Sector update langdurige zorg

door: Anja van Balen

Voorkant medisch specialistenLangdurige zorg

  • Langer zelfstandig wonen; scheiden
    wonen en zorg
  • Groeiende regierol voor gemeentes
  • Stabilisatie collectieve uitgaven

Branchebeschrijving

Tot de langdurige zorg behoren de ouderenzorg, de gehandicaptenzorg en de langdurige geestelijke gezondheidszorg. De uitvoering en de financiering van de zorg vallen onder de AWBZ en de Wet Maatschappelijke ondersteuning (Wmo). In de sector zijn ongeveer 700 intramurale instellingen actief. In 2011 werd circa EUR 30 miljard uitgegeven door de intramurale instellingen (bron CBS) en werd voor ongeveer EUR 6,5 miljard extramurale zorg verleend. Per 1 januari 2013 hadden 802.000 personen een AWBZ-indicatie, waarvan 443.000 personen uitsluitend voor extramurale zorg.

Trends en ontwikkelingen

De voortdurende stijgende trend in AWBZ uitgaven, tot inmiddels bijna EUR 3.000 per volwassen Nederlander, wordt door de overheid een halt toegeroepen. Omdat door de vergrijzing het aantal potentiele cliënten groeit, kan een stabilisatie van de collectieve lasten alleen gerealiseerd worden door de toegangsdrempel tot intramurale zorg te verhogen en een deel van de kosten te verschuiven naar de cliënten zelf. De intramurale AWBZ wordt dan ook teruggebracht tot een kernvoorziening voor de meest kwetsbaren in de samenleving. Aangezien eigen regie en zelfredzaamheid de sleutelbegrippen van de overheid zijn, zullen de overige zorgbehoeftigen zo lang mogelijk zelfstandig moeten blijven wonen.

In de praktijk zullen zij in eerste instantie een beroep moeten doen op mantelzorg. Pas wanneer dit onvoldoende blijkt, kan een beroep gedaan worden op professionele hulp. Deze hulp kan zowel bestaan uit verzorging en begeleiding (vanuit de Wmo) als uit thuisverpleging (vanuit de Zorgverzekeringswet). Om deze structurele wijziging ten opzichte van de huidige situatie te kunnen doorvoeren, zullen wijknetwerken ontstaan met een groeiende rol voor de wijkverpleegkundige. De gemeenten en de zorgverzekeraars zullen een gedeelte van de regie op zich nemen.

Naast het verhogen van de drempel, is per 2013 de eigen bijdrage voor de kapitaalkrachtige cliënten sterk verhoogd, waardoor het AWBZ-deel van de zorgkosten afneemt. Ruim 30% van de cliënten zal vanaf 2018 minder intramurale zorg ontvangen. De sterkste daling zal vanaf 2015 plaatsvinden en wel in de langdurige ouderenzorg voor de lichte zorgvraag.

Onze visie

In 2014 worden de effecten van het scheiden van wonen en zorg voor het eerst zichtbaar. ABN AMRO verwacht dat zorginstellingen hun aanbod moeten inkrimpen en aanpassen. Doordat een groeiend deel van de zorg aan zelfstandig wonende cliënten zal worden verleend, kan het aantrekkelijk zijn om zelf commercieel vastgoed te ontwikkelen, gericht op een specifieke doelgroep. Marktonderzoek en concurrentieanalyse worden hierdoor nieuwe elementen in de besluitvorming.

Ook voor de intramurale cliënten zal er het nodige in de woonomgeving veranderd moeten worden. Door de sterk verhoogde eigen bijdrage gaan cliënten andere eisen aan het woongenot stellen, waar de intramurale instellingen in hun beslissingen rekening zullen moeten houden met de financiële draagkracht van de cliënten. Er ontstaat namelijk geduchte concurrentie van commerciële aanbieders. De woningmarkt voor zorgbehoevenden wordt meer en meer een vrije markt, waarin nieuwe spelers zullen toetreden. De afgelopen paar jaar werden al voorzieningen gerealiseerd voor de zeer kapitaalkrachtigen. De komende jaren zal er meer aandacht zijn voor woonvormen voor de middenmarkt. Hierbij denken wij aan woningen met een huur tussen EUR 700,- en EUR 2.000,- per maand.