 2% van het Nederlandse BBP beschikbaar voor Research & Development. Dit percentage is lager dan gemiddeld, in vergelijking met andere westerse landen. Ongeveer de helft is afkomstig van de overheid en de andere helft komt uit het bedrijfsleven, vooral het grootbedrijf. Het overheidsgeld wordt gebruikt om negen economische topsectoren te versterken: hightechindustrie, agrifood, chemie, watermanagement, tuinbouw, energie, biotechnologie en gezondheid, logistiek en creatieve industrie.

Afwijkend innovatiemodel
Nederland is van oudsher sterk gericht op innovatie van complexe producten door wetenschappelijke kennis. Anders gezegd: ons land heeft een meer gesloten wetenschappelijk innovatiemodel, gebaseerd op patenten en research in grote bedrijven. Dat is een cruciaal verschil met Silicon Valley. Daar bestaat juist een zeer open innovatiesysteem, waarin ideeën zich gemakkelijk verspreiden en de neiging tot samenwerking groot is. Technologiebedrijven in de TMT-sector zijn vaak hybride bedrijven waarbinnen bijvoorbeeld software- en website-ontwikkelaars samenwerken met grafisch ontwerpers en salesmensen. TMT-bedrijven gedijen daarom het beste in een open ecosysteem, zoals in Silicon Valley.

Climate-KIC – een investeerder en accelerator in cleantech-bedrijven

Frans Nauta (deputy director)

“Het innovatieklimaat in Nederland is gericht op wetenschappelijk onderzoek; er gaat weinig naar toegepast onderzoek naar markt- en productinnovatie. Zolang universiteiten alleen worden afgerekend op publicaties, zal dit niet veranderen.”

Het Nederlandse TMT-ecosysteem

Figuur 1.6
Bron: Economist/Deutsche Bank

Nederland heeft over het algemeen kleine tot middelgrote spelers, die vooral nationaal opereren of in specifieke niches internationaal actief zijn. Deze bedrijven moeten wél concurreren met de grootste en sterkste tech-bedrijven ter wereld, met name uit Silicon Valley.

Het lukt maar weinig Nederlandse TMT-startups om uit te groeien tot concurrerende multinationals. Gebrek aan venture capital wordt vaak genoemd als een van de oorzaken. Op dat gebied scoort Nederland inderdaad minder goed in vergelijking met andere landen. Maar is het alleen een kwestie van geld of speelt er meer? En is venture capital misschien via andere manieren te verkrijgen?

Toch zijn er zowel nu als in het verleden wel degelijk Nederlandse technologiebedrijven doorgebroken. Denk aan Baan Company, Booking.com, Unit4, Exact, TSS en WeTransfer. In Europa zijn Spotify, Skype en SoundCloud bekende succesverhalen.

Door internet is de wereld een stuk kleiner geworden. Investeerders van hier tot Silicon Valley zijn op zoek naar interessante nieuwe bedrijven. Dit betekent: kansen voor Nederlandse tech-ondernemers.

Fosbury – een online marketing-bedrijf dat mobile wallets toegankelijk maakt voor bedrijven

Lucas Tieleman (co-founder)

“Het TMT-ecosysteem is inderdaad beperkt, maar het is wel enorm verbeterd de afgelopen jaren. Internet wordt serieus genomen, mensen hebben meer aandacht voor en kennis over technologische investeringen. Er is dus meer geld beschikbaar.”

Lees deel 1: van hier tot Silicon Valley

Lees deel 2: lessen van Nederlandse tech-nomaden

Lees deel 3: conclusie

Of lees de hele paper in een longread