Round table lokale samenwerking wijkgerichte aanpak

door: Eric Zwaart , Anja van Balen

round tableGemeenten en lokale zorg- en welzijnsorganisaties zoeken naar nieuwe vormen van samenwerking. Want steeds meer begeleidings- en ondersteuningsvragen worden vanuit de AWBZ overgeheveld naar de lokale overheid. Maar pasklare antwoorden zijn er nog niet. Hoe moet de samenwerking er concreet uit komen te zien? Over die vraag gingen zorgaanbieders, wethouders en bankiers, op uitnodiging van ABN AMRO, in gesprek.

 

‘Kijkend naar de door de kabinetsplannen veranderende spelregels komt veertig procent van onze omzet op losse schroeven te staan’, zegt bestuurder Hans Helgers van De Opbouw. De impact van het kantelende overheidsbeleid is groot voor deze zorgorganisatie voor ouderen, mensen met een verstandelijke beperking en jeugd. Voor De Opbouw zijn er twee opties. ‘Of we saneren veertig procent en beperken ons tot de ouderenzorg. Of we vullen de hulpvraag – die toch wel blijft bestaan – in samenspraak met de gemeente op een andere manier in.’ De Opbouw heeft voor optie twee gekozen, vertelt Helgers.

Burgerparticipatie

‘Ik verwacht Matteo Smit is manager innovatie en optimalisatie van Assist, een organisatie gespecialiseerd in het optimaliseren van zorgprocessen. Hij verwacht dat er veel zal gaan veranderen in de begeleiding en ondersteuning van mensen met een hulpvraag.

‘Welke partij het ook gaat leveren en hoe het ook wordt ingevuld, het aanbod zal efficiënt ingericht moeten worden.’ Overhead wegsaneren, dat is volgens Smit een van de uitdagingen waar de zorgpartijen voor staan. ‘De overheid wil de

burgerparticipatie vergroten. Professionele hulpverleners komen niet meer alle dagen voor het wassen en aankleden. De familie moet dat meer zelf oplossen. En de uren dat er dan wel begeleiding is, zullen op verzoek van de familie ingevuld worden voor zorg die zij zelf echt niet kunnen bieden. Dat zie je bij mensen met een PGB nu al gebeuren.

Beleidsruimte

‘Ik verwacht dat uiteindelijk alleen de WMO en de zorgverzekeringswet overblijven. Waarbij dan de zware zorgvragen uit de AWBZ ondergebracht zijn in de zorgverzekeringswet’, zegt D66-wethouder Jur Botter van Heemstede. Hij ziet de WMO zich ontwikkelen zoals een paar jaar geleden al de bedoeling was: met meer beleidsvrijheden voor gemeenten. Tot zijn opluchting. ‘De Tweede Kamer had op een verschrikkelijke manier ingegrepen in de WMO, waardoor wij niet de beleidsruimte kregen die we nodig hadden.’ De randvoorwaarden, verantwoordingsverplichtingen en benchmarks vlogen de wethouder naar eigen zeggen om de oren. ‘We zien aan de ene kant taakverzwaring en aan de andere kant bezuinigingen op gemeenten en zorgorganisaties afkomen. En het is nog onduidelijk welke beleidsruimte daarbij gehanteerd mag

worden’, zegt sectorbanker overheid en onderwijs Eric Zwaart van ABN AMRO. Hij ziet voor de bank een rol weggelegd om zorginstellingen en gemeenten te helpen uit die klem te komen.

Heemstede is volgens Botter klaar voor de nieuwe taken die op de gemeente afkomen. ‘Maar bij de zorgorganisaties moet nog wel een sanering plaatsvinden. Want we hebben alleen al in Heemstede met maar liefst tachtig tot negentig organisaties te maken.’ Dat de zorgorganisaties op hun beurt met in totaal vierhonderd gemeenten te maken hebben, is volgens de wethouder minder bezwaarlijk. ‘We werken als gemeenten toch al veel samen. Voor de WMO zijn we bijvoorbeeld sterk gericht op een aantal buurgemeenten. En op nog grotere schaal hebben we de samenwerking binnen onder meer de regio Midden- Kennemerland.’

Het roer om

Christen Unie-wethouder Aaike Kamsteeg van Zwijndrecht vertelt hoe zijn gemeente vorig jaar bij de aanbesteding van de huishoudelijke verzorging het roer al heeft omgegooid. ‘We hebben met de instellingen afgesproken dat ze niet langer betaald

worden om een bepaald aantal uren bij de klant te zijn. In plaats daarvan krijgen ze een vast bedrag en mogen ze zelf bepalen waar ze efficiencywinst kunnen behalen.’ Het werk wordt door de gemeente vooral op de uitkomst beoordeeld. Dat het huis schoon is bijvoorbeeld. Volgens Kamsteeg is de overheveling van de huishoudelijke verzorging naar de gemeente heel goed verlopen. ‘We hebben nooit demonstraties gehad van de SP of ABVAKABO. En dat terwijl er aanvankelijk zoveel over deze overheveling te doen was.’

Wat Kamsteeg betreft mag de huishoudelijke verzorging, waar nu veertig procent op gekort wordt, helemaal uit het packet verdwijnen. Het kost teveel in de uitvoering en leidt tot onnodige bureaucratie. Wethouder Botter valt hem bij. ‘Heemstede overweegt een vangnetregeling voor mensen die zelf geen huishoudelijke hulp kunnen betalen. En voor de rest faciliteren we in samenwerking met een uitzendorganisatie een aanbod van betaalbare huishoudelijke hulp.’

Wijkgericht

Bestuurder Helgers van De Opbouw verwacht dat de samenwerking tussen gemeenten en aanbieders de grootste uitdaging zal worden. ‘De klassieke vorm van gemeentelijke aanbestedingen, zoals je die bij de huishoudelijke verzorging zag, is niet geschikt voor het brede takenpakket dat nu op de gemeenten afkomt. Dat kan de ambtelijke infrastructuur niet aan.’

Tegelijkertijd biedt een wijkgerichte aanpak volgens Helgers veel kansen. ‘Ik zou het heel boeiend vinden om met de gemeente te kunnen afspreken dat we voor een periode van bijvoorbeeld vijf jaar een wijk mogen bedienen. Dan valt er best over de prijs te praten. Als wij maar toegang krijgen tot het databestand dat de gemeente in het kader van de Participatiewet bijhoudt. Want dan zie je dat er een student met een relevante opleiding thuis zit met een uitkering. Die kan misschien wel in de zorg ingezet worden. Er komt een veelheid aan hulpbronnen beschikbaar als je op deze manier gaat werken.’

Niets staat vast

De gemeente zal uiteindelijk deze regierol op zich nemen, zegt wethouder Botter. ‘We gaan niet langer wachten op het beleid van een zorg- of welzijnsorganisatie. De vragen op het gebied van welzijn en zorg hoeven ook niet per definitie ingevuld te worden via de zorginstellingen. In de jeugdzorg hebben we op ons initiatief met alle lokale partners gepraat over hoe we de decentralisatie van de jeugdzorg gaan aanpakken. Door het bij elkaar brengen van lokale organisaties ontstaat nieuwe dynamiek in de gemeente. Dat vind ik het mooie van deze tijd. Niets staat meer vast.’

Zwijndrecht heeft de lokale organisaties uitgedaagd om zelf met ideeën te komen. ‘Want gemeenteambtenaren hebben natuurlijk niet zoveel zicht op de inhoud van zorg en welzijn. Je ziet dat de organisaties zelf ook inzien dat het anders moet dan voorheen’, zegt wethouder Kamsteeg. Bij zorgorganisaties is er ook werk aan de winkel, beaamt Helgers.

Die moeten niet in de valkuil stappen een soort light-variant van de AWBZ-zorg te gaan aanbieden. ‘In de kern is er vooral vraag naar respijtzorg en naar een antwoord op eenzaamheidsproblematiek. Daar horen hele andere vormen van aanbod bij. Soms is het meer welzijn dan zorg.’

Wethouder Kamsteeg herkent de noodzaak van een ander zorgaanbod: ‘Welke interventies, anders dan dure professionele krachten, kun je verzinnen als er een eenzame oudere aan het WMO-loket staat?’ In het verleden heeft de zorg – met de beste bedoelingen – de vraag teveel gemedicaliseerd, stelt Helgers vast.

In gesprek blijven

Voor bankiers is een gesprek als dit belangrijk om de snelle veranderingen in het zorgstelsel goed te volgen, zegt sectorbanker zorg Anja van Balen van ABN AMRO. ‘Als een ondernemer zou aangeven veertig procent van de omzet te gaan verliezen, dan zou je die als bank bij de afdeling bijzonder beheer onderbrengen. Maar dat kan in dit geval toch niet de bedoeling zijn. We moeten als bank wel goed begrijpen hoe een zorginstelling in de toekomst zorg levert en daarmee inkomsten kan genereren. Daarvoor zullen gemeenten en zorgaanbieders samen moeten gaan werken’, stelt Van Balen vast. ‘Met dat gegeven houden wij ook rekening. Bent u als zorgaanbieder in gesprek met de gemeente? En kunt u een deel van de taken die voortaan als welzijn getypeerd worden blijven uitvoeren? Dat wordt een belangrijke vraag bij de beoordeling van een businesscase door de bank.’ Voor gemeenten en zorgorganisaties is het spannend hoe de burgerparticipatie daadwerkelijk op gang gebracht kan worden, zegt Matteo Smit van Assist. ‘Daar zal een systeem van beloning voor bedacht moeten worden. We moeten het vliegwiel vinden dat bij mensen voor een verandering van denken zorgt.’ Er is een maatschappelijke cultuurverandering nodig om nieuwe vormen van zorg en welzijn in de lokale samenleving mogelijk te

maken. Hier zijn alle gespreksdeelnemers het snel over eens. Over de weg daarnaartoe en over de ruilverkaveling die de zorgen welzijnsinstellingen moeten realiseren, daarover is het laatste woord echter nog niet gesproken.