Weekly VS – Zwak derde kwartaal, maar vooruitzichten goed

door: Peter de Bruin

Economie I

Ook de cijfers van  afgelopen week wezen op een licht afzwakkende  economie in het derde kwartaal. De detailhandelsomzet daalde in september met 0,1%, na een toename van 0,2% in augustus. Dit kwam vooral door zwakke auto- en benzineverkopen. De kerndetailhandelsverkopen, die het nauwst zijn gerelateerd aan de reële persoonlijke bestedingen, stegen met een redelijke 0,5%. Toch blijkt hieruit een slechts bescheiden consumptiegroei. Wij denken dan ook dat de reële bestedingen in het derde kwartaal met 1,8% zijn gegroeid, dus ongeveer even snel als in het tweede kwartaal, wat aangeeft dat de consumptie nog steeds werd belemmerd door de belastingverhogingen van begin dit jaar. Al met al verwachten wij dat de deze week bekend te maken BBP-groei over het derde kwartaal zal uitkomen op slechts 1,8% op jaarbasis, vergeleken met 2,5% in het vorige kwartaal. Dit verklaart waarschijnlijk waarom de industriële productie in september met maar 0,1% en in het hele derde kwartaal met slechts 1,2% toenam.

 

131104 - US Economy I

 Economie II

De cijfers voor het vierde kwartaal lijken echter aan te geven dat de industrie in de komende maanden weer aan kracht zal winnen. Zo steeg de Chicago PMI in oktober van 55,7 naar 65,9, het hoogste peil sinds maart 2011. Daarnaast liep de ISM-index in oktober op van 56,2 naar 56,4. Met deze vijfde maandelijkse stijging op rij werd het hoogste niveau sinds april 2011 bereikt. Aan de andere kant daalde het consumentenvertrouwen in oktober onverwacht sterk van 80,2 naar 71,2 als gevolg van de stillegging van overheidsdiensten. Bovendien zijn er volgens het ADP-rapport in oktober in de private sector maar 130.000 nieuwe banen gecreëerd. Dit markeert de traagste banengroei sinds april. Toch denken wij dat de negatieve gevolgen van het tijdelijk sluiten van de overheid voor de economie van voorbijgaande aard zullen zijn en dat de cijfers vanaf november weer verbeteren. Dit zou in overeenstemming zijn met onze visie dat de economie in het vierde kwartaal licht zal versnellen doordat de budgettaire tegenwind minder sterk wordt.

 

131104 - VS Economie II

 Fed

De verklaring van de Fed na het oktoberoverleg neigde iets meer tot verkrapping dan verwacht. Weliswaar werden de FOMC-leden iets negatiever over de economie omdat informatie ‘over het algemeen’ aangaf dat de economische bedrijvigheid een ‘gematigde’ verdere toename had laten zien terwijl het herstel van de huizenmarkt ‘iets was vertraagd’. Maar hier stond tegenover dat de Fed zich, anders dan in september, geen zorgen meer maakt over krapper wordende financiële omstandigheden. Wij leiden hieruit af op dat het FOMC op dit moment tevreden is over het niveau van de langere rente. De verklaring gaf dan ook opnieuw aan dat afbouw van de obligatie-aankopen eraan zit te komen, hoewel het comité, evenals in september, eerst meer bewijs wil zien van ‘duurzame’ verbetering van de economie. Gegeven de gevolgen van het stilleggen van de overheid vragen wij ons af of dat dit moment al bereikt zal zijn gedurende de December vergadering. Wij gaan er daarom nog steeds vanuit dat de Fed in maart volgend jaar een begin maakt met het afbouwen van de kwantitatieve verruiming.

 

131104 - VS Fed

 Rente

Het was een slechte week voor Treasuries: na de stijging van de voorgaande week daalden de koersen weer. Aan het begin van de week bewogen de rentes zich nog zijdelings maar hierin kwam verandering op woensdag toen de verklaring van het FOMC iets meer “hawkish” bleek te zijn dan verwacht werd. De onverwachte stijging van de Chicago PMI (donderdag) en ISM-index voor de verwerkende industrie (vrijdag) dreven de rentes in de rest van de week verder op. Per saldo steeg de 10-jaars rente vorige week met 12 bp tot 2,62%. Wij denken dat de rente in de laatste maanden van het jaar nog wat verder oploopt, maar het opwaarts potentieel is beperkt omdat de macrocijfers waarschijnlijk een gemengd beeld laten zien als gevolg van de tijdelijke sluiting van overheidsdiensten. Voor volgende jaar voorzien wij een rentestijging naar 3,75%, wanneer de Fed vanaf maart haar programma’s van kwantitatieve verruiming geleidelijk gaat afbouwen en het economisch herstel aan kracht wint.

 

131104 - VS Rente